Asielwetgeving In het Catshuis in Den Haag zijn de partijleiders van de vier coalitiepartijen bijeen. Het compromis betekent dat er geen noodwet komt, die het parlement buitenspel zou zetten. De PVV had daar zwaar op ingezet.
Na anderhalve maand politieke hoogspanning zijn coalitiepartijen PVV en NSC tot een compromis gekomen over asielbeleid. De twee Kamerfracties, die botsten over het uitroepen van een asielcrisis en vooral het invoeren van het staatsnoodrecht om dat mogelijk te maken, hebben woensdag onder begeleiding van premier Dick Schoof een akkoord uitonderhandeld.
Het compromis betekent dat er geen noodwet komt, die het parlement buitenspel zou zetten. De PVV had daar zwaar op ingezet. Wel komen er aanvullende asielmaatregelen.
PVV en NSC hebben onder meer afgesproken dat asielvergunningen voor onbepaalde tijd worden afgeschaft en dat tijdelijke asielvergunningen voor drie in plaats van vijf jaar worden verleend. Ook wordt het nareizen van meerderjarige kinderen en ongehuwde partners verboden en hoeven gemeenten geen huisvesting meer te verlenen aan statushouders. In plaats daarvan komen er „sobere voorzieningen”. Wat dat inhoudt is onduidelijk. Ook worden landen, waaronder Syrië, als veilig aangemerkt. Dat staat in een conceptbrief die in handen is van de NOS.
In het Catshuis in Den Haag, de ambtswoning van Schoof, zijn de partijleiders van de vier coalitiepartijen aangeschoven, ook VVD en BBB. Zij moeten hun goedkeuring nog geven over het akkoord, en waren buiten de onderhandelingen gehouden. VVD-leider Dilan Yesilgöz had vorige maand al gezegd: „Het is mij om het even. Het noodrecht, een spoedwet of een andere manier.” Alhoewel het gebruik van noodrecht om de asielinstroom in te perken al in het hoofdlijnenakkoord – waar NSC ook de handtekening onder heeft gezet – was opgenomen, wilde de partij van Pieter Omtzigt toch niet meewerken aan het uitroepen van de asielcrisis. Dat betekent dat het kabinet buiten de Tweede en Eerste Kamer om asielmaatregelen door zou kunnen voeren.
Voor NSC, dat van rechtsstatelijkheid en de macht van de Kamer een speerpunt heeft gemaakt tijdens de Tweede Kamerverkiezingen en daarna, was zo’n maatregel onaanvaardbaar. In een bijzin in het regeerprogramma had NSC toegevoegd dat een asielcrisis „dragend gemotiveerd” zou moeten worden. Plaatsvervangend fractievoorzitter Nicolien van Vroonhoven, die partijleider Pieter Omtzigt vervangt, wees daarop tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen én zei dat ze er een „hard hoofd” in had of zo’n motivering wel mogelijk was. Volgens juridisch experts was het onmogelijk om zo’n stap te onderbouwen.
Ambtenaren van het ministerie van Binnenlandse Zaken noemde het plan in interne communicatie „niet aanvaardbaar vanuit democratisch en rechtsstatelijk oogpunt”. Minister van Asiel en Migratie Marjolein Faber (PVV) hield de afgelopen weken stug vol dat zij toch met een dragende motivering zou komen, of dat die er zelfs al was. Intussen liet PVV-leider Geert Wilders de spanningen steeds hoger oplopen door herhaaldelijk met een kabinetsval te dreigen als NSC niet zou instemmen met de asielcrisis. Van Vroonhoven wilde niet inbinden. Minister van Binnenlandse Zaken Judith Uitermark (NSC), die in de ministerraad zou moeten instemmen met de asielcrisis, zei twee weken terug: „Natuurlijk houd ik mijn rug recht.” Aankomende vrijdag had Faber haar motivering moeten presenteren aan de ministerraad, maar de botsing die daar met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid uit was gekomen, hebben de coalitiepartijen nu weten te voorkomen.
Opvallend is ook dat in het afgesproken maatregelenpakket expliciet staat aangegeven dat het kabinet „zo mogelijk dit jaar” al de spreidingswet intrekt. Het plan zou eerst zijn om dat later pas te doen. De spreidingswet, waarin wordt geregeld dat alle gemeenten naar draagkracht asielzoekers opvangen om de overbelaste opvanglocaties in Ter Apel en Budel te ontlasten, is al sinds die vorig jaar werd behandeld een doorn in het oog van Wilders.
Begin iedere werkdag met een overzicht van al het politieke nieuws
Source: NRC