Binnenkort is het 2 november en dat is de dag waarop Theo van Gogh werd vermoord. Volgende week zaterdag twintig jaar geleden. Zelf hoop ik altijd die dag te vergeten, zoals ik ook een keer de verjaardag van een van mijn ouders ben vergeten. Maar ja, je loopt op straat en ineens opent zich een la in je geheugen: het was gisteren! Je belt meteen. Ze begrijpen het wel, maar eigenlijk hebben ze al die tijd bedroefd bij telefoon zitten wachten tot je bellen zou.
Zo gaat het bij mij ook met de dag van Theo’s moord. Die dag en de eerste dagen daarna waren erg surrealistisch en hallucinerend. Theo lag opgebaard onder een wit laken, met een vreemde vredige blik. Een collega meende (ten onrechte) te zien dat onder dat laken een lichaam lag met slechts één been. Waar was dat andere been gebleven? Ik begreep mijn collega volkomen, omdat het een gebeurtenis was die geheel losgezongen leek te zijn van de werkelijkheid. Een gewelddadige moord in je vriendenkring die tot ver over de grenzen tot grote beroering leidt, dat overkomt je niet elke dag.
Over de auteur
Max Pam is schrijver en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Er is altijd wel iemand die mij eraan herinnert dat de dag nadert. In dit geval was dat David de Jongh, de maker van een vierdelige serie die momenteel wordt uitgezonden onder de titel De hunkering. Dat was ook de titel van Theo’s datingshow, waarvan ik nooit een aflevering heb kunnen uitzien. Het enige grappige eraan was de Kip caravan, waarin de zogenaamde winnaars na afloop werden opgesloten. Bij Theo ging alles over de top, dat was zijn manier om te hunkeren naar erkenning.
Documentairemaker De Jongh heeft enkele fraaie portretten op zijn naam staan, zoals Foto-Eddy over zijn vader en De waarheden van Renate Rubinstein. Altijd veel talking heads, plus wat er bestaat aan filmbeelden, vaardig aan elkaar gemonteerd tot een geheel dat je niet onberoerd laat. Maar in De Hunkering werkt dat procedé een stuk minder. Weliswaar is Theo van Gogh net als de fotograaf Eddy de Jongh en de columniste Renate Rubinstein een karakter dat de moeite waard is om te leren kennen, maar bij Van Gogh speelt er een hele geschiedenis omheen, die groter is dan hijzelf. De kracht van Foto-Eddy en van Renate bestond eruit dat zij vooral zichzelf waren, niets meer niets minder. Maar bij Van Gogh ligt dat wat anders en daarvan vind je weinig terug in de serie.
Het blijft vooral dichtbij Theo en bij zijn gespleten persoonlijkheid van afschrikken en aantrekken, van provoceren en geliefd willen zijn. Het hobbelt daardoor een beetje van quoteje naar quoteje, die nooit veel langer duren dan dertig seconden, om vervolgens afgewisseld te worden door wat beelden van Theo zelf, het liefst in een zo extreem mogelijke pose. Op den duur trad er bij mij toch iets van verveling op, hoezeer de beelden van een postume Van Gogh ook zijn hedendaags publiek nog op stang kunnen jagen.
Onlangs sprak Ahmed Aboutaleb, de afgezwaaide burgemeester van Rotterdam die destijds wethouder was in Amsterdam, zich in deze krant uit over de moord: ‘Het was misschien wel de belangrijkste wending in mijn leven. Ineens stonden we voor de enorme taak om de stad rustig te houden, en op dat moment ontdekte ik dat er maar één persoon was die dat kon doen: ik.’
Dat klinkt nogal hovaardig, maar achteraf zou het best eens kunnen zijn dat het optreden van Aboutaleb belangrijker is geweest dan dat van zijn burgemeester Job Cohen. In moskeeën dronk Aboutaleb even geen kopjes thee, maar sprak hij harde taal en liet hij zijn geloofsgenoten weten dat de moslims die zich niet aangesproken voelden door de Nederlandse rechtsstaat ‘beter hun koffers konden pakken’.
Helaas is Aboutaleb niet geïnterviewd voor de documentaire. Dat geldt trouwens voor meer getuigen, die iets te zeggen hebben over de sociale omstandigheden waaronder de moord werd gepleegd. Een aantal van Theo’s vijanden liet het werkstuk sowieso aan zich voorbijgaan, als een stuk vlees dat na al die jaren nog veel te taai is. Dat viel te verwachten, maar het maakt het bijna vier uur durend portret toch nog onvolledig. Een kleine wraak, twintig jaar na de dood van de aarts-provocateur.
In een poging om de serie van een Freudiaans vleugje te voorzien, wordt de moeder van Theo tamelijk onheus behandeld. Dat hij met zijn moeder naar bed was geweest, iets waar hij met een brede grijns van gespeelde trots over sprak, is niets anders dan een hoax. Jaahaa, Theo, heel erg, maar ik heb het gisteren met een konijn gedaan. Enzovoort.
De hunkering, vooral aanbevolen voor wie wil weten hoe het eraan toeging in minder preutse tijden.