Guus Til is minder blij met het gelijkspel (1-1) van PSV dinsdag in de Champions League tegen Paris Saint-Germain dan zijn teamgenoten. De middenvelder beseft de Eindhovenaren een uitstekend resultaat hebben geboekt, maar doordat hij een enorme kans verprutste ontbreekt de echte euforie.
"Ik had je hier euforisch verwacht. Is dat niet zo?", was van de vragen voor Til in de persconferentiezaal dinsdagavond laat in Parc des Princes. "Misschien is dat toch de nasmaak van die kans", antwoordde de middenvelder. "Het was wellicht anders geweest als hier een andere speler had gezeten."
Met "die kans" doelde Til op het moment in de zestigste minuut bij een 1-1-tussenstand. Luuk de Jong kopte de bal door, waarna Til ineens vrije doortocht had richting het doel van PSG-keeper Gianluigi Donnarumma. De vijfvoudig Oranje-international kon zelf binnenschieten, maar in plaats daarvan besloot hij de bal opzij te tikken naar de meegelopen Noa Lang. PSG-aanvoerder Marquinhos kon daardoor alsnog ingrijpen.
"Zo'n moment is niet uit te leggen", vervolgde Til, die daarna toch een poging deed. "Als je zolang naar de keeper loopt en er loopt een medespeler mee, dan denk je steeds: ik moet hem eigenlijk spelen. Maar ik zag Marquinhos niet. Uiteindelijk moet ik gewoon zelfzuchtiger zijn. Misschien onderschat ik mijn eigen snelheid soms. Ik ben best snel voor een middenvelder, daar moet ik meer gebruik van maken."
Had Til wel gescoord, dan was de treffer mogelijk afgekeurd, omdat Luuk de Jong de bal op randje buitenspel (of net erover) doorkopte.
Til: "Als het buitenspel was, verzacht dat de pijn wel een beetje. En als je eerlijk bent dan mogen we uiteindelijk ook gewoon blij zijn met een punt. Gaandeweg de tweede helft liepen we op het tandvlees. Het was vechten tot het einde."
PSG kreeg veel meer kansen dan PSV, dat in de extra tijd dankzij de VAR ontsnapte aan een strafschop. De Zweedse scheidsrechter Glenn Nyberg floot voor een penalty na een sliding in de extra tijd van Olivier Boscagli. Na bestudering van de beelden ging daar een streep doorheen, omdat bleek dat Boscagli de bal speelde.
"We kropen door het oog van de naald", zei Til. "Dus natuurlijk mag er blijdschap zijn. Maar we zitten niet met ons hoofd in de hemel. Dan hadden we moeten winnen."
Source: Nu.nl algemeen