Home

‘We willen allemaal dat anderen naar ons luisteren. Maar luisteren we ook terug?’

In een wereld waar mondigheid en meningsuiting centraal staan wordt er heel veel gezonden, maar steeds minder geluisterd. Filosoof Miriam Rasch schreef het boek Luisteroefeningen – Over aandacht en ontvankelijkheid. En leerde: goed luisteren vergt radicale openheid.

Ianthe Sahadat is journalist van de Volkskrant, met bijzondere aandacht voor filosofie en cultuur.

De wereld kan best een kwartier zonder mijn mening. Dat denkt filosoof en schrijver Miriam Rasch tegenwoordig als ze de aandrang voelt om in discussie te gaan of direct te reageren op wat iemand zegt. Niet dat ze een querulant is, of overal nou zo’n stellige mening over heeft, maar een goede luisteraar was ze ook niet. En precies dat besloot ze de afgelopen jaren te worden.

We leven in een cultuur van zenden, analyseert Rasch (46). Mondigheid en meningsuiting staan centraal. Iedereen wil ‘gehoord worden’. We verheffen onze stem, delen onze mening, spreken ons uit. Maar als iedereen voortdurend van zich laat horen, wie luistert er dan nog?

Die vraag liet haar niet los. In combinatie met haar zorgen over de polarisatie en verharding van het maatschappelijk debat en over onze door moderne technologie gekaapte aandacht (overprikkeling!) besloot ze zich te verdiepen in het vermogen dat ‘spreken’ automatisch veronderstelt: luisteren.

Het resulteerde in haar nieuwste boek Luisteroefeningen – Over aandacht en ontvankelijkheid. Rasch, filosoof en onderzoekscoördinator bij de Willem de Kooning Academie in haar woonplaats Rotterdam, buigt zich in haar werk vaak over de invloed van technologie en digitalisering op het moderne leven. Eerder schreef ze Zwemmen in de oceaanBerichten uit een postdigitale wereld, Autonomie – Een zelfhulpgids en Frictie – Ethiek in tijden van dataïsme, waarmee ze in 2021 de Socratesbeker voor het beste filosofieboek won.

Ook in Luisteroefeningen speelt technologie een fundamentele rol. Aan de hand van filosofen, kunstenaars en de weerbarstige (politieke) werkelijkheid probeert Rasch te ontrafelen wat goed luisteren is. Is het misschien een burgerplicht? En hoe luister je in een door sociale media gedomineerde context?

Haalt ‘een dialoog’ de angel uit het verharde publieke debat? Hoe luister je naar oorlogs- en ander nieuws? Kunnen we überhaupt onbevangen luisteren? En naar wie moet je luisteren? Welke stemmen missen we? Ingewikkelde vragen, die Rasch – elegant en essayistisch – niet van makkelijke antwoorden voorziet.

Na een uitvoerige zoektocht en zelf haar luisterend vermogen (en haar tot wegdromen geneigde hoofd) te hebben getraind komt ze tot de conclusie dat luisteren geen wondermiddel is (‘die bestaan niet’), maar wel ‘een krachtig instrument’ om het hoofd boven water te houden in de maalstroom van meningen, nieuws, proefballonnen, haatberichten, ophef, lawaai en overige prikkels.

Op haar flexwerkplek op een steenworp van het Rotterdamse Centraal Station installeert Rasch zich op een ochtend in oktober om te spreken over luisteren. En nee, de ironie daarvan ontgaat haar niet.

Tijdens het lezen van je boek vroeg ik me af: wíllen mensen eigenlijk wel beter leren luisteren?

Lachend: ‘Ik denk dat veel mensen dat niet per se willen.’ Dan, ernstig: ‘Maar ik wel. Ik wilde weten of luisteren zou kunnen helpen om de mensen met wie ik leef, in dit land, in de wereld, beter te begrijpen. En of ik, zo idealistisch ben ik wel, daarmee zou kunnen bijdragen aan een betere wereld.’

Luisteren is ‘in’, schrijft Rasch. Ook in het bedrijfsleven, waar het barst van de boeken en trainingen over luisteren en leiderschap. Veel van dit ‘luisteren voor de bühne’ levert weinig meer op dan een pr-moment. Het is weinig oprecht, weinig aandachtig, vluchtig.

Ook politici maken zich schuldig aan deze vrijblijvende luistervariant. Het oogt sympathiek, hoffelijk, betrokken. Iemand die zegt: ik luister naar jullie zorgen. Maar het is zelden meer dan een show. ‘Goed luisteren vraagt juist om bescheidenheid. Het gaat niet om jouw ego.’

‘Meer met elkaar in gesprek gaan’ zou mensen aan weerszijden van het politieke spectrum nader tot elkaar brengen. Dat is een misvatting, schrijf je.

‘Luisteren kan een begin zijn om de dynamiek van verharding en onverschilligheidten opzichte van de ander te doorbreken. Omdat je ziet: hé, die ander is ook een mens, met kinderen, ouders, problemen en zorgen. Maar een gesprek leidt niet per definitie tot toenadering of mildere opvattingen. Luisteren kán bijdragen aan meer begrip, maar het kan ook tot volkomen onbegrip leiden. Iets of iemand beter begrijpen is niet hetzelfde als begrip hebben.

‘In veel gesprekken ligt de nadruk helaas op spreken, niet op luisteren. We willen allemaal dat anderen naar ons luisteren. Maar luisteren we ook terug? Daarom leek het mij goed om zelf beter te gaan luisteren naar anderen. En dan niet met als doel dat er vervolgens naar jou geluisterd wordt. Want een van de belangrijkste eigenschappen van luisteren is doelloosheid; zodra je een doel voor ogen hebt, ben je eigenlijk al niet echt meer aan het luisteren.’

Wanneer is iemand een goede luisteraar?

‘Om goed te luisteren moet je je concentreren, daar begint het mee. Je moet nieuwsgierig zijn, je openstellen en, voor zover mogelijk, niet oordelen. Daarmee bedoel ik niet dat mensen moeten stoppen met het vormen van meningen of met het zelf laten horen van hun stem. Dat kan daarna weer.

‘Zuiver oordeelloos luisteren is onhaalbaar. We zijn opgetrokken uit oordelen en bagage, door wat we hebben meegekregen, waar we wonen, wie onze ouders zijn. Dat bepaalt mede wat we precies horen, waar we ontvankelijk voor zijn, hoe we het gehoorde interpreteren. Daarom is het van belang onder ogen te zien: dit is hoe ik in de wereld sta, hoe ik de dingen om me heen begrijp en dus hoe ik luister.

‘Als je dat helder hebt, is de tweede stap te proberen je oordelen en opvattingen voor een korte periode naast je neer te leggen. Datzelfde geldt voor verwachtingen. We zijn geprogrammeerd om alle informatie die op ons af komt meteen te interpreteren, te willen begrijpen. Met het gevolg dat we al luisterend beginnen in te vullen, waardoor je hoort wat je verwacht en niet wat er wordt gezegd. Dat is moeilijk, het vergt oefening, maar het kan je echt ontvankelijk maken voor wat iemand zegt. Voor het onverwachte of misschien confronterende dat kan komen.

‘Ik zie het zelf als een klein venster waarin je alleen maar aandacht bent, zonder oordeel. Dat is niet hetzelfde als passiviteit. De ontvanger is nodig om het verhaal van de spreker te kunnen laten bestaan. Dat maakt je als luisteraar een actieve deelnemer.’

Kun jij inmiddels oordeelloos luisteren?

‘Ja, maar het ging niet vanzelf. Wat mij veel heeft geholpen is het inzicht dat iemands woorden niet per se betrekking op mij hebben. We zijn geneigd om alles wat we horen als een gesprek op te vatten. Een goede vriend vertelde dat hij stemt op een partij die ik vreselijk vind. Mijn eerste reactie was emotioneel, een vorm van verontwaardiging. Blijkbaar vat ik zijn opvatting als een persoonlijke belediging op.

‘Zodra zulke emoties opkomen, schiet je in de verdediging, ik wilde hem overtuigen dat hij verkeerd zat. Terwijl goed luisteren een vorm van radicale openheid vergt. Luisteren impliceert ook dat je de diepte in gaat, vragen stellen hoort er dus bij. Ik ben mezelf gaan trainen in de rol van meer gedistantieerde waarnemer. En het blijkt prettig om soms te denken: dit gaat niet over mij.’

Dat zouden meer mensen moeten doen.

‘Ja, maar het betekent niet dat je naar alles of iedereen moet luisteren. Naar meningen waar je onpasselijk van wordt, bijvoorbeeld. Of als het luisteren niet wederkerig is. Waarom zou je luisteren naar mensen die zelf nooit luisteren? Naar mensen die oproepen tot geweld, of die anderen online met drek besmeuren, hoef je van mij niet te luisteren ‘om te begrijpen waar het vandaan komt’. Ik bedoel meer dat beter luisteren je kan helpen navigeren door alle informatie en meningen die op je afkomen.’

De ‘grens tot waar’ je kunt luisteren, bepaalt iedereen zelf, zegt Rasch. Al vindt ze dat we ‘best wat langer door kunnen luisteren dan we geneigd zijn te doen’.

Het luisteren naar de ‘zich als ongehoord afficherende’ burger, ontmaskert Rasch als vorm van zenden. Omdat het doel, van bijvoorbeeld politici als Wilders, helemaal niet is om te luisteren. ‘Maar het verwerven van eigen macht, door het debat met bepaalde sentimenten te voeden.’ Zenden, dus, vermomd als luisteren. ‘En het is niet alsof deze stemmen nog ongehoord zijn. De megafoon staat zo’n beetje sinds Pim Fortuyn al op de onderbuik van de bezorgde burger.’

Hoe kun je online, de plek waar veel mensen hun ‘nieuws’ halen, goed luisteren?

‘Daar worstel ik mee, want sociale media zijn door de daar heersende algoritmen verworden tot een modderstroom van meningen. Tegelijk is het internet onmiskenbaar de plek waar veel bewegingen konden groeien, van #MeToo of Black Lives Matter, tot welnessrechts en alt-right.

‘Het idee dat Twitter ooit een plek was om naar mensen te luisteren is onzin. Dat hele medium was en is ingericht op zenden. Iets liken is ook zenden, want dan komt het bericht hoger. En sinds Musk is X verworden tot een totale beerput. Ik kom er niet meer, en ik was echt een fan.

‘Een belangrijk omslagpunt was de overname van Instagram door Facebook, in 2012. De volgorde van berichten op Instagram werd toen algoritmisch, en niet langer chronologisch. Dat chronologische was nivellerend, iedereen moest op zijn beurt wachten: ik, Beyoncé en Geert Wilders. Al was het niet helemaal zo, want Beyoncé heeft iets meer volgers dan ik.

‘Vanaf dat moment gold: wie het hardst, het meest radicaal, kan roepen, genereert het meeste verkeer. En dan werden die berichten ook nog gedeeld door mensen die ze vreselijk vonden – waarmee je de beerput net zo goed herhaalt. Ik denk echt dat niet alleen zijn aanhangers, maar ook de tegenstanders van Trump hem zo mede groot hebben gemaakt.’

Als krant worstelen wij daar, online, ook mee. Door verslag te doen van een rechts-populistisch kabinet, doe je noodgedwongen verslag van de ruis die het de wereld instuurt. Hoe voorkom je dat?

‘Ik weet niet of ik daar het antwoord op heb. Het zou voor iedereen beter zijn als we de hype cycle doorbreken, die voortdurende opgejaagdheid waarmee nieuws zo snel mogelijk gebracht zou moeten worden. Het hóéft niet, het kan ook minder gehaast. Je hebt tijd nodig om ergens grip op te krijgen, om het te kunnen contextualiseren, er iets aan toe te voegen. Dat geldt ook voor oorlogsnieuws. Ik begrijp waarom dat niet gaat gebeuren, maar ik wens het de wereld wel toe.

‘Want die opgejaagdheid maakt dat goed luisteren onder druk is komen te staan, omdat we heel snel zenden. De krankzinnige snelheid waarmee internetmedia ‘het debat’ of nieuws verspreiden, was twintig jaar geleden echt ondenkbaar.

‘We zijn geneigd nieuws tot ons te nemen ter bevestiging of onderbouwing van wat we al denken. Ik herken dat zelf ook. Maar dat brengt ons niet verder. Neem bijvoorbeeld Israël en Palestina. Luisteren naar een getuigenis van een van beide zijden is verworden tot het kiezen van een kant. Dat zouden we echt los moeten laten. Luisteren is niet hetzelfde als instemmen.

‘Elke situatie van onrecht vraagt ons om getuige te zijn van de veelheid aan stemmen en verhalen, zonder die meteen te reduceren tot wat we al denken te weten. Dat is niet hetzelfde als passiviteit, ik ben ervan overtuigd dat echt goed luisteren juist de route tot verandering is. Ons gedrag als burger heeft invloed op hoe politiek bedreven wordt. We wensen toch dat politici zorgvuldig handelen, met kennis van zaken. Niet gehaast en op basis van willekeurige meningen.’

Behalve over polarisatie, maak je je zorgen over een andere kwaal van de moderne tijd: overprikkeling. Is luisteren dan een oplossing?

‘In eerste instantie denk je: luisteren is het tegenovergestelde van wat ik wil. Ik wil mezelf afsluiten, beschermen. Tegen alle haatberichten, scheldpartijen en ophef, tegen alle meningen, lawaai en prikkels.

‘Er zijn ook mensen die dat doen. Die denken: zoek het maar uit. Die het nieuws gaan mijden, bijvoorbeeld. En het kán. Je kunt je terugtrekken, in je eigen bubbel van gelijkgestemden. Je alleen nog door de wereld bewegen met je noisecanceling koptelefoon en je zelfgekozen muziek of podcast. En ik snap de neiging om je te willen onttrekken, maar op den duur is het schadelijk, omdat het leidt tot onverschilligheid. Dus dat leek me de oplossing niet.

‘Dat we overprikkeld zijn heeft te maken met de constante stroom van afleiding, het is als een aanval op onze focus, concentratie en aan aandacht die steeds schaarser wordt. Mijn boek is eigenlijk een pleidooi voor vertraging, voor nieuwsgierigheid en ontvankelijkheid. Goed luisteren vraagt onderdompeling, aandacht, tijd.

‘Aandachtig luisteren is iets totaal anders dan denken, weet ik nu. Het is zintuiglijker, je doet het meer met je lijf. Mijn advies? Stop met multitasken, ga zonder oortjes over straat. En begin je luisteroefeningen bij het non-verbale, in de natuur, of met muziek.

‘Goed luisteren is een kwestie van een lange adem en veel oefenen. Een fijne oefening komt van componist Pauline Oliveros, de oprichter van Deep Listening. Het is als een soort meditatie. Elke keer dat je afgeleid raakt, en dat gebeurt continu, keer je terug naar het luisteren met de vraag ‘wat hoor ik nu?’

‘Ik heb zoveel geoefend dat het een soort automatisme is geworden. En ik ben echt geen zenmonnik, dus als ik het kan, is het voor veel mensen weggelegd. Je kunt een soort auditieve gevoeligheid kweken. En het hoeft ook niet perfect. Ik kan het ook niet 24 uur per dag. Begin gewoon met 5 of 10 minuten, maak het praktisch. Mij heeft het luisteren meer innerlijke rust gegeven, ik heb mezelf beter leren kennen, voel me minder opgejaagd. Weet je hoeveel rust er uitgaat van je eigen mening minder belangrijk vinden?

‘O, en als je dan uiteindelijk wel naar mensen gaat luisteren, hoef je heus niet te beginnen bij je allergrootste tegenpool. Al was het maar omdat de wereld oneindig veel rijker en complexer is.’

Mirjam Rasch: Luisteroefeningen – Over aandacht en ontvankelijkheid. De Bezige Bij; 224 pagina’s; € 22,99.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next