Home

Mijn hart springt op van vreugde als ik lees hoe onbevreesd Kerkhof de Top 400 in de pan hakt

Wat opvalt in de Klassieke Top 400 is de grote hoeveelheid kutmuziek’, schreef Merlijn Kerkhof in zijn column op 17 oktober. Het aantal lezersbrieven dat vervolgens de burelen van de Volkskrant bereikte, was van een zeldzame hoeveelheid. Een bloemlezing.

Grijsgedraaid

Ik onderschrijf volledig het stuk van Merlijn Kerkhof aangaande de Top 400 van NPO Klassiek. Als dat jaarlijkse moment weer is aangebroken, stem ik een volle week niet meer af op NPO Klassiek. Wat langskomt zijn louter afgezaagde grijsgedraaide nummers, plus de bagger die Merlijn zelf al aangeeft. En elk jaar hetzelfde stuk op nummer 1: de Matthaüs Passion van J.S. Bach, en als het even kan dan wel in het bijzonder het nummer ‘Erbarme Dich’.

Maar ja, NPO Klassiek is dan ook geen zender voor een gepokt en gemazzeld professionele muziekkenner zoals ik, en blijkbaar ook Merlijn Kerkhof, maar voor het grote publiek. Als zodanig weet deze zender toch aardig wat liefhebbers te trekken en dat is ook wat waard.
Maaike van Gilst, Dieren

Onbevreesd

Omdat de afgelopen tien jaar de tenen van mijn landgenoten tot een voorheen ondenkbare lengte zijn gegroeid, brengt de moderne mens zijn leven in de schaduw van de voorzichtigheid door. Bruinrechtse stemmers moeten worden ‘gehoord’ in plaats van bespot, laagopgeleiden zijn ‘praktisch opgeleid’ en men is niet langer ‘dementerend’, want immers zoveel méér dan zijn ziekte.

Ja ja, maar waarom springt mijn hart dan op van vreugde als ik lees hoe Merlijn Kerkhof de Klassieke Top 400 zo onbevreesd de pan in hakt? Geen jubelzang over hoe fijn het is dat de lijst nu zo toegankelijk is, maar de terechte constatering dat klassieke muziek hier veel te breed wordt gedefinieerd. En dat resulteert in een boel, zoals Kerkhof het treffend uitdrukt ‘achterlijke kutmuziek’.
Roef Hopman, Winsum

Over dit artikel

Dit zijn ingezonden bijdragen, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Gruwel

Wij vielen zowat van onze stoelen bij het lezen van de column van Merlijn Kerkhof. Terwijl zowel Radio 4 als muziektempels als het Concertgebouw smachten naar een nieuw en ook breder publiek, zit uw columnist in een mijlenhoge ivoren toren te verkondigen hoe verschrikkelijk het wel niet is dat er nummers in de Klassieke Top 400 gekozen zijn (door het vólk, kun je nagaan!) die niet aan zijn verheven smaak voldoen.

Wat een gruwel, dit. En hij echoot het nog eens in een recensie van een cd van Marina Viotti, waar ook het coveren door een klassieke zangeres van popliedjes in de vuilnisbak wordt gestort. Tijd voor een recensent met een (veel) bredere blik, lijkt ons.
Justus Laarhoven, Amsterdam

Aangezwengelde zwijmel

Ik ben het hartgrondig met Merlijn Kerkhof eens. In de huidige Klassieke Top 400 zit veel muziek die er niet in thuishoort. Filmmuziek kan mooi zijn maar is niet klassiek en vaak ‘gestolen’ van klassieke voorgangers of een trucje, een rif, een loopje, dat steeds wordt hergebruikt. John Williams geeft dat ook toe en is er heel goed in. Maar wat een vals sentiment, vooral in Schindler’s List. Waarom denkt u dat Kubrick voor Space Odyssey uiteindelijk echte klassieke muziek heeft gekozen?

En dan die door podcasts en Witteman aangezwengelde zwijmel voor Bach? Hoeveel Bach is te verdragen? Er zijn betere manieren om een monument met omnipotent grafschrift voor de man op te richten dan luisteraars ermee dood te gooien. Zo zijn ooit in de jaren vijftig en zestig de symfonieën van Beethoven grijsgedraaid. De Vijfde van Beethoven (De Bezetting) en Eine kleine Nachtmusik van Mozart, dat is het lot van dit soort gefabriceer. Bach is prachtig maar dat moet wel zo blijven.

Is dit puristisch? Ja. Maar ook een pleidooi voor meer diversiteit, intelligentie en liefde voor zoveel mooie klassieke muziek die blijft liggen omdat het volk onwetend is en hierdoor ook blijft.
Paul Huysmans, Rosmalen

Volk

De column van Merlijn Kerkhof kreeg de titel ‘De canon van de klassieke muziek kunnen we beter niet aan het volk overlaten’. Aanvankelijk dacht ik dat dit ironisch was bedoeld. Bijvoorbeeld als voorzet voor een discussie, wellicht over welke muziek al dan niet binnen de ‘bandbreedte van klassieke muziek’ valt.

Maar nee, niets van dat alles. Muziek, kennelijk niet passend in het door Kerkhof genoemde maar nog niet gedefinieerde begrip ‘klassieke muziek’, wordt neergesabeld als ‘bagger-, film- en andere kutmuziek’.

Welnu, de kwaliteit van muziek wordt niet alleen bepaald door het vernuft van een compositie en de kwaliteit van de musicus die het ten gehore brengt; kwaliteit van muziek wordt ook bepaald door de emotionele ervaring van de luisteraar; het volk, zo je wilt.
Fons Bouchier, Naarden

Kinderachtig

Verkwikkend, de ongezouten visie van Merlijn Kerkhof op de Top 400 van NPO Klassiek. Zijn analyse snijdt hout, maar is nog tamelijk welwillend en het gelegde verband van deze lijst met een canon van de klassieke muziek erg wankel.

Volgens Kerkhof is het probleem van de lijst dat de bandbreedte te groot is. Volgens mij is het probleem van de lijst dat ze bestaat. Tot overmaat van ramp komen andere zenders voor klassieke muziek met eigen lijsten, net zoals we bij de popzenders zien.

Het vangen van klassieke muziek in hitlijsten is een vorm van populisme en kinderachtige imitatie. Dat de boel opgeleukt en aantrekkelijker verpakt moet worden is een waanidee. Het aanbieden van muziek in wedstrijdvorm voegt niets toe. Hitlijsten voor klassieke muziek? Niet doen.
Tony Westermann, Groningen

Minachting

Alsof ik terug gekatapulteerd werd naar de middelbare school. Puber, natte haren, net uit de gymles, het laatste uur op de donderdag muziekles. Een leerkracht die ons zijn kijk op, zoals hij dat noemde, georganiseerd geluid wilde bijbrengen. En daarbij vooral tussen de regels zijn minachting voor ‘onze’ muziek liet doorklinken. Mijn liefde voor klassieke muziek is daar zeker niet ontstaan.

Nee, daarin was mijn vader de grote motor. Elke zaterdag- en zondagmorgen werden wij, vijf broers, gewekt met Bach, Handel, Haydn en alle andere klassieke componisten, tussen de jazz en populaire melodieën. Als zeer verdienstelijk pianist dompelde hij ons onvoorwaardelijk onder in een breed muzikaal palet.

Het gleed van ons af. Veel te druk met buitenspelen, sleutelen aan brommers en meisjes. Maar het zaadje was gepland. We zijn allemaal muziek gaan maken. Heel divers: rock, heavy metal, jazz en pop. En ik doe er een beetje klassiek bij. Niet verder dan mijn zolderkamer maar een voor gitaar herschreven partita voor fluit (BWV 1013) komt redelijk ongeschonden uit mijn handen.

Naar mijn mening komt de waardering voor klassieke muziek eerst door het te horen. Daarna komt het luisteren. Mensen die hebben bijgedragen aan de Klassieke Top 400 zijn luisteraars. En bij sommigen is dat nog in ontwikkeling. Hun keuze wegzetten als kutmuziek en oproepen tot een herdefinitie als filter voor deze lijst doet geen recht aan hen als luisteraar en is elitair.

Volgend jaar staat Einaudi zeker weer in de lijst. Maar het zou zomaar kunnen zijn dat zijn stemmers van 2024 voor de Hohe Messe gaan.
Willem van der Voort, Zaandam

Klinkende shoarma

Helemaal eens met Merlijn Kerkhof dat het schandalig is dat Herman Finkers als ‘componist’ twee plaatsen boven Beethovens schitterende vioolconcert staat in de NPO Klassieke Top 400. De 20ste-eeuwse muziek komt er trouwens ook weer eens bekaaid af. Dat bewijst inderdaad dat je het samenstellen van zo’n lijst niet aan het gepeupel kunt overlaten.

En de spaghettiwesternmuziek van Ennio Morricone hoort natuurlijk ook niet echt in de canon van de klassieke muziek. Maar om de soundtracks van Once Upon a Time in the West of The Good, the Bad and the Ugly dan maar meteen klinkende shoarma te noemen, gaat ook wel weer ver. Ik ruik bij deze klanken toch eerder het aroma van een heerlijke gelaagde lasagne met verrassend spannende tinten. Met de van de hitte zinderende panorama’s van Sergio Leone erbij smaakt het helemaal op zijn best.

Verder die hele Top 400 gewoon negeren en lekker je eigen platen- of cd-kast induiken. Om, ik noem maar een paar dwarsstraten, nog eens naar Scriabin, Ligeti, Rihm, Berg, Andriessen, Schnittke, Cage, Silvestrov of Penderecki te luisteren. Een niet onaardig, muzikaal uiteenlopend clubje dat, in tegenstelling tot Cor Bakker, de Top 400 niet eens heeft gehaald.
Joost Wigchert, Haarlem

Horen wat we kennen

Merlijn Kerkhoff is in zijn column over NPO Klassiek te mild. Mensen die alleen naar muziek willen luisteren die ze kennen, en liefst ook op instrumenten die ze kennen, hebben genoeg andere radiozenders tot hun beschikking. Naast het stukje popmuziek van de afgelopen decennia is al meer dan vijfhonderd jaar muziek van hoog niveau gecomponeerd. NPO Klassiek zou zich moeten richten op de luisteraar die daar wat meer van wil horen.

Helaas probeert men zoveel mogelijk mensen naar zich toe te trekken. Dit gebeurt door vrijwel dagelijks dezelfde stukken te draaien en steeds voor de populaire piano te kiezen. Een klavecimbel of klavichord past niet bij het brede publiek, want dat kennen ze niet. En blijkbaar moet dat zo blijven. Een Top 400, gekozen door het publiek, is de ultieme manier alleen te laten horen wat we kennen.

De naamsverandering van NPO 4 naar NPO Klassiek dekt niet de lading. Beter is te spreken van NPO Piano. Dagelijks kunnen klavierwerken van Bach en Scarlatti in een uitvoering op piano worden beluisterd terwijl deze componisten zelf geen piano hadden. Hoe kon Bach zoveel mooie muziek componeren en tegelijk het klavichord het mooiste instrument vinden? Nog nooit gedraaid op NPO Klassiek!
Henk Glas, Amstelveen

De tóón

De fijnbesnaarde Kerkhof blijkt, afgaande op zijn column, één ding niet te weten: c’est le ton qui fait la musique.
J. Mets, Zutphen

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next