Na de dood van Hamasleider Yahya Sinwar zal de militante beweging niet zomaar capituleren. Maar gaat Hamas zich pragmatischer opstellen in de onderhandelingen? Veel zal afhangen van de directe opvolger van Sinwar.
is correspondent Midden-Oosten van de Volkskrant. Hij woont in Beiroet.
De dood van Hamasleider Yahya Sinwar, woensdagavond, zag er anders uit dan velen hadden verwacht. Hij stierf niet in een tunnel, omringd door Israëlische gijzelaars, maar vechtend vanuit een huis nabij de Palestijnse stad Rafah. Op beelden die door het Israëlische leger zijn vrijgegeven, is te zien hoe hij – zwaargewond – met zijn laatste krachten een stok naar een drone smijt, voor hij wordt gedood.
Gezien het feit dat Sinwar de architect was van de terreuraanval van 7 oktober, is het verleidelijk om zijn dood als een waterscheiding met hoofdletter W te presenteren. Dat is ook wat doorklonk in de woorden van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu die het had over het ‘begin van het einde’ van de oorlog in Gaza. Palestijnen zeggen daar ook op te hopen. ‘Er is geen excuus meer voor Netanyahu om deze uitroeiingsoorlog voort te zetten’, zo zei de 22-jarige Moumen Abu Wassam tegen persbureau AFP.
Maar er is niets dat daarop wijst, aan Israëlische zijde noch bij Hamas. De militante beweging heeft altijd geweten dat Sinwar vroeg of laat zou worden gedood. Dat neemt niet weg dat dit een serieuze klap is: binnen de bezette Gazastrook heeft Hamas geen leiders meer van zijn statuur. Of Sinwars adjudant, Mohammad Deif, nog in leven is, is twijfelachtig (Israël beweert van niet, Hamas van wel). De nog resterende bataljons verkeren, in de woorden van het Israëlische leger, in ‘guerrillamodus’, en voeren de oorlog naar verluidt zonder al te veel centrale aansturing.
Politicoloog Qossay Hamed, auteur van het boek Hamas in Power (2023), benadrukt dat het te vroeg is om een eventuele koerswijziging te voorspellen. Hij denkt niet dat Hamas zomaar afstand zal doen van zijn wensenlijst in de onderhandelingen over een staakt-het-vuren. Voor zover bekend staan daar vier punten op: een volledige terugtrekking van Israëlische troepen uit Gaza, terugkeer van ontheemde Gazanen naar het noorden, een eerlijke gevangenenruil en een vijfjarenplan voor de wederopbouw.
‘Ik denk dat de nieuwe Hamasleiding hoogstens concessies zal doen in de verwoording of implementatie’, zegt Hamed aan de telefoon vanuit de Palestijnse stad Ramallah. Eén van de knoppen waar Hamas aan kan draaien, is het precieze aantal Palestijnse gevangenen dat men eist, in ruil voor vrijlating van de gijzelaars. Bij sommige onderhandelaars, Egypte en Qatar voorop, leeft overigens het idee dat niet Hamas maar Netanyahu de voornaamste sta-in-de-weg is voor een bestand.
Bij Hamas zal veel afhangen van Sinwars directe opvolger. Het zwaartepunt van de organisatie zal zich waarschijnlijk naar Doha (Qatar) verplaatsen, waar de groep zijn politieke hoofdkantoor heeft. Sinwar bespotte de kopstukken daar altijd, omdat ze in luxehotels leven en weinig voeling zouden hebben met gewone Palestijnen. Andersom vonden de Hamasleiders in Qatar dat Sinwar leed aan een messiascomplex. Ze noemden hem ‘megalomaan’.
Het nieuwe gezicht naar buiten toe zou pragmatischer kunnen zijn. Politicoloog Hamed noemt twee potentiële opvolgers: Khaled Meshaal en Khalil al-Hayya. Laatstgenoemde was de voorbije maanden de hoofdonderhandelaar bij de gesprekken over een staakt-het-vuren. Omdat Sinwar echter het laatste woord had, moest iedere tekstwijziging eerst naar Gaza ter goedkeuring, een procedure die soms dagenlang duurde, aangezien Sinwar alleen nog met briefjes communiceerde. Met Al-Hayya aan het roer zou dit sneller kunnen gaan. In april zei hij dat Hamas best bereid is de wapens neer te leggen, mits er een tweestatenoplossing komt.
De tweede kandidaat, Meshaal, stond al aan het hoofd van Hamas tussen 1996 en 2017. Aan hem kleeft echter een wezenlijk probleem. Meshaal ligt niet goed bij het Iraanse regime, dat een leidende rol heeft binnen de zogeheten ‘as van het verzet’ waar Hamas deel van uitmaakt.
Die wrevel gaat terug tot 2012, toen Hamas kantoor hield in de Syrische hoofdstad Damascus. Meshaal koos in de Syrische burgeroorlog de kant van de opstandelingen, een besluit dat hem nooit vergeven is door zowel Assad als diens bondgenoten in Teheran. Hamas werd het land uit getrapt, en verkaste naar Qatar. Later werd de relatie door Sinwar gelijmd. Politicoloog Hamed verwacht niet dat Iran een eventuele kandidatuur van Meshaal zal vetoën. ‘De Iraniërs hebben hun eigen mensen binnen de organisatie, en blijven op die manier van invloed.’
Een ander vraagteken is de balans tussen de politieke leiding en de Hamasstrijders aan het front. Sinwar was de lijm die deze twee bijeenhield, terwijl een man als Meshaal jarenlang niet in Gaza is geweest. Hoeveel steun geniet hij daar? Mocht hij de nieuwe baas worden, zullen de strijders dan naar hem luisteren, bijvoorbeeld als hij de opdracht geeft de gijzelaars over te dragen? Het zijn vragen waar, voorlopig althans, niemand het antwoord op heeft.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant