Home

Politiek wil verbod op ‘terugleverkosten’ voor zonnestroom, juristen waarschuwen dat zo’n verbod niet mag

De politiek blijft worstelen met nieuwe spelregels voor zonnepanelen. Terwijl woensdag in de Tweede Kamer een opvallend politiek verbond werd gesmeed om ‘terugleverkosten’ te verbieden, waarschuwden juristen juist dat zo’n verbod in strijd is met Europese wetgeving.

Kamerleden van VVD en SP haalden woensdagochtend het nieuws met een gezamenlijk plan dat terugleverkosten per 2027 zou moeten verbieden. Het verbod sluit aan op het wetsvoorstel dat vanaf 2027 een einde maakt aan de populaire salderingsregeling voor wie panelen bezit. Het plan kon woensdag rekenen op instemmende reacties, onder meer vanuit de NSC-fractie. Een politieke meerderheid lonkt.

Maar tijdens een hoorzitting die de Tweede Kamer woensdag hield, waarschuwden juristen van het ministerie van Klimaat en Groene Groei de Kamer dat zo’n maatregel juridisch kwetsbaar is. Europese wetgeving schrijft namelijk voor dat energiebedrijven zelf mogen bepalen welke tarieven zij in rekening brengen. Zolang die maar redelijk zijn en er helder over gecommuniceerd wordt.

Energiebedrijf Vandebron introduceerde ruim een jaar geleden als eerste terugleverkosten voor klanten met zonnepanelen. Sindsdien hebben bijna alle energiebedrijven deze kosten ingevoerd. Klanten met panelen krijgen een bedrag in rekening gebracht voor alle stroom die zij opwekken en niet zelf gebruiken. Hoe meer elektriciteit ze aan het stroomnet leveren, hoe hoger de terugleverkosten. Bij een huishouden met tien panelen gaat het al snel om zo’n 300 euro per jaar.

Over de auteur

Tjerk Gualthérie van Weezel is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over energie en de impact van de energietransitie op het dagelijks leven.

De energiebedrijven omzeilen op deze manier de salderingsregel. Die regeling bepaalt dat mensen met panelen de stroom die zij aan het net leveren, mogen wegstrepen tegen de stroom die zij van het net afnemen. Door dit ‘salderen’ lijden energiebedrijven de afgelopen jaren verlies op panelenklanten. De stroomprijs is op momenten dat de zon schijnt namelijk laag en steeds vaker zelfs negatief, terwijl die op donkere momenten in de winter vaak erg hoog is. Daarbij maken energiebedrijven ook nog andere kosten door zonnepanelen. Bijvoorbeeld wanneer klanten plotseling veel meer of minder stroom opwekken dan verwacht.

Toeleggen op terugleveren

Door terugleverkosten in rekening te brengen, laten de bedrijven zonneklanten een eerlijker prijs betalen. Maar dat is voor veel panelenbezitter wel een flinke tegenslag. Zo komt het inmiddels voor dat huishoudens met veel zonnepanelen netto geld toeleggen op de stroom die zij aan het net terugleveren. Het verdienmodel van zonnepanelen, dat jarenlang goudgerand was, is daardoor behoorlijk ingestort. De laatste maanden regent het faillissementen van panelenleggers.

Veel Tweede Kamerleden vinden dat een onacceptabele uitkomst. Daarom stemde een meerderheid eerder dit jaar voor een amendement bij de nieuwe Energiewet, waarin is vastgelegd dat de terugleververtarief (het bedrag dat energiebedrijven per teruggleverde kilowatuur aan zonneklanten betalen) nooit negatief mag worden.

Maar die bepaling weerhoudt energiebedrijven er niet van om panelenbezitters via andere posten alsnog extra te laten betalen. Dat kan via terugleverkosten, maar bijvoorbeeld ook door alleen klanten zonder zonnepanelen een ‘welkomstbonus’ te geven. Precies dat willen VVD en SP met hun nieuwe amendement voorkomen.

Nadat juristen van het ministerie van Economische Zaken woensdag uitlegden dat dit dus in strijd is met Europese regels, maakten medewerkers van de Autoriteit Consument & Markt duidelijk het ook niet per se onredelijk is om zulke kosten in rekening te brengen. Energiebedrijven maken nu eenmaal hoge kosten voor panelenbezitters, zo blijk uit onderzoek van de toezichthouder. ‘En dat zal ook na 2027 zo blijven.’

Onaantrekkelijke panelen

Als de Tweede Kamer panelenbezitters een bepaalde minimumprijs wil garanderen, is daar wel een alternatief voor dat niet in strijd is met Europese wetgeving: subsidies. ‘De markt bepaalt dan zelf een prijs maar de overheid vult die aan.’

In de energiewereld wordt de discussie in de Kamer intussen met de nodige frustratie gevolgd. Onder meer door Olof van der Gaag van de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie. Ook hij ziet met lede ogen aan dat het door de zeer abrupte beëindiging van salderen veel onaantrekkelijker is geworden om nog zonnepanelen te leggen. Maar hij benadrukt dat de kern van het probleem is dat er het vaak overvloedige aanbod van zonnestroom niet aansluit op de vraag. Daardoor worden prijzen negatief en wordt het net extra zwaar belast.

‘Je kunt panelen alleen structureel lucratief maken als vraag en aanbod weer beter op elkaar aansluiten’, zegt Van der Gaag. ‘Om te beginnen door huishoudens en kleine bedrijven te helpen meer van de stroom te gebruiken die zij opwekken. Nu is dat rond de 30 procent, maar als je 50 of 60 procent zelf gebruikt, worden panelen direct veel rendabeler.’

Dat kan volgens Van der Gaag onder meer door subsidies voor systemen die huishoudens helpen elektrische apparaten zo aan te sturen dat ze op handige momenten aan gaan. ‘Maar ook elektrische auto’s te stimuleren, slimme warmtepompen en misschien ook thuisbatterijen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next