Geen avondvullende tv-show, geen politici en amper BN’ers. De actiedag van Giro 555 voor álle slachtoffers in het Midden-Oosten lijkt maar weinig op eerdere edities. Ook de opbrengst blijft achter. ‘We moeten steeds weer de focus op de slachtoffers terugbrengen.’
‘Bellers willen vooral weten of het geld niet voor wapens wordt gebruikt, en hoe we voorkomen dat strijdende partijen ermee vandoor gaan’, zegt Masha Menting van het belpanel dat woensdag in museum Beeld & Geluid in Hilversum probeert zoveel mogelijk geld op te halen voor slachtoffers in het Midden-Oosten.
In aanloop naar de landelijke actiedag blijkt wederom wat voor splijtzwam het onderwerp vormt: de inzameling voor álle slachtoffers in het Midden-Oosten, en dus ook die in Israël, stuitte sommigen tegen de borst. Anderen konden het weer niet verkroppen dat er meer geld naar Gaza zal gaan.
‘Toen we geld inzamelden voor Oekraïne, was iedereen het erover eens dat het erg is wat daar gebeurt. Nu willen mensen hun verhaal kwijt en eerst uitgebreid met ons in gesprek over de kwestie’, zegt Menting. Daardoor duren de telefoontjes een stuk langer dan ‘normaal’.
‘Zojuist belde iemand die al had gedoneerd – puur om even te praten. Ik denk dat ze dat niet met hun omgeving doen, uit angst voor conflicten.’ Menting staat de bellers geduldig te woord.
In de gesprekken klinkt de emotie door die met de oorlog gepaard gaat. Een beller vertelt in tranen dat ze vannacht niet heeft geslapen omdat de beelden uit het Midden-Oosten niet van haar netvlies gaan. Iemand anders doneert 25 euro, ook al kan ze daardoor komende weken minder boodschappen doen.
Leden van het belpanel weten boze bellers nogal eens op andere gedachten te brengen. Zo doneerde iemand na een lang gesprek uiteindelijk 1.000 euro.
Al voor de actiedag was er veel te doen over de verdeling van het geld. Er zou 60 procent naar Gaza gaan, 35 procent naar Libanon en 5 procent naar Israël. Maar, zegt directeur Suzanne Laszlo van Unicef, die verdeling is nog helemaal niet gemaakt.
‘We hebben alle organisaties ter plaatse gevraagd om een plan op te stellen van de hulp die zij willen en kunnen verlenen. Zodra we dat ontvangen en duidelijk is hoeveel geld we hebben opgehaald, wordt dat geld verdeeld. Aangezien de nood in Gaza het hoogste is, zal daar het meeste geld naartoe gaan.’
Dat is hard nodig. ‘Ik word elke dag gebeld door hopeloze collega’s die meer hulpmiddelen nodig hebben.’ Toch loopt het geen storm: bij de start van de actiedag stond de teller op een kleine 4,4 miljoen euro. Tijdens de actie voor de aardbeving in Turkije en Syrië was dat zo’n 20 miljoen euro. Rond half 6 ’s middags is er 8 miljoen euro opgehaald.
Oud-premier Mark Rutte riep bij eerdere inzamelingsacties op om te doneren, maar ditmaal blijft het stil. ‘Nog geen enkele politieke partij sprak haar steun uit voor de actie’, zegt Wouter Booij van Unicef. ‘Ik snap dat het een gevoelig onderwerp is, maar allerlei mensen, van geestelijk leiders tot de burgemeester van Arnhem, steken hun nek uit en gaan achter de actie staan. Ik begrijp niet waarom je dat als volksvertegenwoordiger dan niet doet.’
De terugkerende politieke discussie leidt af van het doel van de actie, zegt ook Laszlo. ‘Dat gesprek is belangrijk, en moet zeker gevoerd worden, maar niet hier vandaag. Onze taak is om steeds weer de focus te verleggen naar de slachtoffers. Dat kost dit keer meer tijd en aandacht.’
Daarom is de sfeer in Hilversum anders dan tijdens eerdere edities. Waar omroepen op andere actiedagen televisie en radio maakten vanuit Beeld & Geluid, wordt woensdag alleen voor de de tussenstand geschakeld naar het museum. Daar zijn ditmaal geen optredens en het belpanel bestaat nu vooral uit hulpverleners die de situatie goed kennen, en maar voor een heel klein deel uit bekende Nederlanders.
Vorig jaar nog buitelden mensen als presentator Thomas van der Vlugt en zangeres Famke Louise over elkaar heen om zich te verbinden aan de inzamelingsactie voor Turkije en Syrië en de telefoon op te nemen. Er volgde zelfs ‘een stop op bn’ers.’ Dit jaar was het lastiger BN’er strikken, zegt Daniëlle Brouwer, woordvoerder van het Rode Kruis. ‘Het debat is zo verhit dat zij twijfelen.’
Filmmaker Bahram Sadeghi doet wél mee. Hij is ambassadeur van Stichting Vluchteling en besprak vooraf uitvoerig of hij zich wel moest verbinden aan de actie. ‘En dan vooral met mensen om wie het gaat, met kennissen uit het Midden-Oosten. Zij zeggen steevast: álle slachtoffers moeten hulp krijgen.’
De Iraanse Sadeghi maakte in de jaren tachtig de oorlog tussen Iran en Irak mee. ‘Wonend op de grens werden we elke dag gebombardeerd. We moeten hier niet vergeten dat elk sneetje brood dan helpt. En dat niemand die hulp krijgt zegt: als ze dit aan de andere kant van de grens maar niet krijgen.’
Daarover is iedereen in Beeld & Geluid het eens, óók veel mensen die opbellen. ‘Het maakt niet uit wat je geloof of achtergrond is,’ zegt een beller, ‘alle slachtoffers moeten hulp krijgen.’ Menting, die de bellers te woord staat: ‘Als een kind gewond op straat ligt, vraag je toch niet eerst bij wie die hoort voordat je helpt?’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant