Home

Wilders lijkt tóch te willen praten over een spoedwet – maar wat is dat eigenlijk?

Wekenlang wilde hij er niets van horen, maar nu lijkt PVV-leider Geert Wilders alsnog bereid te praten over een ‘plan B’ om zijn asielbeleid af te dwingen – zij het met tegenzin. Hoe werkt zo’n spoedwet?

Afspraak is afspraak: geen haar op het hoofd van Geert Wilders die er de afgelopen maand aan dacht om het plan om een asielcrisis uit te roepen, en daarvoor het noodrecht in te zetten, opeens bij het grofvuil te zetten. ‘Ik heb geen ruggengraat van een banaan’, luidde zijn waarschuwing in de wandelgangen van de Kamer tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen. In de weken daarna waarschuwde hij vele malen dat afzien van noodwetgeving de ondergang van het kabinet zou kunnen inluiden.

Hoe anders was de toon dinsdag. Plotseling ruilde Wilders de snoeiharde crisistaal in voor constructieve woorden. ‘We zijn aan het onderhandelen met elkaar, dat gaat in goede sfeer.’ Waar Wilders het met premier Dick Schoof en waarnemend NSC-leider Nicolien van Vroonhoven de afgelopen dagen over heeft gehad, wil hij niet zeggen.

De premier was iets spraakzamer. Er liggen inmiddels ‘diverse opties’ op tafel om uit de asiel-impasse te geraken en een kabinetscrisis af te wenden. Op Fabers ‘dragende motivering’ voor een noodwet wordt niet meer gewacht.

Over de auteur
Avinash Bhikhie is politiek verslaggever van de Volkskrant.
Alles over politiek vindt u hier.

Spoedrechtroute

Volgens betrokkenen wordt alsnog nadrukkelijk gekeken naar spoedwetgeving. Alsnog. Want al weken vraagt de oppositie het kabinet bijna smekend om het staatsnoodrecht niet te gebruiken om de asielagenda van PVV, VVD, NSC en BBB uit te rollen.

Om te beginnen omdat er geen sprake zou zijn van een noodsituatie die het rechtvaardigt om het parlement tijdelijk buitenspel te zetten, maar ook omdat er een snellere én parlementaire route mogelijk is: de spoedwet.

De oppositie staat daarin niet alleen. In openbaar gemaakte juridische analyses adviseren ambtelijke experts eveneens de spoedrechtroute te kiezen. Als het kabinet kiest voort het staatsnoodrecht, zou het naar alle waarschijnlijkheid door de Raad van State en uiteindelijk de rechter worden teruggefloten. VVD, NSC en ook BBB vinden een spoedwet daarom ook prima.

Huiverig

Toch is Wilders huiverig voor deze route. Dat heeft alles te maken met de procedure. Spoedwetten zijn het Binnenhof niet vreemd en we hoeven niet ver terug te gaan in het collectief geheugen om een sprekend voorbeeld voor de geest te halen: de avondklok in coronatijd. Om verdere verspreiding van het virus te voorkomen meende het kabinet toen dat er een avondklok moest komen. En snel ook.

Omdat het hier ging om een forse inperking van de burgerlijke vrijheid, moest er snel een wettelijke basis komen. Die werd gevonden in een spoedwet. De spoedwet doorloopt de normale parlementaire route met een advies van de Raad van State en, anders dan bij de noodwet, wél met goedkeuring van de Eerste en Tweede Kamer.

Het verschil zit hem in het tempo. Tijd voor rondetafelgesprekken met deskundigen en directe betrokkenen is er niet. Ook voor een uitgebreide wetsbehandeling ontbreekt de tijd. De Raad van State wordt gevraagd om een spoedadvies.

Iets verder terug in de tijd werd het alweer spannender. In 2019 wilde het kabinet-Rutte III met een stikstofspoedwet voorkomen dat Nederland op slot zou gaan na het beroemde stikstofvonnis van de Raad van State. Die wet sneuvelde bijna in de Eerste Kamer, omdat het kabinet daar geen meerderheid had. Met dank aan Groep Otten (ex-FVD), 50PLUS en OSF trok toenmalig landbouwminister Carola Schouten de wet alsnog over de eindstreep.

Traineren

Ook nu kan het kabinet in de senaat niet op een meerderheid rekenen en hoewel de oppositie ook ‘grip op migratie’ zegt te willen, vreest Wilders dat partijen als Groenlinks-PvdA, D66 maar ook CDA en CU er alles aan zullen doen om te traineren. Dat maakt het hoogst onzeker of hij de voorstellen waar het om gaat, zoals het afschaffen van de asielvergunning voor onbepaalde tijd en het schrappen van de nareis van meerderjarige kinderen, snel kan doorvoeren.

Daarnaast zal Wilders zijn noodwet alleen opgeven als hij weet dat hij NSC onvoorwaardelijk aan zijn zijde vindt om van een spoedwetprocedure ook echt een spoedtraject te maken. Van Pieter Omtzigt (die nu ziek thuis zit) is bekend dat hij weleens nachten heeft wakker gelegen van het, in zijn ogen, onverantwoord moordende tempo waarmee de Tweede Kamer wetswijzigingen behandelt. ‘Een belangrijke les uit het kinderopvangtoeslagschandaal was dat de kwaliteit van wetgeving heel belangrijk is’, is zijn mantra.

Hij is ook tegen spoedadviezen van de Raad van State en andere raadgevers. Die zouden door de tijdsdruk van slechtere kwaliteit zijn.

Hoe principieel NSC de eigen geboortepapieren zal nemen, hangt af van de gesprekken die Van Vroonhoven de komende dagen verder voert. Helemaal ongerust hoeft Wilders er niet op te zijn. Dinsdag stemde de Kamer over een D66-motie die ertoe opriep dat politieke partijen democratisch ingericht moeten zijn. Partijen met één lid, zoals de PVV, zijn dan niet langer toegestaan. Dat is een standpunt waar Omtzigt zich tot voor kort nog volledig in kon vinden. In zijn afwezigheid stemde zijn fractie tegen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next