Mijn universiteit organiseerde vorige week een bachelor-open dag. Ik mocht daarin een paar ‘proefcolleges’ geven. Dat is altijd aangenaam, want een volle zaal met verwachtingsvolle blikken van scholieren en hun ouders, tref ik niet iedere week.
Net voor aanvang stond ik nog in de rij naar de zaal. Voor mij stond een jongen met zijn moeder. De moeder ging linksaf, hij rechtsaf. Er ontstond verwarring. ‘Maar dit is business administration hoor’, zei de moeder tegen de jongen. ‘Ja maar, dít is bestuurskunde’, zei de jongen. Ze sloegen rechtsaf. Gelukkig. Al die hordes studenten die iets willen doen met business, vergeten soms dat ‘business’ is afgeleid van ‘busyness’. En dus dat ze het later vooral heel druk gaan krijgen, vooral met mensen die heel druk zijn met druk zijn.
Ik vertelde iets over bestuurskunde, sociologie en politieke filosofie. We spraken over Weber, Dahl en Rousseau (u weet wel, die Geneefse burger en dus Zwitser die recent in deze krant feitenvrij werd opgevoerd als ‘die ouwe Fransoos’). Na afloop was de belangrijkste vraag van scholieren ‘wat kan ik ermee worden’. Op zich een vreemde vraag voor de internetgeneratie, want als er één vraag is die digitaal wordt beantwoord, is het die wel. Wederom een bewijs dat informatie geen voorwaarde is voor kennis.
Over de auteur
Mark van Ostaijen is bestuurssocioloog aan de Erasmus Universiteit. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Hoe dan ook, of ik wist ‘wat je ermee kon worden’. En als socioloog frappeert me die vraag. Want iedereen lijkt vooral iets te willen worden, maar niemand nog iets te willen zijn. Velen willen namelijk, liefst zo lang mogelijk ‘zichzelf kunnen blijven ontwikkelen’, ‘groeien’ of ‘leren’. Of zelfs een ‘leven lang leren’ om te blijven ‘werken aan jezelf’.
In een cultuur op drift willen moderne mensen namelijk constant in beweging zijn, want ‘stilstand is achteruitgang’. Zo ben je niet werkloos, maar ‘in between jobs’. Dat zit ook in de woorden ‘carrièrepad’ of ‘loopbaan’, en mijn functioneringsgesprek heet nu een ‘GROW-gesprek’. Het veinst beweging en je bent blijvend onderweg.
Dat is anders dan het onderweg zijn in een gelovig leven tussen een aardse lijdensweg en een paradijselijk hiernamaals. Een vrome gelovige is onderweg naar een hemels paradijs. Maar ook nu willen seculiere mensen graag geloven dat ze onderweg zijn. Die behoefte is dus niet verdwenen, maar is alleen aangepast. En zijn nu zelfs antropologen die het omineuze idee verkondigen dat we in een ‘tussentijd’ leven. Alleen zullen velen niet willen weten met welke eindbestemming. Ja, misschien ‘onderweg naar morgen’, zoals de soapserie van weleer.
Een antwoord daarop blijft liefst uit, want niets zo erg voor moderne mensen dan om gearriveerd te zijn. Nee, liever ben je constant ‘onderweg’, dan ontkom je aan fixatie. Want moderne mensen willen niet vaststaan. Niet in een file en al helemaal niet in ‘de ontwikkeling’.
Dit speelt zich af tegen de achtergrond van wat de Brits-Poolse socioloog Zygmunt Bauman ‘de vloeibare moderniteit’ heeft genoemd, een tijd waarin voorheen vaststaande instituten zoals familie, kerk en liefde inmiddels in hoge mate flexibel, kwetsbaar en fluïde zijn geworden. Een groot aandeel van de huwelijken strandt voortijdig, liefde bestel je via een app en een ‘vaste baan’ is ingewisseld voor een ‘flexibel contract’. Tegen die achtergrond worden moderne mensen constant in beweging gezet en willen ze in beweging zijn.
Want de beweging van kapitaal, en dus ook ‘human capital’, creëert waarde. Dat wordt ook wel cognitief kapitalisme genoemd. Hoe meer dat kapitaal circuleert, hoe meer het waarde creëert. En dus is die vorm van waardecreatie vooral gebaat bij flexibele mensen.
Maar als iedereen constant in beweging en onderweg is, en niemand ergens meer aan wil komen, creëert dat een volatiele cultuur van rusteloosheid. Het creëert een samenleving waarin overgave, berusting en acceptatie lastig gedijen. Niet voor niets lopen jaar in jaar uit de cijfers van overmatige stress, burnout en depressie op. Er zijn te veel mensen die heel druk zijn met druk zijn.
Dus aan alle scholieren die zich afvragen wat je kan worden, vraag jezelf af waar je wil aankomen: drukte of wijsheid? En misschien kan je daarna berusten in de gedachte dat je niet altijd onderweg hoeft te zijn. Lijkt mij (onder)wijs.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant