88 duizend werknemers erbij, honderdduizend woningen. De onstuimige groei van chipmachinefabrikant ASML heeft grote gevolgen voor Eindhoven. Burgemeester Jeroen Dijsselbloem wil waken voor het ‘horrorscenario van een Silicon Valley aan de Dommel’.
Sinds Jeroen Dijsselbloem (58) twee jaar geleden burgemeester werd van zijn geliefde geboortestad, heeft ‘Eindhoven de gekste’ die bijnaam (ooit vanaf de voetbaltribune gelanceerd door een enthousiaste PSV-supporter) ook op economisch gebied ruimschoots waargemaakt.
‘Het is fascinerend en uniek wat hier allemaal gebeurt’, zegt de PvdA-bestuurder en ex-minister van Financiën op zijn werkkamer in het stadhuis van de vijfde stad van Nederland, met bijna 250 duizend inwoners.
De burgervader, tevens voorzitter van de Metropool Regio Eindhoven (MRE, een samenwerkingsverband van 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant) en van Stichting Brainport, doelt op het ‘waanzinnige groeitempo’ van chipmachinefabrikant ASML in buurgemeente Veldhoven.
Want niet alleen deze groeibriljant gaat als een speer – al is er in dit ‘overgangsjaar’ tijdelijk sprake van een dipje. Ook toeleveranciers en andere hightechbedrijven in de regio maken onstuimige hoogtijdagen mee.
Over de auteur
Peter de Graaf is regioverslaggever van de Volkskrant in Zuid-Nederland. Eerder was hij correspondent in Brussel en economieverslaggever.
Op de Veldhovense campus is niet genoeg ruimte voor de ambitieuze uitbreidingsplannen van het in beurswaarde grootste techbedrijf van Europa. De Eindhovense gemeenteraad ging daarom in juni akkoord met de toewijzing van een deel van een groot bedrijventerrein langs de A2 (Brainport Industries Campus, kortweg BIC) aan ASML.
Coalitiepartijen spraken van een historisch besluit, dat ook grote maatschappelijke gevolgen heeft voor stad en regio. Want daardoor wordt een verdubbeling verwacht van het ASML-personeel, nu lokaal ongeveer 22 duizend mensen.
‘Dit heeft inderdaad heel grote consequenties, voor bereikbaarheid, woningbouw, onderwijs, zorg en andere maatschappelijke voorzieningen’, erkent burgemeester Dijsselbloem. ‘De vuistregel is dat voor elke baan bij ASML er drie banen in de toeleverende keten bijkomen. Dat zijn dus al 88 duizend extra werknemers in de maakindustrie. Om deze explosieve groei mogelijk te maken, zijn aanzienlijke publieke investeringen nodig, in infrastructuur, woningen, voorzieningen en talentontwikkeling.’
Dat laatste betekent dat niet alleen de technische universiteit in Eindhoven moet groeien, maar ook de hbo- en mbo-instellingen. Dijsselbloem: ‘Waar halen we anders al die werknemers vandaan? Veel mensen denken dat hier alleen expats en hoogopgeleide experts werken. Maar twee derde van de verwachte banengroei is mbo. Want elk onderdeeltje van zo’n grote geavanceerde machine van ASML wordt gewoon gemaakt in een toeleverend maakbedrijf.’
Planologen spreken van een spannend experiment: kan de regio Eindhoven die onstuimige groei wel aan?
‘We hebben grove ramingen gemaakt, waaruit bleek dat er honderdduizend woningen bij moeten komen tot 2040. Als je het gewoon numeriek uitrekent naar het aantal nieuwe bewoners met gezinnen, komt dat uit op zo’n twintig nieuwe basisscholen. Maar we gaan het nu preciezer doen, voor een breed palet aan voorzieningen, van huisartsen- en tandartsenpraktijken tot kinderopvang en ouderenzorg.
‘We gaan er bijvoorbeeld niet zomaar een ziekenhuis bij bouwen. Dat is ook afhankelijk van het aantal bedden dat in de toekomst nodig is, terwijl de ligduur van patiënten razendsnel omlaaggaat – het is tegenwoordig erin en eruit.
‘We maken nu een rijkere analyse die eind dit jaar klaar moet zijn. Daarna gaan we met het ministerie van Binnenlandse Zaken in gesprek over de bijdrage uit het gemeentefonds. Eindhoven heeft vergeleken met andere grote steden jarenlang financieel aan de achterste mem gehangen, zoals ze dat in landbouwtermen noemen. Dat is nu gelukkig voor een deel gecorrigeerd, maar de afdracht uit het gemeentefonds houdt geen rekening met groeispurten zoals wij die nu meemaken.’
Eerder dit jaar, toen de inmiddels vertrokken ASML-topman Peter Wennink klaagde over het slechte vestigingsklimaat in Nederland en er zelfs op zinspeelde dat uitbreiding in het buitenland ook een optie was, timmerde het geschrokken kabinet razendsnel een extra steunplan voor de Brainport-regio in elkaar.
In Project Beethoven kreeg Brainport Eindhoven 1,7 miljard euro van het Rijk voor onder meer stimulering van woningbouw, onderwijs, openbaar vervoer en andere infrastructuur. Samen met de bijdrage van de regio komt dat steunbedrag op ruim 2,5 miljard euro.
Dat leidde tot jaloerse reacties uit andere gebieden in Nederland. De regio Arnhem-Nijmegen stuurde een brief naar Den Haag, met daarin kort door de bocht de boodschap: wij hebben ook hightechbedrijven, waaronder NXP, waarom krijgen wij geen extra steun?
Kunt u deze reacties van collega-bestuurders begrijpen?
‘Dan ben ik zo iemand die zegt: jongens, probeer eens wat groter te denken. Het hoofdkantoor van NXP zit bij ons in Eindhoven. Als hier extra mensen worden opgeleid voor de chipindustrie, dan kunnen die dus ook gaan werken in de NXP-vestiging in Nijmegen.
‘Dankzij de historie van Philips met zijn gigantische innovatienetwerk is hier in Eindhoven een unieke ontwikkeling gaande met een enorm potentieel om verder te groeien. Dat heeft uiteindelijk ook een uitstraling naar heel Nederland.
‘Bedrijven die de ruimte niet hebben om uit te breiden, zullen uitwijken naar Noord-Limburg of West-Brabant. De olievlek die hier aan het ontstaan is, zal zich steeds verder verspreiden. Ik ben ervan overtuigd: als het goed gaat met Brainport Eindhoven, gaat het ook goed met NXP in Nijmegen.
‘Wat hier gebeurt, is ook wel een beetje on-Nederlands. Want in Nederland moet altijd alles eerlijk worden verdeeld. Als er al extra’s waren, dan gingen die naar armere regio’s die steun verdienen. Dat beleid heb ik altijd verdedigd en gesteund, en daarmee moeten we ook vooral doorgaan.
‘Maar tegelijkertijd gebeurt hier iets bijzonders waar heel Nederland fors voordeel en gewoon welvaart van kan hebben. En dan is de vraag: pakken we die kans of niet? Die extra publieke investeringen die we van het Rijk vragen, zijn niet primair voor Eindhoven.
‘Wat hier gebeurt, is groter dan de regio. ASML, monopolist in de meest geavanceerde chipmachines, is van nationaal belang of zelfs Europees belang. We hebben hier de afgelopen jaren zo’n beetje de halve Europese Commissie op bezoek gehad.’
Oudere Eindhovenaren vergelijken de huidige florerende economische tijden en het dominante chipcluster rond ASML met de jaren zeventig, toen Philips de Brabantse industriestad domineerde. Critici, waaronder enkele oppositiepartijen die in juni in de gemeenteraad tegen de toewijzing van het BIC-bedrijventerrein aan ASML stemden, waarschuwen voor de risico’s van die ‘monocultuur’; wordt de regio Eindhoven niet te afhankelijk van de chipindustrie?
Daarbij wordt ook gewezen op de jaren negentig, toen Eindhoven werd getroffen door een golf massaontslagen wegens grote problemen en rigoureuze saneringen bij Philips en het faillissement van DAF (dat later overigens weer een succesvolle doorstart maakte). Zou dat onheil zich ook niet kunnen herhalen mocht ASML om welke reden dan ook onderuitgaan of vertrekken?
Houden jullie als gemeentebestuur wel rekening met zo’n scenario? Delen jullie die vrees?
‘De vergelijking met Philips gaat mank. We hebben meer dan zesduizend technologiebedrijven. Een paar honderd zijn weliswaar toeleverancier van ASML, maar zijn ook weer niet helemaal van ASML afhankelijk. Ze bedienen ook andere klanten.
‘Het bekendste voorbeeld is VDL. Dochterbedrijf VDL ETG, dat overigens voortkomt uit de oude machinefabriek van Philips, is een grote toeleverancier van ASML. Maar VDL heeft nog meer dan honderd andere dochterbedrijven.
‘Philips deed alles zelf. Het had een machinefabriek, een glasfabriek, een draadjesfabriek, een fabriek voor coatingmateriaal, ja zelfs een papierfabriek. Daar werden de kartonnen doosjes voor de gloeilampen gemaakt. Dus toen het niet goed ging met Philips, ging het met alles niet meer goed. ASML doet helemaal niet zoveel zelf. Een groot deel van hun toegevoegde waarde wordt eigenlijk door anderen gerealiseerd.
‘Ik ben ook niet bang dat ASML ooit weggaat uit de Brainportregio. Hun bedrijfsfilosofie is juist om alles zoveel mogelijk bij elkaar te houden: de uitvinders, ontwikkelaars, degenen die de machines in elkaar zetten, degenen die alle servicemonteurs aansturen et cetera. Zo worden ervaringen in het ontwikkel- en productieproces direct teruggekoppeld naar de researchers. ASML is er dus alles aan gelegen om in onze regio te blijven.’
Toch laat ook de gemeente nu onderzoek doen naar de vraag of de Brainport niet te afhankelijk is van de chipindustrie. Waarom?
‘Het onderzoek richt zich vooral op mogelijke diversificatiekansen. Het klopt dat de chipsector dominant is. Niemand kan de toekomst voorspellen. Dus willen we ook kijken naar andere kansrijke sectoren. We zijn nu bijvoorbeeld al sterk in accutechnologie of fotonica, een technologie voor een nieuw soort chips, waarbij de schakeling niet elektrisch is, maar door licht wordt aangestuurd. Ook in andere nieuwe ontwikkelingen willen we goed zijn.’
Onderzoekers van onder meer de Universiteit van Tilburg waarschuwen voor een Silicon Valley aan de Dommel, een groeiende kloof tussen rijk en arm in de zo florerende Brainport-regio. Ze constateren dat in de Californische hightechregio bijna een kwart van de bewoners onder de armoedegrens woont.
‘Ik maak die vergelijking ook vaak, als angstbeeld. Natuurlijk zijn er fundamentele verschillen. Wij hebben een sociale welvaartsstaat – met veel meer publieke voorzieningen zoals betaalbare zorg en onderwijs – die in Californië nagenoeg ontbreekt.
‘In Silicon Valley zijn mensen met een middeninkomen gewoon echt weggeduwd omdat huisvesting onbetaalbaar werd. Daar wonen alleen nog, even heel simpel gezegd, miljonairs en daklozen.
‘Dat is het horrorscenario waar wij voor moeten waken. Dat is ook een van de redenen waarom wij hier hebben afgesproken om 85 procent betaalbaar te bouwen: 30 procent sociale huur en de rest middenhuur en betaalbare koopwoningen.
‘Een minister, ik zal even geen naam noemen, zei me een tijdje terug: 85 procent, zo’n hoog percentage, is gewoon idioot. Als je de vrije sector meer ruimte geeft, gaan projectontwikkelaars eerder bouwen. Maar ik zei tegen die minister: jij vindt dat misschien idioot, maar ik weet wat een mbo’er verdient. En een mbo’er kan alleen in die betaalbare categorie een huis huren of kopen.
‘Als je die voor de regio zo belangrijke doelgroep vergeet, wat voor stad heb je dan over twintig jaar? Dan houd je in het stadscentrum dus uiteindelijk alleen nog maar rijke mensen over, en daklozen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant