Home

Huiswerkbegeleiders óók geen oplossing voor lerarentekort, wat dan wel?

Zelfs als alle leerkrachten van bijlesinstituten, huiswerkbegeleiders, examentrainers en privéschooldocenten zouden overstappen naar het onderwijs, lost dat het lerarentekort niet op. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB). Waar liggen volgens experts dan wel kansen voor een oplossing?

Jelmer Evers, bestuurder van de Algemene Onderwijsbond (AOb): "Het 'lerarenlek' moet dicht. Er haken veel leraren af vanwege een te hoge werkdruk. Er zijn duidelijke afspraken nodig om die te verlagen, zeker in het voortgezet onderwijs. Daar loopt de overheid al dertig jaar met een grote boog omheen."

Evers wil dat onderwijsgeld vooral gaat naar dat wat het belangrijkst is: lesgeven. "Er zijn nu ook mensen met een lesbevoegdheid in andere functies binnen een schoolbestuur. Je zou via wetgeving en afspraken kunnen regelen dat zij ook voor een deel lesgeven. Je bent dan bijvoorbeeld niet alleen een onderwijsbestuurder of deskundige, maar geeft daarnaast ook één of twee dagen les."

De PO-Raad, de sectorvereniging voor het primair onderwijs: "De hele beroepsgroep krimpt. Dat heb je niet zomaar opgelost", zegt een woordvoerder. "Iedereen die gemotiveerd is over te stappen is welkom."

Net als de AOb vindt de PO-Raad dat de werkdruk voor leraren omlaag kan. "Onderwijsondersteuners en assistenten kunnen een deel van de werkdruk wegnemen, maar daar is geld voor nodig. Je zou ook mensen die eerder met pensioen gaan kunnen behouden door afspraken te maken."

De raad vindt het goed dat het verschil in salaris tussen leraren in het basisonderwijs en hun collega's in het voortgezet onderwijs is gedicht. De vereniging wil dat er naast de lerarenopleidingen ook volop leraren worden geworven via zijinstroom. "Om ook werkenden vanuit een ander vakgebied succesvol te laten overstappen naar het onderwijs."

Een veelgehoorde klacht in het onderwijs is de onvoorspelbaarheid van de financiering. Er zijn volgens de PO-Raad te veel incidentele subsidies: eenmalig geld voor een bepaald project in plaats van geld voor een langere periode. "Dit nieuwe kabinet zegt met kritiek vanuit het onderwijsveld aan de slag te willen, maar in de praktijk wil het kabinet 1 miljard bezuinigen op onderwijs en wetenschap."

Klaas van Veen, hoogleraar onderwijskunde en bestuurder van twaalf basisscholen in Groningen: "Het fundamentele probleem wordt nu niet aangepakt. Het beroep lijdt al jaren onder een slecht imago: dat van een beroep dat slecht betaald wordt - wat niet meer waar is - en dat van een beroepsgroep die het niet goed doet."

"Om dit imago te veranderen, moet je het beroep anders organiseren, zodat leraren weer vooral lesgeven. We moeten af van al die experts die zelf niet voor de groep staan, maar wel een mening hebben over wat het onderwijs zou moeten doen."

Ook Van Veen zegt dat er structurele financiering nodig is: "Als bestuurder in het basisonderwijs heb ik in de afgelopen twee jaar zo'n twintig fte aan goede leraren moeten laten gaan, omdat de financiering daarvoor is weggevallen."

De VO-raad, de vereniging van scholen in het voortgezet onderwijs: "Wat belangrijk is, is dat het lerarenvak aantrekkelijker wordt. Het gaat nu te vaak over dat leraren te weinig zouden verdienen of over zogeheten vervelende pubers. Maar loon is niet het grootste probleem, het komt vooral door de werkdruk dat leraren stoppen met lesgeven."

De woordvoerder pleit voor een betere samenwerking tussen scholen. "Iedere school gaat voor zijn eigen personeelsbestand. We zouden leraren beter moeten verdelen. De ene school heeft nu meer last van het lerarentekort dan de andere."

Cok Bakker, onderwijskundige aan de Universiteit Utrecht: "Iedereen doet zijn best om meer studenten op de lerarenopleiding te krijgen, maar slechts de helft van de studenten die starten aan de opleiding haalt zijn onderwijsbevoegdheid. Na het behalen van hun diploma stopt een kwart van de leraren binnen drie jaar met lesgeven. Dat schiet niet op. De lerarenopleidingen en scholen zouden studenten beter kunnen voorbereiden op het beroep en startende leraren hebben goede begeleiding nodig."

Ook Bakker onderstreept het belang van een positief beeld van het beroep. "Er zou veel meer beroepstrots moeten zijn. Dat je als student ook het gevoel hebt dat je toetreedt tot een gemeenschap van trotse leraren met betekenisvol werk."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next