Home

Zijn starters geholpen met nieuw steunfonds? Of drijft dat geld de huizenprijzen nog meer op?

Een nieuw miljoenenfonds biedt starters op de woningmarkt meer koopsubsidie. Drijft dit de huizenprijzen alleen maar verder op of is dit goed nieuws voor aspirant-kopers?

Starters hebben het zwaar op de koopwoningmarkt. Om de schaarse goedkopere woningen woedt een zware strijd tussen veel twintigers en jonge dertigers die willen ontsnappen aan de peperdure vrijehuursector. Banken gaan niet altijd mee met hun steeds hogere biedingen. Naast een startsalaris past immers geen tophypotheek, vinden zij.

De starters die in het afgelopen kwartaal wel een eigen woning wisten te bemachtigen, brachten gemiddeld zo’n 42 duizend euro eigen geld mee, berekende het Hypotheken Data Netwerk (HDN) deze week. Dat bedrag is het verschil tussen aankoop- en leenbedrag, los van de overige zelf te betalen kosten als de rekening van de notaris en de eventuele makelaar.

Over de auteur

Marc van den Eerenbeemt is economieredacteur. Hij schrijft over de woningmarkt.

Er zijn lichtpuntjes. Kopers tot 35 jaar zijn vrijgesteld van overdrachtsbelasting voor het verwerven van hun eerste woning. Oudere kopers betalen 2 procent. Ook verkoopt een aantal particuliere verhuurders hun huurhuizen, omdat zij last hebben van huurregulering en andere maatregelen. Vaak zijn dat woningen die interessant zijn voor starters. Daarnaast zijn er subsidieregelingen zoals de Startersleningen. Die helpen kopers bij hun aankoop, meestal met de verplichting de steun uiteindelijk terug te betalen en een deel van een eventuele verkoopwinst af te staan.

Binnen een half jaar gaat het nieuwe Nationaal Fonds Betaalbare Koopwoningen van start, dat door het vorige kabinet in het leven is geroepen. Met een startvermogen van 70 miljoen euro moet het om te beginnen circa tweeduizend starters een koperskorting geven tot maximaal 70 duizend euro op hun nieuwbouwwoning.

Zo wordt de nieuwbouw aangejaagd en is de starter geholpen, is de gedachte. Die regeling komt naast regelingen als bijvoorbeeld de bekende Startersleningen van een aantal gemeenten, die onder vriendelijke voorwaarden tot 20 procent van de aankoopsom voorschieten.

Prijsopdrijving?

Helpen die regelingen? Of zorgen ze voor nog meer prijsopdrijving en uiteindelijk meer ongelijkheid op de woningmarkt? Dat laatste gold sowieso voor de fiscaal vrijgestelde schenking van 100 duizend euro (de ‘jubelton’) van ouders aan hun kinderen voor de aanschaf van een woning, zegt woningmarktkenner Frank Wassenberg van onderzoeksbureau Platform31.

‘Het bedrag van die vrijstelling van overdrachtsbelasting kon je rechtstreeks optellen bij de huizenprijzen. Hoe meer geld je tot je beschikking hebt, hoe meer je doorgaans zult bieden. Zo werkt het nu eenmaal in een gespannen markt. Met het extra geld uit de gestegen lonen zie je hetzelfde gebeuren.’

Arjen Gielen, bestuursvoorzitter van het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn) denkt dat het prijsopdrijvend effect van de steun niet bijzonder groot zal zijn. Zijn organisatie is betrokken bij zowel het nieuwe Fonds Betaalbare Koopwoningen als de Starterleningen. De laatsten zijn al verleend aan meer dan 50 duizend starters, voor de aankoop van een eigen woning. De lening tot maximaal 20 procent van de aankoopsom en met een looptijd van dertig jaar staat naast hun gewone hypotheek. Pas na drie jaar moeten rente en aflossing worden betaald.

Gielen: ‘Als je als overheid veel steunmaatregelen tegelijkertijd zou treffen, moet je natuurlijk waken voor nadelige effecten. Bij het fonds voor nieuwbouw is dat risico bijzonder beperkt. Het gaat niet alleen om een relatief klein aantal huizen, maar ook om een vrij klein aantal starters dat in aanmerking komt voor deelname. De prijs van de woningen die het betreft wordt bovendien vastgesteld door taxatie vooraf. Een projectontwikkelaar kan niet snel zijn prijs verhogen omdat hij hoort dat een koper mogelijk ondersteund zal worden.’

Zowel Gielen als Wassenberg ziet voor starters vooral soelaas in nog veel meer nieuwbouw. Wassenberg wijst ook op een beter gebruik van de bestaande woonruimte. ‘Door bijvoorbeeld splitsing creëer je heel snel veel meer zelfstandige woningen. Daar zou de starter echt mee geholpen zijn.’

Drie jonge woningzoekers in Rotterdam

Jeffrey Kharpatoe (25, IT-specialist, woont nog bij ouders):

‘Om succes te boeken op de woningmarkt zul je echt moeten jagen, in de hoogste versnelling. Je moet snel reageren en beschikbaar zijn voor een bezichtiging. Dat is heel moeilijk als je een baan hebt van negen tot vijf. Toch heb ik al zes huizen kunnen bekijken. Ik heb een prima salaris en vrij lage eisen aan mijn nieuwe huis. Toch val ik steeds buiten de boot.

‘Die ontspoorde woningmarkt zit mij niet lekker. Natuurlijk spelen er ook andere krachten. Maar de problemen zijn toch vooral ontstaan door een gebrek aan overheidsbeleid, door een mentaliteit van ‘de markt lost het wel op’. Als je dan terugleest dat er een minister van Volkshuisvesting was die trots vertelde dat hij ‘een heel ministerie heeft laten verdwijnen’, dan is dat zout in de wonde.’

Caylee Nielen (28, filmmaker, woont in huurhuis):

‘We moeten echt in opstand komen. Het is belachelijk hoeveel een woning kost tegenwoordig. Ik heb al wel geboden op huizen, maar je wordt steeds overboden.

‘Als je de experts moet geloven, gaan de huizenprijzen de komende tijd nog verder de lucht in. Althans, dat lees ik dan als ik erop google. Dat zijn dan de mensen van banken en andere zogenaamde experts. Je weet niet wat zij precies weten of wat hun belang is om een bepaald verhaal te pushen. Zo is iedereen elkaar aan het opnaaien.

‘Hoe we die huizenprijzen nog naar beneden kunnen krijgen, dat is de vraag. Dat weet ik ook niet. Misschien moeten we beginnen om met zijn allen te stoppen met overbieden. Ik hoorde laatst nog van iemand die een huis gewoon voor de vraagprijs heeft gekocht. Dus het bestaat nog wel.’

Ali Fukara (29, data-analist, woont in gedeeld huurhuis):

‘Mijn huur is erg hoog. Daar wil ik wel vanaf, daarom wil ik een woning kopen. Liefst dicht bij het centrum, dat is makkelijk om vrienden te ontvangen of na het uitgaan snel thuis te zijn. Maar de concurrentie is groot. De vraag is veel groter dan het aanbod.

‘Ik weet dat de prijzen in de laatste vijf jaar hard zijn gestegen, met zo’n 50 procent. Die stijging zal de komende vijf jaar wel niet meer zo hard gaan, maar toch zal er nog wel zo’n 20 à 30 procent bijkomen, denk ik. Dus als ik nu een huis koop, zal ik daar geen grote winst op maken, maar waarschijnlijk ook geen geld op verliezen. En dat telt, zeker in Turkije, waar ik vandaan kom. Daar zijn mensen erg gericht op het kopen van huizen. Zo bescherm je je daar tegen de hyperinflatie.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next