Oosterlingen mediteren in lotushouding, westerlingen als ze wandelen, is een inzicht van de Hongaarse schrijver György Konrád (1933-2019). Een wetenschapper die zich ergerde aan westerse mensen die lyrisch zijn over het tweemaal daags in lotushouding op een meditatiekussen zitten – je ordent de gedachten, je komt in balans, je maakt het hoofd leeg – stelde: ‘Neem een hond en je komt ook een paar keer per dag in balans.’
Of zulk geluk nog toevalt aan hondenbaasjes uit het digitale prachttijdperk, is echter de vraag. Flink wat mensen nemen tegenwoordig namelijk behalve hun hond óók hun smartphone mee naar buiten. Steeds vaker zie je ze midden op straat over een schermpje gebogen staan, terwijl hun hond met geruk aan de halsband aangeeft dat-ie liever doorstapt. Helaas voor die honden zijn de gedachten van baasjes die op straat op sociale media zitten nóóit bij hun behoeften.
Ik was aan het wandelen toen ik zomaar gadesloeg hoe een prachtige zwarte labrador zich uit deze stuitende situatie wist te bevrijden. Het labradorbaasje, een jongen van een jaar of twintig, stond vlak voor een open veld stil en keek gebiologeerd naar zijn telefoon. De labrador rukte zich los, stak de weg over – er kwam gelukkig geen auto aan – en maakte op het veld grote sprongen van geluk.
De jongen riep verbijsterd: ‘Teddy, wat doe je nou!?’ Dat had ik die jongen wel kunnen vertellen: Teddy ontsnapt even aan jouw Instagramverslaving, of waar je op die rottelefoon ook mee bezig was.
In de tien minuten die volgden rende de jongen op het veld aan één stuk door achter de zwarte labrador aan: ‘Teddy kom hier! Teddy kom nou!’ Ik keek ernaar en dacht: hier zie je eigenlijk hoe een hond een mens uitlaat. Het is puur aan die prachtige labrador te danken dat die jongen dadelijk uitgedraafd, met fris hoofd en wellicht ook nog in balans thuiskomt. Goed gedaan, Teddy!
Source: Volkskrant columns