Home

De ‘notoire houtstoker’ moet zijn buren in Amersfoort vrezen – en een boete van 400 euro

Het gebruik van houtkachels, pelletkachels en open haarden stuit op groeiende weerstand. Amersfoort is een van de eerste grote plaatsen die maatregelen neemt: in bepaalde omstandigheden is stoken verboden. ‘De stad wordt drukker, we hebben rekening te houden met elkaar.’

Radeloos en wanhopig werd de 86-jarige buurvrouw van Margriet Breunesse (65) uit Amersfoort van de houtrook die ze als longpatiënt inademde. Het was voor Breunesse de reden om twee jaar geleden haar houtkachel, het donkergrijze middelpunt van de woonkamer in haar jarendertigwoning, in de ban te doen. ‘Hier wordt niet meer gestookt’, zei ze tegen haar man.

Ze deed hem nog niet het huis uit: ‘Je weet maar nooit, met Poetin en zo. Als er een crisis is en ik krijg mijn huis niet meer warm, kan ik altijd weer van gedachten veranderen.’

Breunesse werkt in de zorg en woont ‘op de Berg’, zoals de buurt Bergkwartier ten zuiden van het centraal station in Amersfoort wordt genoemd. Het is een wijk waar in de eerste koude en regenachtige dagen van oktober veel schoorstenen roken.

Groter aandeel in luchtvervuiling

Houtstook stuit op steeds meer weerstand, zeker in dichter bevolkt gebied. Hoewel de uitstoot van fijnstof door houtkachels sinds 1990 bijna is gehalveerd, is de daling veel minder groot dan die van de industrie en het verkeer. Hierdoor is het aandeel van houtkachels, pelletkachels en open haarden in de totale luchtvervuiling groter geworden. Door de stijgende energieprijzen van de afgelopen jaren werden stookhout en kachels meer verkocht. Daardoor, waarschuwde TNO in 2023, dreigt Nederland de Europese normen voor fijnstof niet te halen.

De stichting Houtrookvrij vindt een landelijk verbod wenselijk, mits, zo zegt een woordvoerder, mensen goed worden voorgelicht. De onafhankelijke overheidsinstantie Milieu Centraal komt later deze maand met een bewustwordingscampagne over de gevolgen van houtstook.

Amersfoort voerde als een van de eerste gemeenten vanaf 1 oktober een gedeeltelijk stookverbod in. Inwoners die de houtkachel of open haard willen aansteken, moeten eerst op de stookwijzer van het RIVM kijken.

Code oranje of rood

De wijzer heeft drie kleurencodes. Bij geel mag er worden gestookt, bij code oranje en rood is de luchtkwaliteit of windsnelheid te laag en mag thuis in Amersfoort de houtkachel of open haard niet aan. Daarmee treedt de gemeente in de voetsporen van Voorst (Gelderland) en Venray, waar vorig jaar soortgelijke maatregelen al ingingen.

Volgens de huidige criteria van het RIVM is het in Nederland 30 tot 35 procent van de tijd code oranje, en in 20 tot 30 procent van de tijd code rood. Het RIVM heeft nieuwe richtlijnen voorgesteld, met een grenswaarde van PM2,5 voor het aandeel fijnstof in de lucht (fijnstofdeeltjes zijn dan 2,5 micrometer groot). Daarmee zou het 35 tot 40 procent van de tijd code rood zijn en nog 2 tot 5 procent code oranje.

Bij windstil of mistig weer blijft de rook rond de schoorsteen hangen en kunnen mensen overlast ervaren. Boa’s in Amersfoort kunnen dan op illegale stokers afgaan na een melding bij de gemeente. Na twee gesprekken met ‘de notoire stoker’, zoals wethouder Johnas van Lammeren (PvdD, duurzame leefomgeving) ze noemt, kan die bij een derde melding een boete tot 400 euro krijgen. ‘De stad wordt steeds drukker. We hebben rekening te houden met elkaar’, zegt Van Lammeren.

Verbod in Utrecht

Ook Utrecht komt met maatregelen. Daar is het vanaf 1 januari 2025 verboden om buiten een vuurtje te stoken. Amsterdam, dat zestienduizend houtkachels telt, onderzoekt of een rookafvoer in nieuwbouwhuizen vanaf 2027 verboden kan worden.

Uit Amsterdamse wijken als IJburg (sinds 1999 in aanleg, er wordt nog steeds gebouwd) en Centrum komen de laatste jaren fors meer meldingen van rookoverlast binnen bij de gemeente. Houtstook levert in Amsterdam een grotere bijdrage aan vervuiling door fijnstof dan het autoverkeer, zegt wethouder Melanie van der Horst (D66, luchtkwaliteit).

‘Dit geldt voor heel Nederland’, vult longarts Hans in ’t Veen aan. Hij is bestuurslid van de Long Alliantie Nederland (LAN), een koepelvereniging van longartsen, huisartsen, longpatiënten en verpleegkundigen. Door rook van houtkachels en open haarden, zegt In ’t Veen, is de volksgezondheid in gevaar. Maar landelijke maatregelen blijven tot nu toe uit, blijkt uit navraag bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Reactie staatssecretaris Chris Jansen (PVV, Milieu)

‘Landelijke maatregelen voor houtstook in Nederland zijn niet noodzakelijk. De afweging willen we bij de gemeenten laten liggen. Gemeenten maken zelf de keuze hoe ze gezien hun lokale luchtkwaliteit en leefomgeving met houtstook willen omgaan. Die keuze ligt bij de gemeente zelf omdat er lokaal grote verschillen zijn in woonomstandigheden: drukbevolkte steden zijn bijvoorbeeld een heel andere situatie dan landelijke gebieden waar mensen minder dicht op elkaar leven.

‘Uit een flitspeiling in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu blijkt dat veel mensen die stoken wel rekening willen houden met hun buren en vrijwillig minder willen stoken als dit hun eigen gezondheid of die van hun familie en buren aantast. Ik zet me daarom eerst in op communicatie om mensen bewust te maken van de nadelige effecten van houtstook op de gezondheid, het milieu en het klimaat.’

Van alle fijnstof in Nederland is een derde afkomstig van houtstook, blijkt uit cijfers van het RIVM. ‘Het is niet alleen fijnstof dat we inademen’, zegt In ’t Veen, die in het Rotterdamse Franciscus Gasthuis werkt. ‘Het is een smerige combinatie van fijnstof van diverse grootten, koolmonoxide, roet, zwavel en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (paks). Al die troep samen ademen we in.’

Ziekenhuisopnamen

Stoken is dus niet alleen slecht voor het milieu. In de spreekkamer zien longartsen als In ’t Veen de gevolgen van acute piekblootstelling. ‘Hoesten, piepen, slijm, ziekenhuisopnamen. Maar veel mensen associëren vuur nog altijd met knusheid en gezelligheid.’ De longarts zelf trouwens ook. In ’t Veen beperkt het haardvuur tot eenmaal per jaar, met Sinterklaas, ‘uiteraard alleen als de stookwijzer het toelaat’.

Houtstook is een gevoelig onderwerp, merkte Fleur Froeling, die aan de Universiteit van Utrecht onderzoek deed naar de gevolgen van houtrookoverlast. ‘Het leidt tot veel discussie.’ Froeling keek hoe stokers en mensen met overlast op elkaar reageerden als iemand bij zijn buren aanbelde om te zeggen dat hij of zij last had van de rook. Van mensen die overlast ervaarden, hoorde ze dat ze heus probeerden met de buren te praten, maar dat gesprekken meestal niet erg constructief waren.

‘Mensen met zware astma of COPD, een longziekte waarbij de longen zijn beschadigd, probeerden hun buren bewust te maken van de gevolgen van houtstook. Als antwoord kwam vaak: ik doe niets fout. Ik snap dat jij last hebt, maar ik mag gewoon mijn houtkachel aandoen.’

Gevoelig onderwerp

In de Amersfoortse vriendinnengroep van Margriet Breunesse is weinig discussie over de maatregelen. Bijna iedereen is het er wel over eens dat stoken slecht is voor mens en milieu. Toch is ook in Amersfoort voelbaar dat het onderwerp gevoelig ligt, al zegt de wethouder op die suggestie dat houtstook ‘geen politiek gevoelig onderwerp is’.

‘Dus nu mogen we ook niet meer stoken?’, reageert een inwoner van ‘de Berg’, als schuin tegenover Breunesse wordt aangebeld voor een reactie op de nieuwe maatregelen. Interesse om erover te praten wordt niet getoond. De deur wordt dichtgegooid.

Gert Kooij, voorzitter van de Nederlandse Haarden- en Kachelbranche, neemt het op voor mensen die de haard nodig hebben. ‘De maatregel in Amersfoort is een populistische maatregel’, reageert hij. Het heeft volgens Kooij meer zin om actief voor te lichten over goed en slecht stookgedrag. ‘De nieuwste kachels stoken bovendien veel schoner dan een ouderwetse open haard. Ze veroorzaken tot vijftig keer minder uitstoot. Zo kunnen mensen toch hun energiekosten drukken.’

Het lijkt niet zo dat inwoners van deze buurt in Amersfoort de houtkachel nodig hebben om de energierekening te verlagen, al kan schijn bedriegen. Veel huizen zijn vrijstaand, met twee of drie auto’s geparkeerd op het witte grind van de oprit.

Het is onder meer in deze buurt dat Bert van Ravenhorst, van het bedrijf Gebroeders Van Ravenhorst Boomverzorging uit Leusden, de komende weken in blokken gehakt essenhout komt brengen bij de mensen thuis. Een kuub losgestort stookhout kost bij hem 150 euro.

Daarmee kan de hele winter ’s avonds de kachel aan, beweert Van Ravenhorst. Het aantal bestellingen is door de maatregelen in de stad niet afgenomen, vertelt hij. ‘Er wordt wel veel over gepraat als ik bij de mensen thuiskom. Het is logisch dat je de stookwijzer moet raadplegen voor je de kachel aansteekt. Als het voldoende waait, kan de kachel aan.’

‘Zuinige stokers’

Een vriendin van Breunesse die ook ‘op de Berg’ woont, Nanda Troost (62), steekt met haar partner liefst elke avond na het eten de open haard aan in de voorkamer.

Nieuw hout hoefde ze dit seizoen niet te bestellen, want vorig jaar werd er twee kuub hout bezorgd en dat is nog lang niet op. Zij en haar man zijn ‘zuinige stokers’, alleen bij code geel. In huis staat de thermostaat uit milieuoverwegingen gedurende de dag op 12 graden (‘behalve als mijn moeder op bezoek komt, dan zet ik ’m hoger’).

Troost draagt oranje vilten pantoffels en een dik vest. ‘Als mensen in de buurt last zouden hebben van onze haard, zou ik me dat aantrekken. Dat zou ik ontzettend vervelend vinden en ik zou hopen dat mensen hier gewoon aanbellen om het gesprek te voeren. Want je buren verraden zoals hier nu in Amersfoort kan, lijkt me niet bevorderlijk voor de sfeer in de straat.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next