Home

Na een jaar oorlog voelt het leven in Gaza 'dodelijk op een verstikkende manier'

De oorlog in Gaza woedt maandag een jaar: 365 dagen. Voor Gazanen duurt elke dag lang. Er is honger, ziekte, de dood. "Het lijden is onmogelijk te omschrijven, hoe hard ik ook mijn best doe", vertelt student en journalist Rita Baroud aan NU.nl.

"Een normale dag in Gaza?" Er klinkt ongeloof door in de woorden. Ook al staan ze op een scherm. "Er zijn hier geen normale dagen", schrijft Baroud uit Gaza. De 21-jarige student Frans werkt als freelance journalist en fixer sinds haar universiteit is vernietigd. "Ik had eigenlijk in mijn laatste jaar moeten zitten, maar door de oorlog is het onderwijs opgeschort."

Het interview begint eind september telefonisch. Maar de verbinding is zo slecht dat we al na een minuut verder praten via WhatsApp. "Het leven voelt dodelijk op een verstikkende manier", reageert Baroud op de vraag hoe het is om op dit moment in Gaza te leven.

"Ik kan niet voorspellen wat er het komende uur zal gebeuren: ik kan sterven, ik kan ontheemd raken, ik kan iemand verliezen of het internet kan worden afgesloten." Haar huis verloor Baroud al op de derde dag van de oorlog. "Zonder waarschuwing vooraf." Sindsdien is ze al veertien keer van woonplek veranderd.

Tamara Alrifai van UNRWA, de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen, noemt het "een enorme humanitaire crisis die begon met de gruwelijke aanvallen op 7 oktober en de oorlog die er direct op volgde. Van de gijzelaars die vrijgelaten moeten worden en de angsten die hun families doormaken tot de twee miljoen mensen in Gaza die nu elke dag lijden als gevolg daarvan."

"Gemiddeld raken Gazanen één keer per maand ontheemd", zegt Alrifai. Volgens haar zijn op dit moment 1,9 miljoen mensen ontheemd. "Meer dan 90 procent van de bevolking." Door de vele verplaatsingen schat de VN dat ongeveer zeventienduizend kinderen zich zonder volwassen begeleiding moeten redden.

Volgens Alrifai geldt voor 89 procent van de Gazastrook een evacuatiebevel van het Israëlische leger (IDF). Dat betekent dat het grootste deel van de bevolking op een heel klein oppervlak moet leven. Dat leidt tot overbevolking en voedselgebrek. Ook is er geen schoon drinkwater. Het afval hoopt zich op, omdat veel publieke diensten - zoals het ophalen van vuilnis - niet meer werken.

In Deir al-Balah, waar Baroud woont, is de riolering vernield. Daardoor stinkt het op straat. Door deze omstandigheden krijgen mensen te maken met ziektes als hepatitis A en verschillende huid- en ademhalingsziekten. Ook polio steekt de kop op. "Nadat het 25 jaar geleden was uitgeroeid", zegt Alrifai.

Volgens schattingen waren in juli meer dan 213.000 huizen kapot, zegt Alrifai. Bijna 65 procent van alle gebouwen in Gaza was op dat moment verwoest. "Veel mensen die hun huis zijn kwijtgeraakt, leven in tenten, omdat UNRWA-opvangplaatsen vol zijn."

Baroud heeft 'geluk'. Zij woont niet in een tent, maar in een verwoest huis van familie. "Er zijn geen deuren of ramen en de muren van de kamer zijn verbrijzeld", zegt Baroud. "Je kunt het nauwelijks een huis noemen. Maar we zijn erin geslaagd een aantal kamers op te knappen." Zij deelt een kamer met haar moeder, zusje, een aantal tantes en haar nichtje. De mannen slapen in een ander deel van het huis.

"Er is niet genoeg eten, dus we eten momenteel maar één maaltijd per dag", zegt Baroud. De maaltijd bestaat meestal uit ingeblikt eten en een klein beetje groenten, rijst en peulvruchten.

Eén verhaal blijft Baroud het meest bij. Voor een artikel in de Nederlandse krant NRC interviewde ze een kind dat leed aan ernstige ondervoeding. "Hij overleed dezelfde dag." Nog verdrietiger wordt ze als ze terugdenkt aan de vader van het kind. "Omdat hij zoveel hoop had dat zijn zoon beter zou worden."

Ondervoeding wordt een steeds groter probleem in Gaza. Behandeling ervan is moeilijk vanwege het gebrek aan voedsel. "83 procent van de benodigde voedselhulp komt niet in Gaza terecht, tegen 34 procent in 2023", schreven vijftien hulporganisaties half september in een gezamenlijk persbericht.

Hulporganisaties doen wat ze kunnen op het gebied van voedsel, gezondheidszorg, vaccinaties en psychologische hulp. "Het aantal gewonden neemt toe terwijl gezondheidsfaciliteiten omsingeld of leeggehaald worden", zegt Meinie Nicolai, voormalig directeur van Artsen zonder Grenzen in België. "Heel veel medewerkers zijn gedood."

Artsen zonder Grenzen wil de medische hulp uitbreiden, waaronder extra ziekenhuiscapaciteit in tenten. Maar Israël laat de spullen die daarvoor nodig zijn niet binnen. "De toegang tot Gaza is tot nu toe zeer moeilijk voor hulpgroepen en hulpkonvooien", bevestigt Alrifai.

UNRWA heeft in augustus en september 150 aanvragen ingediend. Een derde daarvan werd afgewezen. De toegang tot het noorden van Gaza, waar Gaza-Stad ligt, houdt Israël nog beperkter. Daar werd 90 procent van de verzoeken afgewezen.

In augustus liet Israël 65 vrachtwagens per werkdag binnen. Voor de oorlog ging het om vijfhonderd. "Dat was al niet voldoende om aan de behoeften van de mensen te voldoen", schrijven de vijftien hulporganisaties.

Michiel Servaes van Oxfam Novib spreekt van "een cynisch kat-en-muisspel" tussen hulporganisaties en COGAT. Deze Israëlische instantie volgt en registreert alle hulp die Gaza ingaat. Volgens Servaes hanteert die organisatie "onnavolgbare regels".

Geen van de geïnterviewden merkt enige verbetering in de situatie in Gaza sinds Israël de aanvallen in Libanon heeft opgevoerd. "Er wordt nog steeds geschoten", zegt Nicolai. "Ook zien we niet dat er meer hulp naar binnen komt."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next