Tunesië gold lange tijd als het succesverhaal van de Arabische Lente, totdat president Kais Saied in 2021 alle macht naar zich toe trok. Kunnen de verkiezingen van komende zondag een ommekeer betekenen, of is het daarvoor te laat?
Het gebeurde op de 27ste dag van de ramadan. Haar vader zat met zijn familie klaar om het vasten te breken. Hij was van plan later naar de Zitouna-moskee te gaan, de grote moskee van Tunis, om daar met duizenden andere gelovigen te bidden.
Maar toen, vlak voordat de zon onderging, stopten er plotseling allemaal auto’s bij zijn huis. Drie uur lang werd alles doorzocht. Haar vader - de Tunesische oppositieleider Rached Ghannouchi - werd meegenomen, zonder dat iemand wist waarheen.
Over de auteurMaartje Bakker is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over het Middellandse Zeegebied en migratie.
Yusra Ghannouchi (46), derde van zes kinderen in het gezin van de islamistische politicus, was in haar woonplaats Londen toen haar vader werd gearresteerd, maar werd meteen op de hoogte gebracht. ‘De hele nacht maakten we ons zorgen’, zegt ze nu. Ze vertelt hoe zijn advocaten haar vader zochten, en dat ze hem niet konden vinden.
De 83-jarige Rached Ghannouchi is de leider van de islamistische partij Ennahda, die in Tunesië verschillende malen met seculiere partijen een regering vormde. Door het Amerikaanse tijdschrift The New Yorker werd hij de ‘invloedrijkste denker van de Arabische wereld over het samengaan van liberale democratie en islamitisch bestuur’ genoemd. Ruim anderhalf jaar na zijn arrestatie zit hij nog altijd vast.
‘Voor de belachelijkste aantijgingen’, aldus zijn dochter Yusra. Samen met de familieleden van andere Tunesische oppositiepolitici is ze kort in Den Haag. Ze doen bij het Internationaal Strafhof aangifte tegen de Tunesische president Kais Saied (66) vanwege het schenden van mensenrechten.
In het kantoor van de advocaat die hen vertegenwoordigt, vertelt ze over haar vader, over Tunesië, en over hoe president Saied bezig is een prille democratie met harde hand de nek om te draaien.
Komende zondag vinden er presidentsverkiezingen plaats in Tunesië. Nadat de kiesraad – die sinds 2022 door de president wordt gecontroleerd – 21 kandidaten uitsloot, zijn naast Saied nog slechts twee kandidaten over.
De meest kritische van hen, Ayachi Zammel, werd een maand voor de verkiezingen gearresteerd en deze week veroordeeld tot veertien jaar cel. Hij zou steunverklaringen voor zijn kandidatuur hebben vervalst. Zammel doet nog wel mee aan de presidentsverkiezingen, liet zijn advocaat weten.
De derde naam op het stembiljet, is die van Zouhair Maghzaoui, van wie bekend is dat hij president Saied steunt.
Saied, een gepensioneerde hoogleraar staatsrecht, kwam in 2019 op een legitieme, democratische manier aan de macht. Maar inmiddels is hij hard op weg naar een alleenheerschappij, in een land dat in het decennium na de Arabische Lente nog opviel door zijn politieke veelkleurigheid.
Het keerpunt kwam op 25 juli 2021. Na protesten tegen de regering ontbond Saied het parlement en liet het omsingelen door het leger: de gekozen volksvertegenwoordigers, onder wie parlementsvoorzitter Rached Ghannouchi, kwamen er niet meer in. De regering werd vervangen en Saied begon te regeren per decreet.
Later ontwierp Saied een nieuwe grondwet, waarmee hij als president de macht verder naar zich toe trok. Tegelijkertijd bond hij de strijd aan met iedereen die kritiek op hem durfde te hebben. Tal van journalisten, mensenrechtenactivisten en advocaten werden en worden vervolgd.
‘Saied pleegde overduidelijk een coup, al was hij dan niet van het leger’, stelt Yusra Ghannouchi vast. ‘Hij vertrapte de grondwet waarmee hij aan de macht was gekomen en brak alle instituties af die na de revolutie van 2011 waren opgebouwd. Maar de uitspraken die werden gedaan vanuit Europese en westerse landen waren veel te slap. Op dat moment werden de verdedigers van de democratie aan hun lot overgelaten.’
Ooit was Tunesië de grootste belofte van de Arabische Lente. Hier begonnen de protesten die in 2011 zouden leiden tot het vertrek van een hele rij oude dictators: Zine al-Abidine Ben Ali in Tunesië, Moammar Kadhafi in Libië, Hosni Moebarak in Egypte.
‘Mijn familie en ik leefden destijds al twintig jaar in ballingschap in Londen’, vertelt Yusra Ghannouchi. ‘Via Facebook volgden we de demonstraties op de voet en probeerden de aandacht van internationale media te krijgen.’
Zodra Ben Ali op de vlucht sloeg, pakte de familie Ghannouchi de koffers om terug te keren naar Tunesië. Eindelijk, na twintig jaar, zagen ze grootouders, neven en nichten terug. In huis vond Ghannouchi persoonlijke bezittingen van vroeger: oude schoolrapporten, foto’s. ‘We waren ooit halsoverkop uit het land vertrokken, dus we hadden bijna niets kunnen meenemen.’
Het was een heel opwindende tijd, zegt Ghannouchi nu. ‘We dachten toen dat de veranderingen onomkeerbaar waren, dat het een tijd van verandering voor de hele regio was.’
Al snel bleek de werkelijkheid een stuk wranger. In Syrië mondde de opstand uit in een burgeroorlog, die tot op de dag van vandaag voortduurt. Ook Libië verviel in chaos, met gewapende groepen die elkaar trachten te bestrijden. En in Egypte werden weliswaar democratische presidentsverkiezingen gehouden, maar de winnende kandidaat, Mohamed Morsi van het Moslimbroederschap, trok binnen de kortste keren de macht naar zich toe, waarna het leger onder leiding van Abdul Fatah al-Sisi een staatsgreep pleegde.
Lange tijd leek Tunesië de democratische uitzondering, het enige lichtpuntje in een deel van de wereld dat wordt verduisterd door strijd en machtsvertoon. Tunesië heeft een aantal voordelen ten opzichte van andere landen, legt Yusra Ghannouchi uit. ‘Wij hebben niet zo’n gepolitiseerd leger als Egypte. En we hebben niet de etnische of sektarische verschillen die landen als Syrië en Libië verdelen.’
Misschien, zegt Ghannouchi, dat de democratische transitie daardoor als eerste in Tunesië werd ingezet, en er ook het langst aanhield. ‘Maar ik denk dat het ook komt door de samenwerking tussen de oppositiepartijen, die al vóór de revolutie in gang werd gezet. In Tunesië waren we steeds bezig met coalities smeden, met iedereen bij het democratische proces betrekken. Daarom duurde het bij ons zo lang voordat er een nieuwe grondwet lag, langer dan in Egypte bijvoorbeeld.'
Zelf groeit Yusra Ghannouchi uit tot internationaal woordvoerder van Ennahda. Zij is degene die internationale tv-zenders zoals de BBC en Sky News te woord staat, welbespraakt, helder, in vloeiend Engels.
Maar de voortdurende discussies tussen politici blijken uiteindelijk de achilleshiel van de jonge Tunesische democratie te zijn. Juist dat politieke gekrakeel is voor Kais Saied in 2021 de reden om de macht te grijpen: hij zou orde op zaken gaan stellen en effectief gaan regeren, hield hij de buitenwereld voor.
Nu, na een paar jaar, is vast te stellen dat op dat moment ook de laatste democratie in de Arabische wereld is gevallen, als een dominosteen die op de lange duur niet kon blijven staan.
En de Europese Unie? Die reageert toegeeflijk. Dat blijkt eens te meer wanneer de Europese leiders Ursula von der Leyen, Mark Rutte en Giorgia Meloni in de zomer van 2023 bij Saied op bezoek gaan om een omvangrijke migratiedeal te sluiten. In ruil voor het tegenhouden van migranten krijgt het regime van Saied honderden miljoenen euro’s.
‘Dat was zo teleurstellend’, zegt Yusra Ghannouchi. ‘Alsof de geschiedenis zich op een treurige manier herhaalt, en we nooit iets leren. In het verleden werd Ben Ali ook geprezen door Europese landen, omdat hij Tunesië stabiliteit zou brengen. Maar we hebben we gezien hoe oppervlakkig die stabiliteit is. Al dit soort regimes, met hun dictators, stortten snel in. Die stabiliteit is enkel een illusie.’
Zo, voorspelt Ghannouchi, zal het Saied ook vergaan. ‘Je ziet dat hij zich niet interesseert in de echte problemen, zoals armoede en werkloosheid. Hij heeft zich de afgelopen jaren gericht op het veranderen van de grondwet, maar die was niet het probleem. Tegelijkertijd heeft de coup het aanzien en de reputatie van Tunesië geschaad. Het investeringsklimaat in Tunesië is verslechterd.’
De economische cijfers laten zien dat de Tunesische economie er niet florissant bij staat. Het bruto binnenlands product (bbp) groeit trager dan in andere Noord-Afrikaanse landen en de inflatie is behoorlijk hoog (7,4 procent in een jaar). In het dagelijks leven merken de Tunesiërs dat er tekorten zijn aan basisproducten, zoals brood, rijst en pasta.
Ghannouchi voorspelt dat er ‘een nieuwe sociale explosie, een nieuwe revolutie’ komt. Of anders: een migratiegolf naar Europa, vroeg of laat.
‘Als mensen de hoop op vreedzame verandering in hun land verliezen, leidt dat ertoe dat iedereen weg wil. Ik snap niet dat Europa dat niet inziet. Voor sommige Tunesiërs is dit het einde. Ze hebben alles geprobeerd, ze hebben democratie geprobeerd en nu geloven ze dat er geen hoop meer is voor Tunesië. Ze zien dat vrijheden worden ingeperkt en dat het met de economie slecht gaat. De enige uitweg is dan migratie.’
Soms lijkt het inderdaad alsof de geschiedenis zich herhaalt. Alsof Tunesië weer helemaal terug is bij af.
Opnieuw zit Rached Ghannouchi in de gevangenis, net zoals tijdens de dictatuur in de jaren tachtig. ‘In sommige opzichten is het zelfs erger dan vroeger’, vertelt zijn dochter. ‘Als meisje kon ik met mijn broers en zussen bij mijn vader op bezoek in de gevangenis. We zaten dan bij elkaar, te kletsen en te zingen. Maar nu worden zulke bezoeken hem niet toegestaan. Nu sta je ieder aan een kant van een glasplaat en praat je door een telefoon, die vaak niet eens goed werkt.’
Zelf durft Yusra Ghannouchi niet naar Tunesië te gaan, uit angst dat ze wordt opgepakt vanwege haar politieke betrokkenheid. Dat overkwam ook andere kinderen van oppositieleden.
Wat heeft het uiteindelijk opgeleverd, de revolutie en de democratische jaren die daarop volgden? Is het, achteraf bezien, allemaal voor niets geweest, nu Saied de macht weer stevig in handen heeft genomen?
Nee, zegt Ghannouchi, zij weigert dit te zien als het einde. ‘Veel Tunesiërs accepteren niet wat er nu gebeurt. Zij gaan naar protesten en oefenen kritiek uit, zij offeren desnoods hun vrijheid ervoor op. De revolutie is niet iets uit het verleden – nee, er is sprake van een terugslag, en we moeten de zaak weer op de rails krijgen. Dit kan niet het einde zijn van de Arabische Lente.’
De laatste weken nemen de straatprotesten in Tunesië toe. Misschien zullen de presidentsverkiezingen van zondag een omslagpunt blijken te zijn.
‘Je ziet nu zo’n flagrant gebrek aan respect voor de wet en de rechtsstaat’, zegt Ghannouchi. ‘En na drie jaar hebben mensen gezien dat een eenmansheerschappij niet de oplossing is. De vrijheden die na de revolutie vanzelfsprekend waren, zijn verdwenen: dat je de tv aanzette en dat je diversiteit aan meningen hoorde, bijvoorbeeld. Met de economie gaat het ook nog steeds niet goed.
‘Ik denk dat meer en meer mensen niet zullen toelaten dat Saied hiermee doorgaat. En dat de protesten zullen groeien. Want ik kan me niet voorstellen dat mensen weer onder een dictatuur willen leven.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant