Home

Lichtpuntje op dierendag: met deze dieren gaat het wél goed in Nederland

Veel dieren komen steeds minder voor in de natuur of zijn zelfs uitgestorven. Maar er zijn ook soorten waarmee het wél goed gaat in Nederland. Van de wilde kat tot de oehoe: een overzicht van beesten die het voor de wind gaat op deze dierendag.

De grootste uil ter wereld, de oehoe, laat zich steeds vaker zien in Zuid-Limburg. "Doordat het in Duitsland steeds beter gaat met deze uil, heeft de vogel ook steeds verder de oversteek gemaakt naar Nederland", zegt Saskia Hausel tegen NU.nl. Zij is persvoorlichter van de Vogelbescherming.

De oehoe is een makkelijke prooi voor jagers en is daardoor lange tijd op veel plaatsen verdwenen. Maar mede dankzij beschermende maatregelen broedt de uil sinds 1997 weer in Nederland.

De zeearend staat vanwege zijn spanwijdte van ruim 2 meter bekend als de 'vliegende deur'. De vogel broedt sinds 2006 in de Oostvaardersplassen en vliegt inmiddels op veel meer plekken in het land.

Jarenlang heeft de zeearend geleden onder pesticiden in het milieu. "Maar door strengere beschermingsmaatregelen neemt de populatie steeds verder toe", vertelt Hausel.

Als de otter in een gebied voorkomt, is dat een compliment aan de natuur. "Dan weet je dat de waterkwaliteit goed genoeg is. De otter is namelijk kieskeurig", zegt Elze Polman, projectleider bij de Zoogdiervereniging. "Otters willen schoon water en worden ook wel de 'waterkoning' genoemd."

Gelukkig komt dit zoogdier steeds vaker voor. Voornamelijk in het noordoosten van Nederland, maar ook op andere plekken, zoals in Flevoland.

Wel zijn er nog wat aandachtspunten, vertelt Polman. "De beesten worden nog veel doodgereden, dus dat moet beter. Maar dat het dier zich weer op veel plekken laat zien, is een goed teken."

De bever, het grootste knaagdier van ons land, is zich goed aan het verspreiden. "De bever is een belangrijke speler in het ecosysteem", vertelt Polman. "Door het knagen aan bomen zorgen ze ervoor dat er meer dood hout in de omgeving is. Daar komen weer insecten en vogels op af, wat de biodiversiteit verhoogt."

Wel veroorzaakt hun knaag- en graafwerk schade op sommige plekken, vooral aan dijken en het spoor. "We moeten op zoek naar een goede manier om samen te leven met de bever, maar dat moet wel lukken", zegt Polman.

Onder water gaat het steeds beter met de steur. Deze trekvis was in 1953 nog officieel uitgestorven in Nederland, maar maakt nu een comeback. De afgelopen jaren is de steur vaker succesvol uitgezet in Nederland, zodat onderzocht kon worden wat nodig is om de vis hier permanent te laten terugkeren.

Uit dat onderzoek is gebleken dat een deel van de vissen de weg naar de Noordzee vindt via de haven van Rotterdam. Dit bewijst dat steuren in staat zijn hun natuurlijke trekroute te volgen.

In augustus zijn nog 250 steuren uitgezet in de rivier de Waal. Maureen Veurman van het Wereld Natuur Fonds was daarbij. "Het was magisch om ze met zovele te zien wegzwemmen. Ze zien er heel prehistorisch uit." Veurman hoopt dat ook deze steuren hun natuurlijke trekroute weer gaan volgen.

De wilde kat vindt het sinds een paar jaar weer fijn toeven in Limburg, zegt Polman. "Ze zijn teruggekomen en hebben hier zelfs jongen gekregen."

Zoals bij veel zoogdieren hebben we er als mens voor gezorgd dat ze weggingen. "Zo hebben we op de wilde kat gejaagd, maar er ook voor gezorgd dat hun leefgebied grotendeels verdween", vertelt Polman. "Maar het is positief dat de wilde kat zelf is teruggekomen naar Nederland."

De wolf zorgt al enige tijd voor ophef in ons land. Er zijn dit jaar al een aantal incidenten geweest tussen mens en wolf.

Eén ding is in elk geval duidelijk: het dier voelt zich hier steeds meer thuis. Dit jaar zijn in heel Nederland zeker 55 wolven geboren. Dat is het grootste aantal welpen sinds de terugkeer van de wolf in ons land. "De wolf is net zoals de wilde kat uit zichzelf teruggekomen naar ons land", vertelt Polman.

De kleine zilverreiger komt steeds vaker voor in moerassen en andere gebieden met ondiep zoet of zout water. Deze kleine visseneter broedde in de jaren tachtig en negentig nog nauwelijks in ons land, maar is nu een veelgeziene gast.

"Door mildere winters en meer natte natuur is de vogel steeds vaker te zien in Nederland. Daar profiteert hij van", zegt Hausel. De vraag is of we dit in het kader van klimaatverandering wel echt als positief moeten bestempelen.

De Cetti's zanger is voornamelijk te vinden in Zeeland en Zuid-Holland, maar steeds vaker ook op andere plekken. De kleine bruine zangvogels zijn goed te herkennen aan hun explosieve zanggeluid.

Ook deze vogel gedijt goed in mildere winters en natte natuur, vertelt Hausel. "De Cetti's zanger huist graag op natte plekken, zoals tussen rietplanten."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next