Met een luchtaanval in het hart van de Libanese hoofdstad Beiroet wakkert Israël de vrees aan dat de lucht- en landoorlog met Hezbollah zich niet zal beperken tot de bekende bolwerken van de sjiitische militie.
Het bombardement, laat op de woensdagavond, trof een appartement in de wijk Bashoura, enkele honderden meters van het Libanese parlement en het hoofdkwartier van de Verenigde Naties. In het getroffen pand hielden aan Hezbollah gelieerde hulpverleners kantoor. Negen aanwezigen kwamen volgens de Libanese autoriteiten om, onder wie twee artsen van de Islamitische Gezondheidsdienst.
‘Opnieuw een slapeloze nacht in Beiroet’, verklaarde de speciaal coördinator van de VN, Jeanine Hennis-Plasschaert, voormalig VVD-minister van Defensie, donderdag in een staccato bericht op X. ‘De explosies tellen die de stad doen schudden. Geen luchtalarm. Niet weten wat hierna gebeurt. Alleen dat onzekerheid voor ons ligt. Angst en vrees zijn alomtegenwoordig.’
Wat Israël een ‘precisieaanval’ in het centrum van Beiroet noemde, was volgens EU-buitenlandchef Josep Borrell ‘een schending van het humanitair recht’ vanwege de dood van de hulpverleners. Op X schreef hij: ‘Niet alleen zijn burgers slachtoffers van aanvallen, ook in dichtbevolkte gebieden, ze worden ook nog eens beroofd van medische hulp.’
Sinds de ‘pieper-aanvallen’ van half september zijn volgens het Libanese ministerie van Volksgezondheid 1.276 doden gevallen, al net zoveel als in de maandlange oorlog van 2006. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) meldde donderdag dat er in 24 uur tijd 28 medische hulpverleners waren gedood. Aan Israëlische zijde sneuvelden woensdag acht soldaten.
De Israëlische luchtmacht nam in haar campagne tegen Hezbollah ’s nachts ook de zuidelijke wijk Dahieh met zeker tien raketten onder vuur. Het is sinds jaar en dag het bastion van de sjiitische beweging, waar Israël Hezbollah-leider Hassan Nasrallah vorige week met een zwaar bombardement liquideerde. Zolang de luchtaanvallen zich daar concentreerden, waanden inwoners van andere wijken van Beiroet zich thuis nog veilig.
Beiroet is net als de rest van Libanon een lappendeken van territoria van sjiitische en soennitische moslims, druzen, maronieten en andere christelijke sekten. In 1990 kwam na vijftien jaar een einde aan de burgeroorlog, maar de bevolkingsgroepen vonden geen manier om eendrachtig het land op de been te helpen. Zodoende heeft Libanon al twee jaar geen president, en kon de militie van Hezbollah sterker worden dan het Libanese regeringsleger.
Naast Beiroet richt het Israëlische offensief zich vanuit de lucht op de Bekaa-vallei in het oosten, waar de grensovergangen met Syrië belangrijk zijn voor de bewapening en bevoorrading van Hezbollah, en op de grond vechten Israëlische eenheden met luchtsteun zich het zuiden van Libanon binnen richting de rivier de Litani.
Vier Rode Kruis-medewerkers en een Libanese militair kwamen om bij een Israëlische aanval toen zij bij de zuidelijke plaats Taybeh een konvooi met gewonden evacueerden, meldde donderdag de Libanese afdeling van het Rode Kruis. In Bint Jbeil, ook in het grensgebied waar Israëlische grondtroepen deze weken aan de invasie begonnen, kwamen volgens Israël vijftien Hezbollah-strijders om bij een bombardement op het gemeentehuis.
Hoever Israël wil oprukken is onduidelijk. Nadat Israël eerder al burgers in de dorpen ten zuiden van de Litani, 30 kilometer ten noorden van de grens, opriep te vertrekken, kregen woensdag ook de bewoners van twintig plaatsen ten noorden van de rivier de oproep een veilig heenkomen te zoeken.
Het doet Libanezen het ergste vrezen: meer dan een miljoen inwoners zijn de laatste dagen op de vlucht geslagen, nadat ze al een jaar lang konden volgen hoe Palestijnen in Gaza steeds op de vlucht moeten voor de Israëlische aanvallen op Hamas, de bondgenoot van Hezbollah. Bij de bombardementen zijn daar al meer dan 41 duizend doden gevallen.
De aanval op Hezbollah is een volgend hoofdstuk in de Israëlische oorlogsgeschiedenis in Libanon: generaties Israëlische dienstplichtigen kennen de weg naar de Litani. In 1978 trok het Israëlische leger voor het eerst op naar het noorden, in antwoord op Palestijnse aanvallen. Daarna in 1982 nog een keer: het leger stootte toen zelfs door tot in Beiroet om de Palestijnse bevrijdingsbeweging PLO te verdrijven, waarna het Zuid-Libanon tot 2000 militair bezet hield. Zes jaar later was het weer raak, toen in antwoord op de ontvoering van twee Israëlische militairen door Hezbollah.
Tijdens de 34-daagse oorlog van 2006 ontwikkelde het Israëlische leger de ‘Dahieh-doctrine’, die de Israëlische militaire aanpak sinds 7 oktober domineert. De doctrine is vernoemd naar de zuidelijke wijken van Beiroet, waar Israël toen voor het eerst zware bombardementen uitvoerde op plekken waar burgers wonen.
Twee jaar later zei Gadi Eisenkot, destijd de hoogste militair aan het noordelijke front in de Israëlische krant Yedioth Ahronot: ‘Wat in Dahieh is 2006 is gebeurd, zal met elk dorp gebeuren van waaruit Israël onder vuur wordt genomen. We zullen disproportioneel macht uitoefenen en immense schade en verwoesting aanrichten. In onze ogen zijn dat militaire bases.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant