Bijna niemand speelt ze, maar echt waar: Netflix heeft games. Zoals het platform als eerste eigen series in één klap online zette, wil het nu een revolutie ontketenen met (eigen) spellen. De gamewereld reageerde schamper, maar er is best kans dat Netflix het laatst lacht.
De kans is groot dat u een van die 278 miljoen Netflix-abonnees bent die nog nooit een Netflix-game heeft geprobeerd. Het kan zelfs zo zijn dat u nu denkt: ‘Een wát voor game?’
Toch is het waar: de grootste streamingdienst ter wereld biedt al jaren een gestaag groeiend aantal videogames aan, te gebruiken op de smartphone. Kijk nog maar eens goed naar de Netflix-app op uw telefoon, mocht u die geïnstalleerd hebben. Ergens tussen de sidescrollbalken ‘verder kijken’ en ‘nieuw op Netflix’ staat een vrolijk strookje ‘mobiele games’. Met plaatjes van flipperkasten, kaartspellen, Spongebob en halfblote mensen die kennelijk aan het daten zijn. Maar op die toch best aantrekkelijke plaatjes wordt al jaren weinig enthousiast geklikt.
Over de auteur
Robert van Gijssel is muziekredacteur van de Volkskrant en schrijft over pop en de muziekindustrie. Hij schrijft ook over gamecultuur.
En dat is een vergissing: ja, ook van u. Want op die grote onbekende Netflixbalk is heel veel te beleven. Als het aan de streamingdienst zelf ligt, wordt er de komende jaren zelfs een entertainmentrevolutie ontketend, die net zo belangrijk kan worden als de serierevolutie die de streamingdienst een decennium geleden ook eigenhandig in beweging zette.
Netflix is niet scheutig met cijfers over het eigen game-offensief, dat drie jaar geleden werd ingezet. Maar eind vorig jaar werd bekend dat ongeveer 1 procent van de abonnees vrijwel dagelijks een spelletje speelt. Dat lijkt dramatisch. Zeker als je bedenkt dat de streamingdienst al bijna een miljard euro heeft uitgegeven aan dat hogere doel, dat in 2021 met de wereld werd gedeeld.
‘Wij houden van games’, schreef het Amerikaanse entertainmentbedrijf op 2 november 2021, in een bericht aan alle abonnees. ‘Wij staan aan het begin van een heel nieuwe game-ervaring en u gaat deze reis met ons meebeleven. Let the games begin!’
Netflix bood bij die eerste aankondiging al direct een handjevol spellen aan, dat via de app op de telefoon of tablet kon worden gedownload en gratis en zonder advertenties gespeeld. De abonnee kon kiezen uit de smartphonegame Stranger Things, geïnspireerd op de monumentale Netflix-serie. Of het zenuwslopende behendigheidsspelletje Teeter Up, waarbij een balletje in een gaatje moest worden gewipt – net als vroeger, in zo’n klein houten speeldoosje.
Dit ‘aanbod’, in combinatie met de latere mededeling van Netflix-baas Greg Peters dat zijn bedrijf ‘een van de grootste aanbieders van games ter wereld’ wil worden, maakte de mondiale game-industrie wel een beetje aan het lachen. Want Netflix wist natuurlijk helemaal niets van gamecultuur, en zou zich nooit kunnen handhaven in een uit liefde geboren, onmetelijk creatieve industrie die al ruim veertig jaar exact weet wat gamers willen. En waar jaarlijks gemiddeld zo’n 250 miljard euro in omgaat.
Maar de streamingdienst deed waar het wél goed in is: de mensen die het beter weten op hun beurt hartelijk uitlachen. Want werd de dienst niet voor gek verklaard toen het in 2013 kwam met de eigen serie House of Cards? Een serie die je thuis in één ruk kon wegbingen, in plaats van wekelijks af te stemmen op een of ander ouderwets tv-kanaal?
Netflix haalde destijds de schouders op, want wist zeker dat er wel degelijk vraag zou komen naar complete, in één keer aangeboden series. Het kocht een gigantisch aanbod in bij andere producenten en tv-maatschappijen en overspoelde de wereld daarna met seizoenen. En zie nu hoe de seriecultuur heerst in de film- en vermaakwereld.
De gamedienst op Netflix werkt als een abonnementenservice voor spellen. Daar zijn er meer van, zoals de Xbox Game Pass. De speler betaalt een maandelijks bedrag en krijgt dan de beschikking over vaak honderden games. Die moeten, net als bij Netflix, eerst worden gedownload.
De Netflixgames zijn vooralsnog bedoeld voor de smartphone. Veel bestaande spellen waarvan het bedrijf de rechten heeft verworven, waren oorspronkelijk gemaakt voor gameconsoles als de PC, de Playstation of de Nintendo Switch. Voor de Netflixversie zijn ze ‘geport’, oftewel: omgebouwd voor een ander spelsysteem.
Een telefoon heeft geen externe gamecontroller, dus moeten veel spellen worden bestuurd door met een vinger over het beeldscherm te bewegen. Niet alle games zijn daarvoor geschikt. Een avonturen- en klauterspel als bijvoorbeeld het Indiase Raji, dat goede kritieken kreeg voor de consoles, is als Netflix-game op de telefoon lastig onder de knie te krijgen. Vooral vanwege het gepriegel met functietoetsen op het aanraakscherm, waar bijna geen plek voor is op een gemiddelde smartphone.
De huidige gameplannen doen denken aan de eigenwijze serieplannen van destijds, die van Netflix uiteindelijk marktleider maakten. Netflix, dat dankzij die initiële voorsprong en met die 278 miljoen betalende abonnees een rijk bedrijf is, ging nu ook op rooftocht in gameland.
De streamingdienst kocht de rechten van tientallen kleine spellen op; van minigolf tot simpele puzzels, die je ook kunt vinden in de Google Play Store of de Apple App Store op de telefoon. Maar het bedrijf schafte ook een paar in de volwassen gamewereld zeer gewaardeerde ‘indie-games’ aan; vaak bekroonde spellen van onafhankelijke en kunstzinnige makers.
Zo kocht Netflix Spiritfarer, een prachtige game over de omgang met de dood, die op een gameplatform als Nintendo Switch nog altijd tientallen euro’s kost. Of Oxenfree, een ook al zo artistiek hoogwaardig spel, dat iedereen met een Netflix-app ineens gratis kon spelen. Het aanbod van games groeide dit jaar spectaculair, ondanks de matige downloadcijfers. Op dit moment staan op Netflix zo’n honderd, soms zeer respectabele games.
Het bedrijf ging nog een stap verder en nam hele gamestudio’s over, zoals het team achter het spel Oxenfree. Deze Night School Studio werkt nu in dienst van Netflix aan games die de streamingdienst graag in de catalogus wil hebben. En dus ‘aan games die nog een echt verhaal mogen vertellen’, aldus de studio in een bericht aan de fans, net na de overname. Dat kan volgens de Night School Studio bij uitstek bij Netflix, want dat is tenslotte een verhalenfabriek.
Netflix ging zelf games maken, zoals het eerder zelf series ging maken. En vooral aan de laatste worp aan nieuwe games kunnen we zien wat het bedrijf nu precies wil met al die spelletjes, die nog altijd een vreemde eend zijn in het film- en serie-aanbod. De nieuwe, ‘verhalende games’ lijken sterk op bekende Netflix-series. In het spel Emily in Paris bijvoorbeeld, gemodelleerd naar de zeer populaire serie, kun je als gamer rondlopen in de Parijse modewereld. En dus de geliefde Emily nadoen. En in het spel Perfect Match kun je zelf virtueel daten en uitpuzzelen wie de meest geschikte liefdeskandidaat is.
Netflix blijkt dus werkelijk een visie te hebben gehad op de eigen gametoekomst. De Netflix-games moeten kennelijk een verlengstuk worden van de series, dat de volgers ervan nóg meer laat meeleven. Vooral tijdens het gapende gat tussen twee seizoenen.
‘Games zijn een strategie om onze abonnees betrokken te houden tussen de seizoenen van hun favoriete shows’, liet het bedrijf al eens weten. Met de serie-achtige spellen hebben ze dus feitelijk een nieuw soort game bedacht: een interactieve serie, waarin je zelf mag meespelen.
Voor die nieuwe markt lijkt nu nog geen massaal publiek op te stomen. En je kunt lacherig doen over een spel als Emily in Paris, waarin je eindeloos kunt knutselen aan je eigen outfit en je kapsel. Maar Netflix is dus weer iets groots aan het opbouwen en de vraag naar dit soort seriegames zelf aan het creëren. Als dit interactieve spellenaanbod straks echt populair wordt en zelfs een nieuwe seriebeleving inluidt, dan loopt Netflix weer fluitend voorop.
Volgens kenners van de streamingindustrie moeten de diensten wel met nieuwe vondsten komen. Want de markt lijkt wat verzadigd. Ieder mens in de wereld heeft zijn favoriete diensten wel zo’n beetje gekozen, en het aanbod is enorm. Wil je als streamingplatform nog een slag slaan, of abonnees van andere diensten wegkapen, dan zal je met iets origineels moeten komen.
De laatste jaren zagen we streamingdiensten al experimenteren met live uitgezonden sportwedstrijden, of reportages vanaf de Olympische Spelen in Parijs. Netflix hoopt dat het straks met interactieve series en zelf ontwikkelde games iets unieks in de aanbieding heeft.
Maar dezelfde kenners zien ook problemen voor Netflix. Zo is de telefoon als doorgeefluik voor series gewoon niet zo populair. Volgens vrij recente data van het onderzoeksbureau Conviva kijkt ongeveer driekwart van de streaming-gebruikers uitsluitend op de tv. Ook de Netflix-klant zweert bij het grote scherm en zal zich op een kleine telefoon ook niet snel aan een spelletje zetten. Netflix weet dit, en zou al experimenteren met eigen gamecontrollers, waarmee de abonnee straks ook een game op de tv kan spelen. Of met de telefoon als controller voor een spel op de tv.
En dan is er nog dat desastreuze verdienmodel. Netflix gaf al bijna een miljard euro uit aan de nieuwe gametak en bracht honderd games uit. Maar het bedrijf verdient nog niets met de spelletjes, zolang het er geen nieuwe abonnees mee trekt die maandelijks een bedrag overmaken. Hoelang houdt Netflix dit vol?
Nog best lang, denkt bijvoorbeeld het Amerikaanse The Wall Street Journal. De krant onthulde dat Netflix momenteel bezig is met de ontwikkeling van interactieve games naar series als Squid Game, Black Mirror en Wednesday. En gezien de overweldigende populariteit van die series kan ook het Netflix-gamen best een succesverhaal worden.
De verstrengeling tussen series en games wordt mogelijk nog inniger. De gamestudio Ubisoft, een van de grootste gamemakers ter wereld, liet weten dat wordt gewerkt aan een Netflix-gameversie van het spel Assassin’s Creed, een van de grootste gameseries ter wereld. En die speciale versie hoort dan bij de nieuwe, ‘live-action’ tv-serie Assassin’s Creed, die ooit op Netflix moet verschijnen. De ‘side quest’ van Netflix is nog niet voltooid.
De serie Stranger Things, een van de kroonjuwelen van Netflix, moest natuurlijk een eerste Netflix-game worden. Niet alleen vanwege de populariteit van de serie, maar ook omdat het jarentachtiggevoel perfect past bij de eerste generatie videospellen en het opgewonden sfeertje in de arcadehallen.
In de game Stranger Things, waarvan al drie delen zijn verschenen, loop je als een gepixelde agent Hopper door laboratoria, geholpen door de al net zo gepixelde personages uit de serie. Ieder personage heeft eigen krachten en het is de bedoeling dat je monsters en kwaadaardige wetenschappers verslaat – meestal door ze gewoon te meppen – in een eindeloze doolhof en tussen laserstralen die je aan en uit moet zetten. Dat gepuzzel is best lastig. En vermakelijk, ook dankzij de bliepende retrosoundtrack. Een topper in het aanbod.
De tekenfilmserie voor volwassenen Exploding Kittens is een gewaagd en gestoord verhaal over God, die in de gedaante van een kat over de aarde loopt en mensen lastigvalt.
Het gelijknamige kaartspel is minstens zo krankzinnig. Het is simpel en doet een beetje denken aan het laagdrempelige kroeg- en familiespelletje Uno. Iedere speler pakt om de beurt een kaart met een bepaald effect, en de kans bestaat dat je de ‘exploderende kattenkaart’ pakt. Dan ontplof je. Jammer maar helaas.
De game probeert net zo grappig te zijn als de serie maar de animaties zijn matig, de humor is van het niveau poep-en-plas en het hele spel ziet eruit alsof het voor een minimaal budget moest worden gemaakt. Dit had beter gekund.
Een ‘game’ kun je Emily in Paris, naar de gelijknamige en zeer romantische modeserie, niet noemen. Netflix zelf rubriceert Emily in Paris als ‘interactief verhaal’, en daarvan heeft de streamingdienst er heel wat in de aanbieding. Er zijn ‘klikverhalen’ verschenen bij Netflix-hits als Virgin River, Perfect Match, Love is Blind en Selling Sunset. De streamingdienst lijkt juist met dit genre te willen uitblinken, en trouwe kijkers iets te doen te geven tussen twee seizoenen in.
In Emily in Paris gaat de speler zelf naar Parijs, in een zelfgekozen personage dat je natuurlijk eerst even in de juiste creatie hijst: het gaat hier tenslotte om een modeverhaal. Je komt, net als de hoofdpersoon in de serie, te werken in de mode-industrie en komt alle personages uit de serie tegen.
Je klikt eindeloos door dialogen, en dat is ook de enige actie die van je verlangd wordt. Je flirt met die leuke bloemiste, of met de jongen van kantoor. Of je gaat naar feestjes – en kiest dan uiteraard wéér een nieuwe outfit. Voor de fans van de show moet dit alles erg amusant zijn, en de gestileerde animaties zijn vrolijk, fris en gelikt.
Dit door Netflix aangekochte doordenkspel is niet gebaseerd op een bestaande serie, maar laat wel zien wat je allemaal kunt doen met ‘interactieve verhalen’. Scriptic is zware kost, want gaat over bendegeweld en andere zeer serieuze thema’s. Je kunt als speler klikken op een aantal personages die elk een eigen, vaak schokkend misdaadverhaal te vertellen hebben.
De gamer speelt een detective die door telefoons van slachtoffers scrolt, op zoek naar aanwijzingen. Je eigen telefoon verandert op wonderbaarlijke wijze in die van het slachtoffer, alsof er een demon in huist. De speler kan ook in gesprek met collega-rechercheurs of forensische experts. Of verdachte personages verhoren.
Al is de gebruikte ‘straattaal’ in zogenaamde appberichten vaak nogal misplaatst, en duidelijk geschreven door oudere mensen die denken dat jongere mensen zo communiceren: Scriptic is wel een originele manier om een goed verhaal te vertellen. En het biedt een mogelijkheid om als speler eens te ervaren waar een gemiddelde rechercheur zoal mee te maken krijgt. Hier zit toekomst in.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant