Onder hoogopgeleide moslims in Nederland is het steeds vaker een onderwerp van gesprek: weggaan uit het land dat voor hen steeds killer wordt. Marokko trekt. ‘Als je je niet volledig conformeert, blijven Nederlanders je zien als vreemdeling.’
De zoete geur van verse muntthee vult de woonkamer als Yasmine (24) binnenkomt met een dienblad vol dampende glaasjes. Wat onhandig manoeuvreert ze het zware dienblad op de tafel, gehinderd door haar grote zwangere buik. ‘Nog drie weken’, zegt ze met een zucht.
In hun beigekleurige woonkamer in hartje Rotterdam vertellen Yasmine en Mohammed over hun toekomstplannen. Het jonge echtpaar verheugt zich niet alleen op de komst van hun eerste kindje, maar ook op een vertrek uit Nederland. ‘We hopen binnen nu en anderhalf jaar in Marokko te wonen’, vertelt Mohammed, terwijl hij zijn vrouw een koekje aanreikt.
Over de auteur
Marjolein van de Water is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over asiel, migratie, religie en de multiculturele samenleving. Eerder was ze correspondent in Latijns-Amerika.
Ze willen weg vanwege het vijandige klimaat in Nederland. ‘Hier kijken mensen op me neer omdat ik een hoofddoek draag’, zegt Yasmine. Omdat niet iedereen in hun omgeving al op de hoogte is van de verhuisplannen, willen ze niet herkenbaar op de foto of met hun achternaam in de krant.
Mohammed is de zoon van Afghaanse vluchtelingen en werkt als docent in het voortgezet onderwijs. ‘Ik heb heel lang geprobeerd me aan te passen aan de Nederlandse samenleving’, vertelt hij. ‘Maar als je je niet volledig conformeert, blijven Nederlanders je zien als vreemdeling.’
Yasmine’s ouders zijn hier geboren, haar grootouders komen uit Marokko. ‘Nu is de vierde generatie in aantocht’, zegt ze terwijl ze over haar buik strijkt. ‘Maar het wordt alleen maar slechter voor moslims in Nederland.’ Yasmine studeert pedagogische wetenschappen. Zodra die studie is afgerond, wil het echtpaar vertrekken: ‘We zijn het zat om in vernedering te leven.’
Ze lijken niet de enigen die een vertrek overwegen. Onder moslims is emigreren een veelvoorkomend gespreksonderwerp, vooral onder hoogopgeleiden, blijkt uit gesprekken die deze krant voerde. Want, zo is de gedachte, waarom zou je je energie en talenten steken in een land waar anderen je niet als volwaardig zien?
Het is onduidelijk hoeveel mensen een vertrek overwegen, harde cijfers ontbreken, er is geen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. In april bleek wel uit een inventarisatie van het radioprogramma Nieuws en Co dat de belangstelling om te emigreren toeneemt onder Nederlandse moslims. Cijfers van het CBS tonen al langer aan dat de in Nederland geboren kinderen van Marokkaanse ouders er vaker voor kiezen uit Nederland te vertrekken dan hun leeftijdsgenoten.
Warda Belabas en Petra de Jong van de Erasmus Universiteit deden onderzoek naar de achterliggende redenen. Ze interviewden 25 Marokkaanse Nederlanders die in Nederland zijn geboren en als volwassene naar Marokko zijn geëmigreerd. Hun studie, eerder dit jaar gepubliceerd, laat zien dat een vijandig klimaat tegenover moslims een cruciale rol speelt bij het besluit om Nederland te verlaten.
De groeiende discriminatie en intolerantie die Marokkaanse Nederlanders in hun dagelijks leven ervaren, leidt ertoe dat zij een toekomst in Nederland niet meer zien zitten, zo blijkt uit het onderzoek. Ook De Jong en Belabas signaleren dat het relatief vaak gaat om hoogopgeleide mensen.
‘Dit verschijnsel is niet uniek voor Nederland’, zegt Borja Martinović, hoofddocent interdisciplinaire sociale wetenschappen aan de Universiteit Utrecht. ‘Het staat bekend als de integratieparadox. Hoger opgeleide en economisch beter geïntegreerde mensen met een migratieachtergrond voelen zich meer vervreemd en uitgesloten dan lager opgeleide en economisch minder geïntegreerde mensen.’
‘Hogeropgeleiden zijn doorgaans beter op de hoogte van maatschappelijke en politieke ontwikkelingen’, verklaart Martinović dit verschil. ‘Hierdoor zijn zij zich meer dan anderen uit hun minderheidsgroep bewust van het anti-islamsentiment in het publieke debat.’ Hogeropgeleiden komen volgens Martinović ook vaker in aanraking met discriminatie, omdat ze zich in een wittere omgeving bewegen. ‘Ze voelen daardoor steeds minder binding met het land waarin ze zijn geboren.’
Dit is heel herkenbaar voor Hajar, een 35-jarige Marokkaanse Nederlander. ‘Ik heb me altijd enorm ingezet voor de Nederlandse maatschappij’, vertelt ze. Hajar studeerde rechten, werkte bij een advocatenkantoor gespecialiseerd in mensenrechten, en richtte later haar eigen juridisch adviesbureau op. Daarnaast verscheen ze regelmatig in de media, waar ze zich uitsprak tegen de inperking van vrijheden voor moslimvrouwen en bijvoorbeeld kritiek op het dragen van een hoofddoek.
‘Ik was optimistisch over de potentie tot verbetering van de Nederlandse samenleving en probeerde bruggen te slaan tussen verschillende groepen’, aldus Hajar. Inmiddels gelooft ze er niet meer in en denkt ook zij erover te weg te gaan. Omdat ze niet meteen vertrekt, en ze negatieve reacties vreest, wil ze alleen met haar voornaam in de krant.
‘De overheid faalt in het beschermen van moslims’, aldus Hajar. ‘Die ziet ons niet als volwaardige burgers.’ Dat heeft ze ook zelf ervaren toen ze als jurist voor een gemeente werkte: ‘Er kwam iemand voor gratis juridisch advies, maar toen hij mij zag, zei hij dat hij niet door een vrouw met hoofddoek geholpen wilde worden.’ Het ergste vond Hajar dat haar collega’s er niets van zeiden. ‘Ze boden hem een andere jurist aan.’
Haar emigratieplannen kregen een vastere vorm naarmate de lijst met negatieve ervaringen groeide, en ze het klimaat in Nederland en Europa zag verharden. De enorme verkiezingswinst van radicaal-rechts en de vorming van een regering met de PVV was voor Hajar een nieuw dieptepunt. ‘Mensen voelen zich gesterkt in hun islamhaat en zullen geweld minder schuwen’, vreest ze.
Ze heeft waardering voor anderen die zich nog wel blijven inzetten voor Nederland. ‘Maar ik steek mijn energie liever in een toekomst elders.’ Hoe die toekomst eruit moet zien, is onduidelijk. Haar achtergrond in Nederlands recht maakt het lastig om in het buitenland te werken, maar Hajar neemt dat verlies van carrièrekansen voor lief. ‘Ik wil leven op een plek waar ik me vrij kan ontwikkelen’, zegt ze vastberaden. ‘Dat is me veel waard.’
Ruim 3.000 kilometer verderop zit Saloua Bourhim (40) in haar favoriete strandtent. ‘Er is hier gratis wifi en het is op loopafstand van het strand waar de kinderen graag surfen’, vertelt ze nadat ze een crêpe Nutella heeft besteld voor haar dochtertje Nadine, die naast haar zit en verdiept is in een Franstalig leesboek.
Bourhim verhuisde dertien jaar geleden van Amsterdam naar het pittoreske vissersdorpje Essaouira, aan de westkust van Marokko. Ze kon destijds op weinig begrip rekenen van haar omgeving. ‘Want waarom zou je weg willen uit Nederland, het land van vrijheid en gelijkheid?’, zegt ze lachend. Maar Bourhim wist toen al heel zeker: dit is niet de plek waar ik mijn kinderen wil grootbrengen.
Als jongerenwerker in Amsterdam zag ze het effect van discriminatie en stigmatisering op opgroeiende kinderen. Ze zag hoe jongeren hun motivatie verloren na voor de zoveelste keer te zijn geconfrontreerd met stage-discriminatie en sprak meiden die geen hoofddoek durfden te dragen uit angst voor de reactie van hun leraren. Die worsteling met hun identiteit wilde ze haar kinderen besparen. Hoogzwanger en met twee jonge kinderen vertrok ze. ‘Het was nu of nooit.’
Bourhim deelt haar leven met haar bijna negenduizend volgers op Instagram en krijgt steeds vaker vragen van mensen die ook overwegen te emigreren. Ze ziet een nieuwe groep geïnteresseerden ontstaan: ‘In mijn tijd had je ofwel expats die voor hun werk in Marokko kwamen wonen of mensen die sowieso al weinig binding hadden met Nederland.’ De mensen die nu in haar inbox verschijnen, zijn veelal jonge Nederlandse moslims die in Nederland zijn opgegroeid.
Een bericht gedeeld door Saloua Bourhim (@saloua_in_mogador)
Uit hun berichten spreekt een groeiende onvrede met Nederland. ‘Mensen voelen de anti-islamsentimenten steeds dichterbij komen’, aldus Bourhim. ‘De wantrouwende houding van de overheid richting moskeeën, de toeslagenaffaire, de discriminatie bij DUO en banken. En zo kan ik nog wel even doorgaan’, verzucht ze. ‘Dat de man die ‘minder, minder, minder’ scandeerde nu grote verkiezingswinst heeft geboekt, drukt iedereen ruw met de neus op de feiten.’
Iemand anders die nieuwkomers in Marokko helpt en van adviezen voorziet is de 37-jarige Jamal Dahbi. Hij verhuisde zeven jaar geleden naar Marokko vanwege de ondernemingskansen die hij er zag in de fitness-industrie. Met een vriend begon hij de podcast, High Frequency. Elke aflevering spreken ze met een andere geëmigreerde Marokkaanse Nederlander over uiteenlopende onderwerpen, zoals ondernemerschap en onderwijs.
Dahbi hoopt met de podcast de drempel te verlagen voor mensen die de wens hebben te emigreren. ‘Het leven is kort en de aarde groot. Als je ongelukkig bent op een plek en onrecht ervaart, wat houdt je daar dan nog?’
Uit onderzoek blijkt dat discriminatie ertoe kan leiden dat mensen met een migratieachtergrond zich gaan distantiëren van hun Nederlandse identiteit, ook als ze hier geboren zijn. ‘Uit de studies blijkt dat minderheden die zich afgewezen voelen troost zoeken in de eigen gemeenschap en minder binding voelen met de ontvangende maatschappij’, zegt sociaal wetenschapper Martinović. ‘Dat kan een rol spelen bij de wens om het land te verlaten.’
Dat geldt zeker voor Yasmine en Mohammed. ‘Ik groeide op in een gereformeerd dorpje’, vertelt Mohammed. Als kind speelde ik veel met witte kinderen maar merkte altijd al dat ik er niet echt bij hoorde.’ Halverwege de middelbare school ging de islam een grotere rol spelen in zijn leven, Mohammed trok steeds meer op met andere moslims. ‘Zij accepteerden me wel zoals ik was.’
Ook Yasmine groeide op in een witte omgeving, in het zuiden van het land. ‘Ze dachten altijd dat mijn moeder de schoonmaakster was en dat ze geen Nederlands kon’, vertelt ze. ‘Ik heb dat altijd als heel vernederend ervaren.’ Mohammed vult aan: ‘Yasmine is hier derde generatie en wordt nog steeds gezien als een allochtoon. Voor onze kinderen willen we een ander leven.’
Echt geschrokken van de rechtse verkiezingsuitslag is Yasmine niet. ‘Dat was altijd al een sluimerend gevaar.’ Maar ook van linkse partijen verwacht ze weinig. ‘Zij accepteren misschien dat we een baard of hoofddoek hebben, maar onze normen en waarden zien ze het liefst verdwijnen. Linkse ideeën over lhbti, abortus en prostitutie staan haaks op mijn ideeën over het gezinsleven.’
Ook daarom willen ze verhuizen naar een land waar moslims niet de minderheid vormen. ‘In de islam staat het gezin centraal en is het alleen binnen de geborgenheid van een huwelijk dat man en vrouw intiem zijn’, zegt Yasmine. ‘In Nederland is er steeds minder vrijheid om kinderen met deze overtuiging op te voeden.’
Hun verhuizing moet ook een einde maken aan hun angst voor verdere inperking van vrijheden. Zo vrezen ze dat er in Nederland op een dag een hoofddoekverbod komt in openbare gebouwen, net als in Frankrijk. Dat Marokko andere vrijheden mist – kritiek op bijvoorbeeld het koningshuis is taboe – nemen Yasmine en Mohammed op de koop toe.
‘Ik weet dat ik niet verhuis naar een paradijselijke plek’, zegt ook Hajar. ‘Maar je weet in Marokko wat wel en niet kan. Ik heb liever dat de grenzen van de vrijheden duidelijk zijn, dan de schijnvrijheid die ik in Nederland ervaar.’
Bourhim probeert de mensen die haar benaderen een realistisch beeld te geven van het leven in Marokko. ‘Anders leidt het alleen maar tot teleurstellingen.’ In het onderwijs ligt bijvoorbeeld veel meer nadruk op discipline dan in Nederland. Dat is voor veel nieuwkomers uit Nederland wennen.
Ook Dahbi wil met zijn podcast geen al te rooskleurig beeld schetsen. ‘Het is fijn leven hier, maar er zijn ook uitdagingen. Goed personeel is schaars en de administratieve rompslomp kan soms nog erger zijn dan in Nederland. Maar tegelijkertijd is de regeltjesdruk lager, en het leven minder gehaast.’
Al met al ervaart Bourhim het leven in Marokko als een stuk aangenamer. ‘Het leven speelt zich hier veel buiten af.’ Ook voelt ze een sterke saamhorigheid onder de mensen. Maar het belangrijkste is de vrijheid die ze ervaart. ‘Mijn kinderen kunnen hier trots zijn op wie ze zijn, we hoeven ons niet constant te verantwoorden.’
Yasmine en Mohammed hebben inmiddels een dochter, en tellen de dagen tot hun vertrek. Spannend vinden ze het wel. ‘Je laat toch achter wat je hier hebt opgebouwd.’ Op tafel staan zalmroze babyschoentjes, nu nog te groot voor hun dochtertje. ‘Tegen de tijd dat ze passen, zet ze er haar eerste stapjes mee in Marokko.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant