Biologische bloemen en planten winnen langzaam terrein op de veelal bespoten tuincentravarianten. Op de Ambachtelijke Plantenmarkt in Vorden komen de pioniers samen. ‘Veel mensen weten niet hoe erg het is gesteld met gif in de sierteelt.’
Een dag voor de eerste Ambachtelijke Plantenmarkt op landgoed de Wiersse werden vorig jaar online nog zo veel toegangskaarten verkocht dat de websiteprovider dacht dat er een ddos-aanval gaande was. Dit bleek niet het geval: er was werkelijk enorm veel animo voor de markt vol onbespoten bloemen, planten en bomen. Met als gevolg dat niet alleen de website volledig vastliep, maar een dag later ook het verkeer rond de historische buitenplaats bij het Gelderse dorpje Vorden.
Gastvrouw en -heer Mary Gatacre (38) en Aart Jonkers (37) hebben geleerd van het overrompelende succes van de eerste editie. Afgelopen weekend werden liefhebbers van natuurvriendelijke sierteelt – op het oog vooral de wat welgesteldere witte medemens – verspreid over twee dagen ontvangen op hun landgoed. Bijna tienduizend in totaal, vertellen ze, staand tussen de vegafoodtrucks van Karma Kebab en Falafval, die de gefrituurde balletjes maakt van groenteafval.
Over de auteur
Pieter Hotse Smit is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland.
‘We willen een podium bieden aan kwekers die alles zelf doen en duurzaam werken’, zegt Jonkers. ‘Producenten van sierteelt die iets beters te bieden hebben dan tuincentra’s, waar het meeste uit industriële kassen komt en is bespoten met bestrijdingsmiddelen.’
Het is nog altijd goed zoeken in Nederland naar onbespoten bloemen of planten, maar aan het succes van de Ambachtelijke Plantenmarkt is te zien dat er een voorzichtige kentering gaande is. Dit blijkt ook uit cijfers van Bionext. De brancheorganisatie voor de biologische sector signaleerde dat sierteelt de grootste groeier is onder de producenten van biologisch waar. In 2022 groeide het aantal kwekers met een biokeurmerk in de sierteelt met 27 procent naar 174 bedrijven.
Dat aantal is nog zonder de kleine kwekers voor wie het verkrijgen van een officieel biologisch stempeltje te duur en tijdrovend is, maar die wel volgens die duurzame standaarden werken. Zoals Marieke Kitzen (44), die op de historische moestuin van landgoed Keppel een bloemenpluktuin en een kleine kwekerij runt.
‘Veel mensen weten niet hoe erg het is gesteld met gif in de sierteelt’, zegt Kitzen vanachter haar kraam op de plantenmarkt. ‘Maar dat krijg je als men verwacht dat alles aan een bloemetje in de supermarkt perfect moet zijn. Alles in hetzelfde formaat, dezelfde kleur en zonder vlekjes op de blaadjes. En zonder beestjes natuurlijk, want ieeeuw, jakkes’, zegt ze met een ironisch lachje, ‘je zult maar beestjes in huis halen.’
Voor Maria Aaldering van biokwekerij Aaldering De Stek is het antwoord op de vraag waarom ze biologisch werkt simpel. ‘Omdat ik eerlijk ben, ik wil de natuur niet bedonderen’, zegt ze. ‘Chemische middelen zijn ongezond, voor de natuur en ook voor mij om mee te werken.’
Voor moestuinvriendinnen Rita Lemstra (64) en Jolande Nijdeken (60) uit Lelystad is de markt een uitje, zeggen ze naast de zelf meegebrachte kruiwagen. Daarin staat al waarnaar Lemstra op zoek was: de Gaura lindheimeri, een plant met witte, vlinderachtige bloemetjes. Ze gaat altijd voor biologisch – voor de bijen en de vlinders. ‘Haar tuin’, zegt vriendin Jolande vol lof, ‘die zoemt joh, die beweegt, ruikt.’
Dat kan ook gezegd worden van het Achterhoekse landgoed de Wiersse: van de in totaal 300 hectare bestaat 130 hectare uit bos en nog eens 48 uit park en tuin – niet toevallig in Engelse stijl. Als majoor in het Britse leger kwam William Gatacre in de Eerste Wereldoorlog in Nederland terecht, waar hij zijn latere echtgenote ontmoette, jonkvrouw Alice de Stuers. Toen zij het voor het zeggen kregen op haar familielandgoed, de Wiersse, begon de Brit met het uitwerken van zijn visie op een groot Engels landgoed.
Sinds 2018 zet Williams kleindochter Mary met haar echtgenoot Jonkers zijn nalatenschap voort. Maar dan met nog meer oog voor het behoud van biodiversiteit, door bijvoorbeeld minder vaak te maaien, geen chemische middelen te gebruiken en te kiezen voor inheemse beplanting.
Gatacre en Jonkers zochten naar een manier om meer bezoekers te trekken naar hun historische buitenplaats, waar van het huis al een vermelding uit 1288 is terug te vinden. ‘Het moest wel iets zijn wat bij ons geloof past’, zegt Jonkers. ‘Geen muziekfestival of kerstmarkt, maar iets vóór biodiversiteit en tegen klimaatverandering.’ Gatacre wijst naar de dode toppen van een paar reusachtige eiken. ‘We zien hier iedere dag de gevolgen van droogte.’
Door haar bijdragen aan Gardeners’ World kende Gatacre de hoofdredacteur van het tuinblad, Anne Wieggers (36). Zij bleek op zoek naar een plek waar natuurvriendelijke pioniers uit de kwekerswereld konden samenkomen. Samen sprongen zij vorig jaar met de Ambachtelijke Plantenmarkt in een groot gat: na 25 edities was toen net een einde gekomen aan de Internationale Kwekerijdagen Bingerden, bij het Gelderse Angerlo.
Hoofdredacteur Wieggers kan inmiddels lachen om de totale (verkeers)chaos die gepaard ging met hun eerste editie. Niet in de minste plaats ontstaan omdat in haar tuinblad maandelijks vol enthousiasme een duurzame kweker werd voorgesteld die op de plantenmarkt ging verschijnen.
‘Ik weet nog goed dat Mary en ik voorafgaand gesprekken hadden met de politie en de provincie, en wij zeiden dat het druk ging worden’, zegt ze met een glimlach. ‘Maar die dachten: daar heb je weer twee vrouwtjes die wat plantjes gaan verkopen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant