Europese onderzoekers hebben een planeet ontdekt in een baan rond de Ster van Barnard, die bij ons om de hoek staat. Hoewel er geen Nederlanders bij het onderzoek betrokken waren, heeft de ontdekking toch een Nederlands tintje.
Spoiler: er kan geen leven voorkomen op de planeet, daarvoor is het er veel te heet. Toch is de ontdekking van belang: met toekomstige grote telescopen zijn het vooral dit soort nabije exoplaneten (planeten bij andere sterren dan de zon) die in detail bestudeerd kunnen worden.
De Ster van Barnard is – na het drievoudige stelsel van Alfa, Bèta en Proxima Centauri – de ster die het dichtst bij de zon staat, op een afstand van slechts zes lichtjaar. Het is een klein, lichtzwak dwergsterretje, dat ondanks de geringe afstand alleen met een forse telescoop te zien is. De ster is genoemd naar de Amerikaan Edwin Emerson Barnard, die in 1916 ontdekte dat hij met relatief hoge snelheid langs de hemel beweegt.
De Spaanse astronoom Jonay González Hernández en zijn collega’s hebben met de Europese Very Large Telescope in Noord-Chili minieme schommelingen van de dwergster ontdekt, die veroorzaakt worden door de zwaartekracht van een rondcirkelende planeet. Uit de metingen, bevestigd met andere instrumenten, blijkt dat die eens in de 76 uur een omloop voltooit, op een afstand van niet meer dan zo’n drie miljoen kilometer – slechts 7,5 keer de afstand tussen aarde en maan.
Als gevolg van die kleine afstand moet de oppervlaktetemperatuur van de planeet rond de 125 graden liggen. Vermoedelijk is de planeet (Barnard b genoemd) ongeveer half zo zwaar als de aarde. De ontdekking is deze week gepubliceerd in vakblad Astronomy & Astrophysics.
Hoewel er geen Nederlanders bij het onderzoek betrokken zijn, heeft de ontdekking van Barnard b toch een Nederlands tintje. In de jaren zestig en zeventig was het de Nederlands-Amerikaanse sterrenkundige Piet van de Kamp die als eerste in de geschiedenis beweerde dat hij planeten bij een andere ster had ontdekt. Zijn jarenlange metingen aan de Ster van Barnard leken te wijzen op het bestaan van twee reuzenplaneten, vergelijkbaar met de planeet Jupiter in ons eigen zonnestelsel.
Van de Kamp bleef tot zijn dood in 1995 geloven in het bestaan van ‘zijn’ planeten, maar toen was al duidelijk dat hij het slachtoffer was van ontoereikende techniek, meetfouten en misschien een beetje wishful thinking. In 2018 werd opnieuw de ontdekking aangekondigd van een (kleinere) planeet bij de Ster van Barnard, maar ook die bleek later niet te bestaan.
‘Planeten bij dit soort dwergsterren zijn enorm lastig te vinden,’ zegt exoplanetenexpert Ignas Snellen van de Leidse Sterrewacht. Op de vraag of het denkbaar is dat ook de nieuwe ontdekking ooit weer ingetrokken zal moeten worden, antwoordt Snellen: ‘Alles kan, maar ik ga er vanuit dat ze nu wel extra zorgvuldig te werk zijn gegaan.’
De ontdekking van Barnard b maakt eens te meer duidelijk dat het wemelt van de exoplaneten in het heelal. ‘Met toekomstige instrumenten zoals de Europese Extremely Large Telescope willen we die exoplaneten gedetailleerd onderzoeken,’ zegt Snellen, ‘en dat lukt eigenlijk alleen bij onze buursterren, zoals Proxima Centauri en de Ster van Barnard. Dat is in mijn ogen het grote belang van deze ontdekking.’
Over de auteur
Govert Schilling is wetenschapsjournalist. Hij schrijft voor de Volkskrant over sterrenkunde.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant