Nederland zal vermoedelijk tegen een controversieel Europees wetsvoorstel stemmen dat kindermisbruik moet bestrijden. Dat maakte Justitieminister Van Weel dinsdag bekend in een Kamerbrief. Volgens critici zet Europa met de wet de deur open voor massasurveillance van bijvoorbeeld WhatsApp.
‘Nederland erkent de urgentie van de bestrijding van kinderpornografisch materiaal volledig en is voorstander van effectieve EU-regelgeving voor het tegengaan van de verspreiding (van dit materiaal, red.)’, schrijft Justitieminister Van Weel (VVD). Tegelijkertijd geeft hij gehoor aan de zorgen van critici, vooropgesteld dat de wet opsporingsdiensten toegang geeft tot privécommunicatie van Europeanen via digitale chatkanalen zoals WhatsApp.
‘Het kabinet heeft daarom besloten om zich te onthouden van het innemen van een positie en dit actief kenbaar te maken’, schrijft hij verder. Dit betekent effectief dat Nederland in november tegen het wetsvoorstel zal stemmen in de Europese Raad. De Raad is al lang verdeeld over de wet, waardoor onderhandelingen met de Europese Commissie en het Parlement nog niet kunnen beginnen. Nederlandse steun voor het voorstel had deze patstelling kunnen opheffen.
Over de auteur
Frank Rensen is nieuwsredacteur van de Volkskrant, met technologie als specialisme.
Afgelopen week maakten onder meer privacy-experts zich grote zorgen dat het kabinet het standpunt vóór de wet zou innemen. De regering ontving van onder anderen privacyhoogleraar Jaap-Henk Hoepman en hoogleraar ict en recht Frederik Zuiderveen Borgesius, Offlimits (moederorganisatie van Meldpunt Kinderporno), Amnesty International en branchevereniging Cyberveilig Nederland brieven. Daarin werd, elk vanuit een eigen perspectief, gesteld dat het Europese wetsvoorstel in strijd is met de Grondwet, en bovendien buitenproportioneel en ineffectief is.
‘De wet is gevaarlijk en onveilig’, zegt Kamerlid Barbara Kathmann (GroenLinks-PvdA). Ze noemt de vocale onthouding van Nederland een ‘opluchting’, maar een ‘volmondig tegen is volgens GroenLinks-PvdA en experts de enige weg die bewandeld moet worden’. Volgens Kathmann is dit belangrijk om het wetsvoorstel niet voortdurend aan te passen, zoals tot nu toe gebeurt in de Raad, maar om het voorstel volledig van tafel te schuiven. ‘Daar zullen we het debat over blijven aanzwengelen.’
Het wetsvoorstel, opgesteld door het nieuwe Hongaarse voorzitterschap van de Europese Raad, stelt voor op alle Europese telefoons slimme software te installeren die kan ‘scannen’ naar foto’s en video’s die gebruikers van berichtendiensten, zoals WhatsApp, met elkaar delen. De software beoordeelt hierbij of sprake is van bijvoorbeeld kinderporno. Als de scanner schadelijk materiaal denkt te detecteren, moet het kopieën van de berichten of beelden naar Europol kunnen sturen.
De software moet het makkelijker maken criminele activiteiten op te sporen. Op dit moment staat de versleuteling van bijvoorbeeld WhatsApp (of alternatieven zoals Telegram of Signal) in de weg: deze voorkomt dat niemand, inclusief WhatsApp zelf, het berichtenverkeer tussen personen of een groep kan inzien.
Het voornaamste kritiekpunt op het wetsvoorstel is dat de scanningssoftware het briefgeheim van chatapps schendt, door een achterdeur te installeren waarmee autoriteiten effectief privéberichten kunnen bekijken. ‘Buiten dictaturen is dit soort bulk monitoring van privéberichten nog nooit vertoond. Ervaring leert dat als een dergelijke hobbel eenmaal genomen is, dit soort surveillance ook acceptabel wordt voor andere doelen’, schrijft Bert Hubert, voormalig adviseur van inlichtingendienst AIVD, in zijn brief aan de regering.
Onder meer om deze reden stemde de vorige Tweede Kamer tegen de wet. De politie zelf stelt dat chatversleuteling haar werk weliswaar lastiger maakt, ‘maar niet onmogelijk’, zei Annemiek van Noord van het Team Bestrijding Kinderporno en Kindersekstoerisme in Nieuwsuur.
Het is onvermijdelijk dat de scanner zo nu en dan fouten zal maken, waardoor onschuldige Europeanen, die bijvoorbeeld een foto van hun kind in bad naar oma of opa sturen, in een database van Europol komen te staan, zegt Rejo Zenger, beleidsadviseur van digitalemensenrechtenorganisatie Bits of Freedom. De software moet volgens de wettekst bovendien gemaakt worden door particuliere bedrijven, niet de Europese Unie zelf. ‘Het is een gekke stap om deze taak bij technologiebedrijven neer te leggen, omdat de EU zich afgelopen jaren juist zo inspant om hun mogelijkheden tot surveillance in te perken’, zegt Zenger.
Ook maakt het installeren van de software op Europese apparaten cyberaanvallen van statelijke actoren en criminelen makkelijker, zegt Liesbeth Holteman, strategisch adviseur van Cyberveilig Nederland, branchevereniging van cybersecuritybedrijven: ‘Je vergroot met de scanningssoftware het arsenaal aan middelen waarmee kwaadwillenden onze technologie kunnen misbruiken. In het ergste geval kunnen ze onze communicatie inzien of apparatuur saboteren.’
In oktober 2023 keerde het Europees Parlement zich tegen het oorspronkelijke voorstel van de Commissie: het Parlement kwam met een tegenvoorstel dat zich meer richt op preventie van kindermisbruik dan op de detectie ervan.
Onderhandelingen over dergelijke tegenvoorstellen met de Europese Commissie, het Parlement en de Raad van Ministers kunnen pas beginnen zodra die laatste met een eigen voorstel komt. Mede door de steeds veranderende samenstelling van de Raad lukt dit al twee jaar niet. Hongarije, dat nu voorzitter is van de Raad, gaat het in de komende weken nog een keer proberen.
In het nieuwe Hongaarse voorstel mag de slimme scanner alleen zoeken naar kinderpornografisch materiaal dat al bekend is bij opsporingsdiensten. Eerdere voorstellen maakten dit ook expliciet mogelijk voor de detectie van nog onbekend materiaal en kinderlokkerij via bijvoorbeeld tekstberichten. Het Hongaarse voorstel is volgens voorstanders een tegemoetkoming aan de bezwaren van de privacy-voorvechters.
Critici stellen echter dat de opsporing van onbekend materiaal en kinderlokkerij nog steeds is opgenomen in de wettekst. Techbedrijven worden daardoor verplicht om alsnog te werken aan de ontwikkeling van scanningstechnologie die ook deze vormen van misbruik kan detecteren.
‘Het addertje onder het gras’, zegt Zenger van Bits of Freedom: ‘De Commissie beoordeelt volgens het wetsvoorstel elke vijf jaar opnieuw welke technologie het moet gebruiken om onlinekindermisbruik tegen te gaan, en kan dus over vijf jaar alsnog beslissen om verdere toegang tot onze privécommunicatie willen.’ In de loop van de week lekte er een nieuw Hongaars voorstel uit, ingezien door de Volkskrant, waarin deze tijdslimiet van vijf jaar was afgeschaafd naar drie. Zo kan het voorstel van de Raad op den duur toch weer veranderen naar de eerste, fel bekritiseerde, versie.
Tussen 10 en 12 november staan de stemmingen over het Hongaarse voorstel op de agenda in de Europese Raad.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant