Home

De verdeelde stad Jeruzalem is na een jaar oorlog verdeelder dan ooit tevoren

Jeruzalem is verdeeld in een stadsdeel voor winnaars en voor verliezers. Loop in West-Jeruzalem over de markt van Mahane Yehuda, langs stalletjes met vis, groente, rozenthee, bezoekers die uitpuffen met een espresso affogato (het lepeltje rechtop in de slagroom), tassen vol boodschappen aan de kinderwagens, en je hoort: dit is een markt van de overwinning.

Hier klinkt trots over de laatste klap: de dood van Hezbollah-leider Hassan Nasrallah in de Libanese hoofdstad Beiroet. Israël zit weer bovenop het spel, de luchtmacht kan raken wat het maar wil, iedereen, overal, geen ontkomen aan.

Over de auteur
Ana van Es schrijft de komende weken vanuit Jeruzalem over de gevolgen van 7 oktober, een jaar geleden.

Wat een triomf na een jaar vol oorlog, van vernedering toen die andere groep van terroristen en strijders, Hamas, vorig jaar op 7 oktober Israël aanviel vanuit Gaza en Hezbollah vervolgens ook vanuit Libanon het land onder vuur nam.

‘Ik hoop dat we winnen’, straalt Sima Ben Shushan achter haar dubbele buggy met daarin een tweeling van dertien maanden, een jongen en een meisje. Winnen betekent voor haar: geen zorgen meer over raketten en bedreigingen. ‘We leven nu in angst voor het luchtalarm.’

Israël is deze ronde niet zelf begonnen, benadrukt ze. ‘Eerder zijn wij weggegaan uit Gaza en uit Libanon, maar ze pakken ons steeds weer.’ Als je voor democratie in het Midden-Oosten bent, vindt ze, dan sta je aan de kant van Israël. ‘Wij zijn de bewakers van de gehele westerse wereld.’ Ze denkt even na. Ja, dit is een lastige. ‘De westerse wereld zelf waardeert het niet.’

Op deze markt gaat het niet over burgerdoden in Gaza en Libanon, verwoeste stadswijken en ontelbare vluchtelingen. Doei zeg, bij de Hamas-aanval zijn talloze Israëlische gezinnen uitgemoord, en alleen al in Noord-Israël raakten ruim 67 duizend mensen ontheemd. Wel is er vrees voor de gegijzelden in Gaza. ‘Die hebben niets aan de dood van Nasrallah’, klinkt het fijntjes.

Vaak gaat het over God. Bang voor een tegenaanval, al dan niet opgetuigd door Iran. Oorlog die zich als olievlek uitbreidt? Hoeft niet. God staat hier dichtbij de mensen. God doet veel goeds, dat zie je bijvoorbeeld aan de dood van Nasrallah.

‘Alles wordt geregeld door daarboven’, zegt Avner Segev. Sinds 7 oktober 2023 merkt hij verbroedering. ‘Met hulp van God zijn de Israeli’s eindelijk weer samen.’ Om niet helemaal alles aan Hem over te laten, draagt Segev een aanvalswapen over de schouder. Hij is lid van een burgerwacht van reservisten. Daar stromen de aanmeldingen binnen.

Vijf tramhaltes verderop arriveer je in het stadsdeel van de verliezers. De Verenigde Naties zien Oost-Jeruzalem sinds jaar en dag als Palestijns grondgebied: Israël houdt dit deel van de stad illegaal bezet. In de oude stad bij de Damascus Poort, achter muren die talloze oorlogen doorstonden, ligt een eeuwenoude Arabische markt.

Tussen bananen en appels, bakken vol kleurig snoep en vers geperst granaatappelsap, gaat het opnieuw over Nasrallah. Zijn dood geldt als de zoveelste onheilspellende wending in een duister jaar. ‘Een bom van 900 kilo, op een appartementencomplex!’, verzucht een 75-jarige dame. ‘En de andere mensen die daar woonden dan?’

Haar zoon van 40 durft sinds 7 oktober niet meer met de handen in de zakken te lopen, want dan zouden Israëlische militairen kunnen denken dat hij een wapen bij zich draagt. Veel familie zag ze het afgelopen jaar zelden: Palestijnen die op de Westelijke Jordaanoever wonen, zijn minder dan ooit welkom in Jeruzalem.

Aan een oude gevel hangen fonkelnieuwe Israëlische vlaggen: Joodse kolonisten hebben het pand gekraakt. Hiervoor is in Israël meer politieke steun dan ooit. Bij zijn kledingkraampje vertelt Hashem al Saleimih hoe hij met oude kadasterpapieren moest bewijzen dat zijn eigen huis van hem is.

Ja, wat is er in een jaar tijd veranderd in deze verdeelde stad? ‘De verbinding met anderen’, zegt een 40-jarige Palestijnse vrouw, Afnan. Ze werkt als boekhouder. ‘Vriendschappen. Joodse vriendinnen - ik heb ze nog, maar we praten niet meer over wat er speelt. Ik weet niet hoe lang we dit volhouden.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next