Misschien wel het meest besproken azc van Nederland ging maandag open. Na ruim twee jaar gesteggel arriveerden in het Twentse Albergen de eerste jongeren. ‘Vandaag krijgen zij eindelijk een gezicht.’
De directe buur van het meest besproken asielzoekerscentrum van Nederland heeft een ruim anderhalve meter hoge wal opgeworpen. Erbovenop staan laurierstruiken, die ook in de winter het ‘asielhotel’ met groen blad aan het zicht zullen onttrekken. Aan de voet staat onder meer de snel groeiende hazelaar, afgezoomd met een rij prikkeldraad.
‘Nee, dat was er allemaal nog niet toen wij dit pand aankochten’, zegt Arnaud ter Haar, locatiemanager van het asielzoekerscentrum in het Twentse Albergen, dat maandag na ruim twee jaar gesteggel met omwonenden dan eindelijk de deuren heeft geopend. Een woordvoerder van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) laat zich ontvallen: ‘Kennelijk vond de bewoner het destijds geen probleem om op hotelbezoekers uit te kijken.’
De gemoederen raakten verhit rond het door COA aangekochte Landhotel ’t Elshuys in Albergen toen in 2022 de staatssecretaris begon te dreigen. Eric van der Burg (Asiel) zou voor het eerst zijn doorzettingsmacht gebruiken als de gemeente Tubbergen, waar Albergen onder valt, zich onwelwillend zou blijven opstellen tegenover een asielzoekerscentrum.
Over de auteur
Pieter Hotse Smit is regioverslaggever van de Volkskrant in Oost-Nederland.
De gemeente werkte alsnog mee aan een afgeslankte versie: honderdvijftig in plaats van driehonderd bedden. Het kon niet voorkomen dat het felste verzet in jaren tegen een azc losbarstte. Omwonenden spanden de ene na de andere rechtszaak aan, het voormalig hotelpand werd beschoten, er werd brand gesticht, en een directe buurman van het asielhotel werd vanwege bedreiging aan het adres van de burgemeester veroordeeld tot vijf maanden cel.
‘Het is goed dat het nu vandaag is’, zegt diezelfde burgemeester maandagochtend opgewekt. De getroebleerde aanloop naar de almaar uitgestelde opening van het azc in zijn gemeente laat Anko Postma het liefst ver achter zich. ‘We hadden het al die tijd over statushouders en asielzoekers. Vandaag krijgen zij eindelijk een gezicht.’
Tout medialand is maandagochtend uitgelopen als het COA journalisten rondleidt door het lege pand. De eerste bussen met de mensen om wie het uiteindelijk gaat – vijftig statushouders en honderd asielzoekers – zullen op zijn vroegst in de loop van de middag komen.
De omwonenden laten zich maandag niet zien, of willen niet praten. De voor het bedreigen van de burgemeester veroordeelde John de V. was lange tijd de voorman van het omwonendenverzet, maar laat telefonisch weten ‘niks meer te zeggen’ over zijn nieuwe buren. ‘En al helemaal niet tegen de Volkskrant of NRC, kranten die ons negatief hebben geframed.’
De V. sprak de afgelopen jaren meermaals met de Volkskrant. Net als andere direct omwonenden wilde hij altijd benadrukken dat zij ‘niets tegen buitenlanders hebben’, ‘geen racisten zijn’, maar dat ze zich kwaad maken over hoe het azc ze ‘door de strot’ is geduwd door de autoriteiten. Ook vinden ze dat de bedongen einddatum voor het azc, eind 2032, niet hard genoeg in de overeenkomst staat.
Lange tijd wemelde het rond het asielhotel van de spandoeken en protestborden. In aanloop naar de opening deden het COA en de gemeenten in de onregelmatig verschijnende azc-nieuwsbrief een vriendelijk verzoek die weg te halen. ‘Voor de azc-bewoners, gevlucht voor oorlog en geweld, is het niet prettig om op deze manier verwelkomd te worden.’
Aan de oproep werd grotendeels gehoor gegeven, al staat tegenover het azc, op een akker naast de kunstmatige wal, nog wel een spandoek. ‘Deze vorm van INTIMIDATIE is een lelijk MACHTSVERTOON’, staat bij een foto van het gemeentehuis. En: ‘De nieuwe bestuurscultuur drijft ons tot waanzin – Stop dit Fiasco.’
Raakt het de burgemeester dat hij en zijn medebestuurders middelpunt blijven van de onvrede? ‘Ik heb een baan waarbij ik mijn rug recht moet houden’, zegt hij. ‘Volgens mij lukt dat aardig.’ Maar hij wil het liever hebben over de sociale betrokkenheid van zijn gemeenschap; de 25 vrijwilligers die zich al hebben gemeld om in het azc te helpen.
Het is rond kwart voor drie als twee jongeren uit de buurt voor het azc met hun auto stoppen en een Mercedes-taxibusje beginnen te filmen. De eerste bewoners van het azc stappen uit, allemaal jongelui. ‘Ik vind het maar niks’, zegt een van de twee jongens met Twents accent over de nieuwe buurtgenoten. ‘Dit zijn we hier niet gewend.’
Of het ook mogelijk is dat daar toekomstige goede vrienden tussen zitten, of nieuwe voetbalmaten? ‘Ik weet het niet’, zegt hij schuchter. Hij beaamt dat hij niet erg van verandering houdt, maar zegt dan toch ook: ‘Ach, het zal wel loslopen.’
‘Welkom, kom binnen’, klinkt het ondertussen bij het COA-personeel. Tegen kwart over vijf arriveert in de regen een grotere groep per touringbus. Een bestuurder van een luidruchtige auto rijdt erlangs en trekt dan hard op, een ander schreeuwt iets onverstaanbaars vanaf zijn fiets.
Onder een afdak rookt ondertussen de vrolijke Iraakse jongen Mazin (15) een sigaretje. Hij begint over de plek waar hij vanochtend nog was. Het azc in Assen. ‘COA good, TT bad’, zegt hij over de herrie van het nabijgelegen racecircuit. Maar voor hij meer kan vertellen over zichzelf, grijpen COA-medewerkers in en sturen journalisten van het terrein. ‘Jullie mochten hier vanochtend zijn, laat deze mensen nu met rust.’
Een verklaring waarom gesprekken met de mensen om wie het uiteindelijk gaat onmogelijk worden gemaakt, komt er niet. En zo krijgen maandag de eerste van honderdvijftig statushouders en asielzoekers in Albergen voor de buitenwereld nog steeds niet het gezicht waar de burgemeester op hoopte.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant