Home

Al ruim de helft van onze stroom wordt duurzaam opgewekt, zijn we lekker op dreef?

De Nederlandse energietransitie dendert door. De eerste zes maanden van dit jaar werd 53 procent van de stroom in Nederland duurzaam opgewekt. Wat zegt dat over de toekomst?

Dat meer dan de helft van alle elektriciteit afkomstig is uit zon, wind en biomassa, bevestigt de razendsnelle vergroening van de stroomvoorziening. Vier jaar geleden was het nog maar een kwart, vijf jaar daarvoor een achtste. Een snelle rekensom leert dat, als de trend doorzet, al voor 2030 alle elektriciteit in Nederland duurzaam zal worden opgewekt. Zal het inderdaad zo snel gaan?

Ja, omdat…

De vergroening doorzet, met name door de komst van windparken op de Noordzee. En dat tikt aan. Alleen al door de aansluiting van twee nieuwe parken afgelopen jaar wordt er ten opzichte van een jaar geleden nu een kwart meer windenergie opgewekt.

Samen hebben de windmolens voor de kust nu een vermogen van 4,2 gigawatt. Door nieuwe windmolenparken neemt dat de komende jaren gestaag toe, tot 20 gigawatt rond 2030. ‘Daarmee zou je zo’n driekwart van het huidige elektriciteitsverbruik kunnen opwekken’, zegt onderzoeker René Peters van TNO. ‘Dus dat is gigantisch.’ Intussen zijn er ook nog tientallen projecten voor windmolens en zonnepanelen op land in ontwikkeling.

‘Ik had zelf voorspeld dat we de 50 procent pas volgend jaar zouden passeren’, zegt lector energietransitie en Martien Visser. Hij is daarbij niet zozeer verrast door de hoeveelheid opgewekte stroom als wel over het feit dat het verbruik amper toeneemt. ‘We hebben de afgelopen jaren het aantal elektrische auto’s en warmtepompen snel zien groeien. En datacenters gebruiken ook steeds meer elektriciteit. Dat wordt allemaal gecompenseerd doordat we energie besparen.’

Vooral de Europese wetgeving die fabrikanten dwingt apparaten zo min mogelijk energie te laten gebruiken, heeft volgens Visser ‘een enorm effect’. In hoeverre efficiënter stroomgebruik de komende jaren de vraag nog zal drukken, is onzeker. Maar vast staat wel dat die besparing afgelopen jaren steeds is onderschat.

Nee, omdat…

De elektriciteitsvraag de komende jaren logischerwijs echt zou moeten gaan groeien. Stroom is namelijk slechts 20 procent van het totale energieverbruik in Nederland. Fabrieken, auto’s en woningen zijn samen goed voor zo’n 60 procent, en zij moeten hun gebruik van fossiele brandstoffen de komende jaren nog fors omlaag brengen. De waterstof, accu’s en warmtepompen die daarvoor nodig zijn, vragen allemaal elektriciteit.

De groei van groene stroom is dus misschien genoeg om de huidige elektriciteitsbehoeft te dekken, maar niet die van de toekomst.

Intussen dient zich ook steeds duidelijker een bedreiging aan voor eigenaars van windmolens en zonnepanelen. Terwijl de overheid het aanbod van groene stroom sterk heeft gestimuleerd, is de vraag naar groene stroom vooral aan de markt overgelaten. En die vraag sluit steeds vaker niet meer aan bij het aanbod.

Elke marktkoopman weet wat dat betekent: lage prijzen. En die zijn er steeds vaker. Op zonnige dagen, als panelen rond het middaguur een stortvloed aan elektronen het stroomnet op sturen, wordt de stroomprijs negatief. Door de wind van donderdag en vrijdag was elektriciteit in West-Europa zo goed als gratis. Zulke tegenvallende opbrengsten ondergraven het verdienmodel van duurzame energieproducenten, en wanneer zij van investeringen afzien, kan dat de energietransitie danig vertragen.

De oplossing is duidelijk. Burgers en bedrijven moeten hun stroomverbruik aanpassen op de momenten dat duurzame elektriciteit wordt opgewekt. Slimmere apparaten, meer accu’s en electrolyzers die groene stroom omzetten in waterstof, zijn daarvoor de belangrijkste oplossingen. Die worden al gebouwd, maar niet in een tempo dat de productie van groene stroom bijhoudt. Het wordt spannend hoe snel bedrijfsleven, consumenten, netbeheerders en overheid dit de komende jaren in beweging krijgen.

Ten slotte is er nog een praktische beperking voor een geheel groene stroomvoorziening binnen enkele jaren. Er zijn altijd langere periodes waarin de zon niet schijnt en de wind niet waait. Deze Dunkelflautes, zoals de Duitsers ze noemen, kunnen vooralsnog alleen worden overbrugd door gascentrales in te zetten.

Dus?

De vergroening van de Nederlandse stroomvoorziening zal niet nog een keer binnen vijf jaar verdubbelen. Dat is ook niet het doel van de overheid. Die zet in op 85 procent voor 2030 en een volledig groene stroomproductie in 2035.

Dat eerste gaat lukken, voorspelt Visser. ‘En het tweede zal moeilijk worden, omdat er nu nog geen zicht is op een oplossing voor windstille periodes in de winter.’

Hard is wel het jaar 2040. Dan mag er bij het opwekken van elektriciteit helemaal geen broeikasgas meer vrijkomen, schrijft het Europese Emissiehandelssysteem voor. Hoe we daar precies gaan belanden is, zoals Visser zegt, ‘een groot avontuur’.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next