Met een weergaloze timing en een onvergetelijke oogopslag had Maggie Smith een carrière die ruim zeven decennia in beslag nam. Op hoge leeftijd bereikte ze haar grootste populariteit. Zelf bleef ze immer bescheiden.
Sommige acteurs moeten het van hun vertelkracht en welsprekendheid hebben. Sommige van hun timing en mimiek. Maggie Smith, de laatste jaren bij het grote publiek bekend als professor Minerva McGonagall (Minerva Anderling) in de Harry Potter-films en gravin Violet Crawley in de tv-serie Downton Abbey, viel in de laatste categorie. Bekijk een interview met haar, en je ziet dat het publiek dubbel ligt om simpele, korte opmerking als ‘ja, daar schrok ik een beetje van’, woorden die op papier niet in de buurt van grappig komen.
Dame Maggie Smith overleed op 89-jarige leeftijd in een ziekenhuis in Londen, na een carrière die zeven decennia besloeg.
In haar handen wordt een simpel tekstje als ‘what is a weekend?’ in Downton Abbey een onvergetelijke televisiescène. Met een verbluft, vlak gezicht en opgetrokken wenkbrauwen verraadde ze precies de verwendheid van een oude gravin die haar leven lang nog nooit een werkweek heeft gekend.
Over de auteur
Wieteke van Zeil schrijft voor de Volkskrant over kunst, cultuur en moderne mores.
Deze eigenschap van goed getimede maniertjes leverde Smith vanaf haar vroegste jaren in theater al lof op: ‘Als ze bewegingsloos is, is ze keurig als een katje’, schreef een columnist in The Spectator in 1962. ‘Maar de minste gebeurtenis doet haar over het podium golven, armen en benen zwiepend als een marionet wiens poppenspeler op het punt staat te niezen.’
Maggie Smith had een gezicht waarmee ze tegelijkertijd verbazing en minachting kon tonen, of macht en verontschuldiging. Ze had haar stem, een tikkeltje slepend, smelterig, en soms juist hoog en overslaand, waarmee ze die onderdrukte Britse droogheid zo raak laat landen. En ze had haar ogen – die enorme oogleden als Bette Davis – onder een hoog voorhoofd, waarmee ze de meest sardonische blik toch ook iets onschuldigs kon geven. Een onweerstaanbare combinatie.
Sinds zij in 1988 de ziekte van Graves kreeg, een schildklierziekte die ontstekingen rond de ogen kan veroorzaken, kwam daarbij een licht afwijkend linkeroog. Het geeft haar gezichtsuitdrukkingen in latere films als Gosford Park (2001), Harry Potter (2001-2011) en The Lady in the Van (2015) soms juist karakter.
Eigenlijk is het oneerlijk om een actrice die naast twee Oscars (en vier nominaties), vijf Bafta’s, vier Emmy’s en drie Golden Globes ook doctor in de letteren was en een levenslange carrière in theater had – en dat ook als de kern van haar werk zag – te prijzen om haar komische mimiek. Maar Maggie Smith kon er diepte mee geven aan elke rol.
Ze was de ‘queen of the quip’ – de spitsvondige, goed getimede kwinkslag, misschien wel juist omdat ze die in de meest serieuze rollen een plek gaf. Zoals een van haar laatste filmrollen in The Lady in the Van (2015) als Mary Shepherd, een dakloze vrouw die in haar busje jarenlang op de oprit van auteur Alan Benett woonde. In klasse en voorkomen lijnrecht tegenover de gravin die ze vertolkte in Downton Abbey, maakte Smith van deze vrouw een halsstarrig en autonoom mens, dat god noch koning dankte voor enige hulp of handreiking, en daarmee even soeverein als hulpeloos was.
Smith had nauwelijks iets nodig om Mary Shepherd tot leven te brengen. Ze gaat met de auteur, vertolkt door Alex Jennings, om als een kat met haar baasje; met zo’n licht geagiteerde val-me-niet-lastig-houding, ondanks de afhankelijkheid.
Dame Maggie Smith (geridderd in 1990) werd in 1934 geboren in Clayhall, een dorpje in Essex in Engeland, als Margareth Natalie Smith. Ze moest zich zien te ontworstelen aan een arbeidersgezin – vader laborant, moeder secretaresse – dat weinig op had met kunst, en haar pad op het podium zelf vinden. Ze werd slechts aangemoedigd door een lerares op haar middelbare school, aan wie Smith later haar keuze om te acteren volledig toeschreef.
In 1939 kreeg haar vader werk in Oxford, waar Margareth opgroeide en twee jaar studeerde aan de Oxford Playhouse Drama School. Oxford bleek een perfecte plek voor de eerste stappen in theater, vanwege de hoge kwaliteit van het studententheater aan de universiteit. Ze speelde vele rollen in klassieke stukken. In 1954 maakte ze haar debuut in Londen, twee jaar later debuteerde ze op Broadway. Daar veranderde ze haar voornaam in Maggie.
In Londen speelde ze onder meer bij de National Theater Company en de Royal National Theater in The Old Vic, waar ze bevriend raakte met mede-steractrice en later eveneens Dame, Judi Dench. De band werd levenslang, ze werkten samen in vele theaterstukken en films als Tea with Mussolini (1999), als zussen in Ladies in Lavender (2004), en als twee door het leven getekende oude dames in de fijne feelgood The Best Exotic Marigold Hotel (2011). Het is een genot om de ontspannenheid van hun decennialange vriendschap te zien.
In de documentaire Tea with the Dames (2018) giechelen ze soms als twee jonge studenten, en schiet Dench voortdurend in de lach om de droge opmerkingen van Smith. ‘Zo veel verschil maakt het niet’, zegt Smith over het ‘Dame-schap’, ‘je kunt nog steeds vloeken hoor.’
Haar doorbraak in de film kwam met een van haar eerste rollen, in The Prime of Miss Jean Brodie (1969), waarvoor ze ook haar eerste Oscar en Bafta kreeg toegekend. In de complexe film speelt ze een lerares die bijna gevangenzit in haar eigen bevlogenheid – denk aan Robin Williams in Dead Poets Society, maar dan fanatieker, jonger, vrij en vrouw. Jean Brodie gelooft in het vormen van de jonge meiden die ze lesgeeft – ‘give me a young girl at an impressionable age, and she is mine for life’ – en vormt een elitegroep van haar beste studenten.
Ze is fanatiek in alles, haar ambities als docente, haar verhoudingen met twee docenten, haar geloof in kunst, de klassieken, én in het fascisme van Franco en Mussolini. Met een theatrale toon in een Schots accent zwiept ze door het verhaal dat uiteindelijk ontspoort in een shakespeariaans drama van verraad en macht – tussen haar en de leerlingen.
Smith weet haar verbeten personage toch ook een grote komische kracht te geven. Haar reputatie als filmactrice werd ermee gevestigd en ze kreeg al snel een naam – mannelijke acteurs waarschuwden elkaar dat Smith met haar rollen de films waarin zij speelden kon ‘stelen’. Een tweede Oscar volgde voor haar rol in California Suite (1979), een drama over een actrice die erkenning najaagt en aftakelt omdat ze een Oscar misloopt.
Ze speelde erin naast mede-grootheid Michael Caine, die acteren met haar omschreef als het ‘bijwonen van een one-woman masterclass in komedietechniek’. Smiths vertolking van de kwijnende actrice was borrelend, larmoyant en kwetsbaar, en leverde haar lof op omdat ze een personage dat makkelijk een karikatuur had kunnen zijn zo veel gelaagdheid gaf.
Een succesvolle carrière betekent nog niet een groot zelfvertrouwen, en Smith is dan ook onafgebroken bescheiden gebleven over haar prestaties in interviews. Ze zei onder meer dat ze tijdens het filmen nooit op haar gemak was: ‘Er is geen uitweg. In het theater creëer je een illusie en krijg je altijd nog een kans om een rol anders te spelen.’
Ze voelde zich gekweld, zei ze in een interview in 2017 – hoewel ook deze woorden komisch landden bij het aanwezige publiek. ‘Dan zit je in de middle of nowhere, in de sneeuw, een hele week in je trailer, met die gekke hoed’, zei ze, klaarblijkelijk over haar ervaringen op de set van Harry Potter, ‘zonder dat ze je inzetten. That doesn’t make you feel too jolly.’
Ze keek daarom ook nooit iets terug, behalve tijdens ‘de verplichte premières, dan moet je wel.’ Van Downton Abbey heeft ze zelfs nooit een aflevering gezien. ‘Het kwam op een punt waarop het gewoon te laat was om nog iets in te halen.’ Jammer. Je had het haar gegund om zelf te zien hoe geniaal ze was.
1934 Geboren 1934 in Ilford, Groot-Brittannië
1952 Debuteert op toneel als Viola in Twelfth Night in het Oxford Playhouse
1967-1975 Getrouwd met acteur Robert Stephens
1975 - 1998 Getrouwd met toneelschrijver Beverly Cross
Moeder: van Chris Larkin (1967) en Toby Stephens (1969), beide ook acteur
Enkele van de 58 prijzen die ze won:
1970: Oscar voor de beste hoofdrol: The Prime of Miss Jean Brodie
1979: Oscar voor de beste bijrol: California Suite
1990: Tony Award voor beste toneelactrice: Lettice and Lovage
2011, 2012, 2016: Emmy Awards voor haar rol in Downton Abbey
2001: Critic’s Choice Award voor haar rol in Gosford Park
2016: Critic’s Circle ere-Award voor ‘Distinguished Service to the Arts’
2023: model in mode-campagne voor Loewe
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant