Home

Opinie: Een goed ondernemingsklimaat kan niet zonder een open blik naar buiten

Gaat Nederland navelstaren en muren om zich heen bouwen, of komt er weer een ambitieuze blik naar buiten, om de productiviteit te verhogen en welvarend te blijven?

Het Nederlandse ecosysteem voor ondernemerschap is in de afgelopen tien jaar sterk verbeterd. Er is met name voortgang geboekt in leiderschap van het systeem en ondersteuning van start-ups en scale-ups (jonge ondernemingen die een snelle groei doormaken, red.), door onder meer expertisecentrum Techleap, regionale ontwikkelingsmaatschappijen en vele lokale start-uporganisaties.

Ook is door een stijgend aantal buitenlandse studenten het aanbod van talent toegenomen. Dat is mooi, en heeft ook bijgedragen aan een toename van het aantal startende bedrijven en zelfs het aantal snelgroeiende bedrijven. Maar dat laatste is een schijnsucces, want in andere landen is die categorie nog veel sneller gegroeid dan in Nederland.

Over de auteur

Erik Stam is hoogleraar aan de Universiteit Utrecht & Stellenbosch University. Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Zo is de achterstand van Nederland als het gaat om het aantal unicorns (start-ups die meer dan 1 miljard dollar waard zijn, red.) fors vergroot ten opzichte van landen als Israël en Singapore. De Verenigde Staten zijn in absolute zin de nummer één gebleven, en brengen de meeste economisch leidende bedrijven van de nieuwe technologische revoluties voort. Niet gek dat het recente rapport van Mario Draghi de noodklok luidt over de stagnatie van innovatie en ondernemerschap in de Europese Unie.

Financiering

Ondanks de geboekte voortgang in verschillende dimensies van het Nederlandse ecosysteem voor ondernemerschap, zijn er punten van zorg. Met name als het gaat om financiering en investeringen in kennis.

Het aanbod van durfkapitaal is weliswaar toegenomen in de laatste tien jaar, maar Nederland loopt nog substantieel achter bij andere Europese landen zoals Zwitserland, Zweden, het Verenigd Koninkrijk en Estland, en nog veel meer ten opzichte van Singapore, de VS en Israël. De geconcentreerde bankensector in Nederland levert relatief weinig financiering aan startende bedrijven en aan het mkb – ook al jaren een hoofdpijndossier.

Powerhouse

Hoewel we met ASML een powerhouse in Research and Development hebben in Nederland, stagneren de investeringen hierin al jaren, en blijven de Nederlandse uitgaven aan R&D met 2,3 procent van het bruto binnenlands product in de middenmoot van Europa steken. Dit komt mede doordat in het afgelopen decennium voormalige R&D-koplopers zoals Philips, AKZO, DSM, Unilever en Shell zijn achtergebleven met investeringen of hun hoofdkantoor zelfs verplaatst hebben uit Nederland naar elders.

Daar zijn onvoldoende nieuwe koplopers voor in de plaats gekomen. Een onderliggende culturele belemmering is dat ondernemers in Nederland relatief weinig ambitie hebben om hun bedrijf te laten groeien.

Ondertussen stagneert de productiviteit van de Nederlandse economie, en is er een steeds grotere krapte op de Nederlandse arbeidsmarkt. Gelukkig is er daardoor steeds minder werkloosheid. Maar om de Nederlandse welvaart in de toekomst te behouden, moet er voortgang worden geboekt op de aanwas van talent, financiering en investeringen.

Minder aantrekkelijk

Met het kabinet-Schoof lijkt het tegenovergestelde te gebeuren in Nederland, met minder (publieke) investeringen in talent en kennis, en ook nog eens het minder aantrekkelijk maken van Nederland als magneet voor internationaal talent.

De Haagse politiek blijft steken in een zelfbedachte asielcrisis en mestcrisis, en wijst de internationalisering van het hoger onderwijs aan als zondebok. Terwijl, vanuit oogpunt van ondernemerschap, op alle dossiers juist zou moeten worden ingezet op talentontwikkeling, innovatie en internationalisering.

Hoe kunnen we bijvoorbeeld asielzoekers sneller laten integreren, middels opleiding en werk? Topatlete Sifan Hassan, ooit als vluchteling uit Ethiopië hiernaartoe gekomen, is een voorbeeld van geslaagde ambitie en talentontwikkeling.

Agrifoodsector

Nederland is internationaal koploper in de agrifoodsector, maar lijkt te blijven hangen in gevestigde belangen. Er is meer nodig voor innovatie, om de kwaliteit van leven in Nederland en daarbuiten te verbeteren. Het kabinet wil de toestroom van buitenlandse studenten beperken, terwijl we er juist meer nodig hebben om meer scale-ups te kunnen krijgen in Nederland. Deze worden namelijk relatief vaak door ambitieuze buitenlanders opgezet, en kunnen vaak dankzij buitenlands talent doorgroeien.

Kortom, met een open blik naar buiten kan Nederland als kleine speler op het wereldtoneel weer een productieve rol spelen.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next