De gedachte dat de grote wereldproblemen slechts kunnen worden opgelost door onderlinge samenwerking van landen brokkelt merkbaar af. Spelen de Verenigde Naties nog wel een rol in een nieuwe wereldorde?
Als in een kathedraal valt het licht van boven op de zaal van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York. Politici uit de hele wereld spreken hun redevoeringen uit op een podium dat veel weg heeft van een altaar. Hun woorden klinken als een geloofsbelijdenis. ‘De mensheid staat op een kruispunt’, zegt de Namibische president Nangola Mbumba. Zij kan kiezen voor milieurampen, ongelijkheid of conflict – of voor een betere wereld door internationale samenwerking in organisaties als de VN.
Over de auteurPeter Giesen is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over de Europese Unie en internationale samenwerking. Eerder was hij correspondent in Frankrijk.
Ondertussen bombardeert Israël Libanon, ligt Gaza in puin en gaat Rusland door met zijn verwoestende oorlog tegen Oekraïne. Soedanese krijgsheren zetten honger in als wapen tegen de burgerbevolking. Meer dan ooit heeft de wereld een VN nodig die samen agressors tot de orde roepen en blauwhelmen uitzenden om de vrede te bewaren. Minder dan ooit lijken de VN in staat aan die opdracht te voldoen. De Veiligheidsraad, ooit ingesteld om de vrede en veiligheid in de wereld te bewaren, stond het afgelopen jaar machteloos tegen het geweld in Oekraïne, Gaza en Soedan.
‘Internationale uitdagingen komen sneller dan ons vermogen om ze op te lossen’, zei António Guterres, secretaris-generaal van de VN, vorige week. De wereld valt steeds meer uiteen in rivaliserende blokken – de VS, Europa, Rusland, China. Veel landen lijken niet meer te geloven in het multilateralisme, de gedachte dat de grote wereldproblemen slechts kunnen worden opgelost door onderlinge samenwerking. Ze streven hun eigen belangen na, desnoods met geweld, of schermen zich af van de wereld.
Twee oorlogen hebben de sfeer in New York niet beter gemaakt, zegt een VN-diplomaat. Eerst constateerde het Westen verbaasd dat landen als India en Zuid-Afrika zich onthielden van stemming over de veroordeling van de Russische inval in Oekraïne, toch een duidelijke schending van het VN-Handvest. Daarna verweten andere landen het Westen een dubbele moraal, omdat het Israël bleef steunen ondanks het grote aantal burgerslachtoffers in Gaza. ‘Toen een resolutie tegen Israël door een veto werd getroffen, zei een Palestijnse diplomaat: veel succes met Oekraïne’, aldus de diplomaat.
Tegen deze sombere achtergrond ondernam secretaris-generaal Guterres een poging om de VN en de multilaterale wereldorde nieuw leven in te blazen. Begin deze week organiseerde hij een Top van de Toekomst, waarop de lidstaten een Pact voor de Toekomst aannamen. Zij beloofden zich in te spannen voor een betere wereld, in vijf hoofdstukken en 56 actiepunten.
Actie 2: ‘We zullen honger beëindigen, voedselonzekerheid en alle vormen van slechte voeding elimineren.’
Actie 14: ‘We zullen alle burgers in gewapende conflicten beschermen.’
Actie 18: ‘We zullen vrede bewerkstelligen en handhaven.’
In ronkende taal spraken de VN van een gamechanger, en een kans die maar een keer per generatie voorbijkomt. Maar het Pact is niet bindend, en ook niet erg concreet over de manier waarop de lovenswaardige doelstellingen gehaald moeten worden. Wat zal ervan terechtkomen?
‘Het is gemakkelijk om sceptisch te zijn over het Pact, maar er staan belangrijke zaken in’, zegt Joke Brandt, de Nederlandse ambassadeur bij de VN, die een belangrijke rol speelde bij de onderhandelingen. ‘Er worden afspraken gemaakt over het bestrijden van armoede en honger, over klimaat en klimaatadaptatie (het aanpassen aan klimaatverandering, red.). De VN maken een begin met het reguleren van kunstmatige intelligentie. Natuurlijk is het werk nog niet klaar. Het Pact is een stap in een proces. Maar de afspraken in het Pact zijn belangrijke ijkpunten. Vergelijk het met afspraken in het klimaatakkoord van Parijs. De klimaatdoelen worden ook niet altijd gehaald, maar de wereld zou slechter af zijn zonder akkoord.’
Met zijn strakke, modernistische vormen getuigt het hoofdkwartier van de VN, aan de East River in Manhattan, van naoorlogs idealisme en optimisme. Na twee verschrikkelijke oorlogen wilde de wereld het beter gaan doen. Er moest een nieuwe orde komen, een rules-based order, niet gebaseerd op het recht van de sterkste, maar op regels. De VN-Veiligheidsraad kreeg de opdracht die orde te bewaken, zo nodig met militair geweld tegen lidstaten die een oorlog begonnen. De nieuwe wereld had tanden nodig.
Een geëmotioneerde Amerikaanse president Harry Truman sprak bij de oprichting in 1945 van een ‘nieuw bouwwerk van vrede’. ‘Laat ons niet de geweldige kans missen om een wereldwijde heerschappij van de rede te vestigen’, aldus Truman. Vanaf het begin waren er ook mensen die twijfels hadden. De Britse diplomaat Gladwyn Jebb vreesde dat de idealen van de VN te hoog gegrepen waren voor ‘deze boosaardige wereld’.
De vormgeving van de Veiligheidsraad was een compromis. Enerzijds was er het ideaal van de vreedzame wereldorde, met regels die voor alle landen gelijk zijn. Anderzijds was er de realiteit van de wereld, met haar ongelijke krachtsverhoudingen. De oprichters van de VN wisten dat de grote landen nooit zouden meedoen als de nieuwe organisatie hun macht serieus zou beperken. Daarom kregen vijf landen een permanente zetel met vetorecht in de Veiligheidsraad: de Verenigde Staten, de Sovjet-Unie, China, Groot-Brittannië en Frankrijk.
Het afgelopen jaar was de Veiligheidsraad machteloos in Oekraïne en Gaza, omdat een permanent lid zelf oorlog voerde (Rusland) of zijn veto uitsprak over resoluties tegen Israël (de VS). Die machteloosheid door de opstelling van permanente leden is niet nieuw. Tijdens de Koude Oorlog werd de Veiligheidsraad ook lamgelegd door de rivaliteit tussen de VS en de Sovjet-Unie, die elkaars voorstellen torpedeerden met (de dreiging van) een veto. Zo deed de Veiligheidsraad niets tegen de oorlog in Vietnam, vanwege de Amerikaanse betrokkenheid, de inval van de Sovjet-Unie in Tsjechoslowakije in 1968 of de slachting van Cambodjaanse burgers door de Rode Khmer, die werden beschermd door China.
Het einde van de Koude Oorlog gaf de wereld nieuwe hoop. Nu de rivaliteit tussen de VS en de Sovjet-Unie voorbij was, kon de wereld eensgezind optreden tegen agressie. Toen Irak in 1990 Koeweit binnenviel, werd het verdreven door een VN-troepenmacht onder Amerikaanse leiding. De Amerikaanse president George Bush sr. droomde hardop van een nieuwe internationale orde, waarin agressors werden aangepakt.
De ontnuchtering kwam al snel. In Bosnië en Rwanda bleken blauwhelmen van de VN niet in staat genocide te voorkomen. Juist in de optimistische jaren negentig maakten de VN zijn grootste fiasco’s mee. De VN hebben vaker slechte tijden gekend.
Toch was het deze week pijnlijk om te zien hoe de Veiligheidsraad voor de zoveelste keer over Oekraïne vergaderde, en niet verder kwam dan een rituele uitwisseling van standpunten. De Oekraïense president Volodymyr Zelensky mocht zijn zaak nogmaals bepleiten. Maar hij wist dat hij elders zaken moet doen, niet in de Veilligheidsraad. Daar zit de kwestie muurvast, bleek ook nu weer uit de repliek van de Russische ambassadeur bij de VN, Vasili Nebenzja, die het ‘neonazi-bewind in Kyiv’ een ‘tumor’ noemde.
Het gezag van de VN is ook aangetast doordat de machtsverhoudingen binnen de organisatie als achterhaald worden beschouwd. In 1945 begonnen de VN met 51 lidstaten. Groot-Brittannië en Frankrijk hadden nog enorme koloniale rijken. In de jaren vijftig en zestig werden de meeste koloniën onafhankelijk. Inmiddels tellen de VN 193 lidstaten, merendeels uit Afrika, Azië en Latijns-Amerika, maar de organisatie weerspiegelt nog altijd de wereld van 1945. Drie van de vijf permanente leden komen uit het Westen, hoewel de demografische en economische betekenis van het Westen steeds kleiner wordt.
‘We kunnen geen wereld voor onze kinderen bouwen met instituties die door onze grootouders zijn gemaakt’, zei secretaris-generaal Guterres deze week. Het Pact voor de Toekomst is ook een poging de VN te hervormen, met een grotere rol voor het mondiale Zuiden, de lidstaten in Afrika, Azië en Latijns-Amerika.
Al heel lang wordt gesproken over een hervorming van de Veiligheidsraad, die recht moet doen aan de toenemende betekenis van het mondiale Zuiden. India, Brazilië en Zuid-Afrika zijn voor de hand liggende kandidaten voor een permanente zetel, evenals Duitsland en Japan. Maar zo’n hervorming stuit telkens op bezwaren. China voelt niets voor een permanente zetel voor regionale rivalen als India en Japan. Afrika moet meer zetels krijgen, maar welke landen dan? Onlangs spraken de VS zich uit voor twee permanente zetels voor Afrika, zij het zonder vetorecht. De VS, China en Rusland willen geen macht inleveren door andere lidstaten een vetorecht te geven. En uiteindelijk kunnen de permanente leden elke verandering tegenhouden met een veto.
Het Pact is tamelijk vaag over de manier waarop de hervorming van de Veiligheidsraad tot stand moet komen. ‘Maar de discussie heeft jarenlang vastgezeten. Daarom is het belangrijk dat het Pact uitzicht op verandering biedt’, zegt de ambassadeur Brandt.
Daarnaast maakt het Westen nog altijd de dienst uit in de multilaterale financiële instellingen die onderdeel uitmaken van het ‘VN-systeem’, zoals het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank. Het Pact voor de Toekomst belooft de landen van het mondiale Zuiden een grotere rol in deze instellingen. Toen Rusland maandag op het laatste moment het Pact wilde dwarsbomen, vond het Afrika tegenover zich. Ook al is het Pact weinig concreet, de Afrikaanse landen beschouwen het als een vooruitgang.
Een broze Amerikaanse president Joe Biden liep dinsdag naar het spreekgestoelte in de Algemene Vergadering, voor de laatste keer in zijn carrière. Hij hield een vurig pleidooi voor internationale samenwerking. Maar de schaduw van Donald Trump hangt over de multilaterale wereldorde. Als hij in november de presidentsverkiezingen wint, dreigt Amerika zich af te keren van de wereldorde die het sinds 1945 in belangrijke mate heeft gedragen.
De afgelopen week klonken in New York veel sombere geluiden over de toestand van de VN. Toch benadrukten de meeste politici het belang van de VN en de multilaterale samenwerking in een chaotische wereld. Toen het Pact voor de Toekomst werd aangenomen, klonk luid applaus in de Algemene Vergadering. Een paar diplomaten vielen elkaar om de hals. Natuurlijk weten ze hoe aanzienlijk de problemen zijn, maar het Pact is een politiek statement. De meeste van de 193 lidstaten zeggen dat ze nog in de VN geloven. De wereld is nog in gesprek.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant