De kinderpostzegelactie bestaat honderd jaar. Al decennialang gaan basisschoolleerlingen langs de deuren, om geld op te halen voor leeftijdsgenoten. Hoe blijft de postzegelactie relevant, nu er steeds minder post wordt verstuurd?
Zodra de schoolbel klinkt, rennen de leerlingen van groep acht van basisschool Antonius Abt in Engelen, aan de rand van Den Bosch, de klas uit. Gewapend met een felgekleurde map, met daarin de befaamde ‘deurzegeltjes’ die je op je deur mag plakken als je een velletje kinderpostzegels hebt aangeschaft, gaan ze de straat op.
‘Heeft u al zegels gekocht?’, schreeuwt een van de leerlingen naar een voorbijganger, die zichtbaar schrikt van de enthousiaste begroeting. ‘Ik gebruik die niet meer, joh,’ roept de man terug. ‘Veel te ouderwets.’
Woensdag begon de jaarlijkse verkoop van de kinderpostzegels. Leerlingen uit groep zeven en acht gaan een week langs de deuren, om geld op te halen voor leeftijdsgenoten die het minder goed hebben. Dit jaar is een jubileumjaar, want de actie bestaat honderd jaar. Generatie na generatie groeide op met de zegel, waarvan het design elk jaar wisselt. Onder anderen Dick Bruna, Joost Swarte en koning Willem-Alexander ontwierpen een vel met zegels.
In 1924 gingen de eerste kinderpostzegels op de post. In dat jaar werd bij koninklijk besluit vastgelegd dat er in Nederland postzegels uitgegeven mogen worden met een toeslag voor het ‘misdeelde’ kind. In de beginjaren van de actie werden de zegels vooral verkocht door volwassenen. Pas in 1948 gingen voor het eerst kinderen langs de deuren, toen een schoolmeester uit het Zuid-Hollandse Waarder zijn leerlingen eropuit stuurde.
Educatief, vond hij, want zo leerden kinderen om mensen te benaderen, het verhaal achter de postzegels te vertellen en, in die tijd nog, contant af te rekenen. Het bleek een succes: er werd 35 duizend gulden extra opgehaald en een jaar later kwam er een landelijke actie.
Met de opbrengst zijn de afgelopen jaren verschillende goede doelen voor kinderen gesteund. Zo financierde de organisatie de opzet van de Kindertelefoon en speelde zij een belangrijke rol bij het aanstellen van de Kinderombudsman.
Het jubileumjaar van de kinderpostzegels staat in het teken van het thema veerkracht. ‘Veerkracht is een superkracht die je kunt inzetten in moeilijke situaties’, legt directeur van de kinderpostzegels Sofie Vriends uit. ‘Een veilige basis hebben helpt daarbij. Het zorgt ervoor dat kinderen steviger in hun schoenen staan. Met de opbrengst van de actie vergroten we de veerkracht van kinderen die het moeilijk hebben.’
De leerlingen in Engelen ondervinden op de eerste dag van de actie meteen hoe belangrijk veerkracht is. Een groot deel van de deuren waar Fleur (11) en Minke (11) aanbellen, blijft gesloten. Als ze eindelijk beet hebben, kijkt de bewoner wat verrast. ‘Ik heb helemaal geen contant geld in huis’, zegt hij. ‘Geen probleem, hoor’, zegt Minke glimlachend. ‘U kunt heel makkelijk bestellen via deze QR-code.’
Ook de buurvrouw verderop in de straat kijkt een beetje moeilijk, als ze de deur opendoet. ‘Ik gebruik eigenlijk nooit meer postzegels, ik stuur alleen nog e-cards of gebruik online postzegelcodes.’
Hoewel er de afgelopen honderd jaar veel veranderd is in ‘postland’, doorstonden de kinderpostzegels de tand des tijds. Jaarlijks doen meer dan 125 duizend leerlingen mee aan de actie. Ook de omzet blijft groeien. Vorig jaar bracht de actie ruim 9,6 miljoen euro op, een jaar eerder was dat 9 miljoen.
De aanhoudende populariteit is volgens Vriends te danken aan het imago van de postzegel. ‘De zegels stralen een bepaalde nostalgie en betrouwbaarheid uit. Veel volwassenen zijn er in hun jeugd mee langs de deur gegaan.’
Om met de tijd mee te gaan, zijn er tegenwoordig ook andere dingen dan postzegels te koop tijdens de actie. Wie geen fysieke post meer verstuurd, kan kiezen voor een blikje pleisters, een canvastas of een eenmalige donatie.
Ook het ontwerp van de jubileumzegel is aangepast aan de tijdgeest. In het midden van de zegels prijkt een QR-code, waarmee je een videoboodschap kunt opnemen die de ontvanger kan bekijken.
In Engelen verzamelt groep acht zich aan het einde van de middag in het klaslokaal, om de tussenstand op te maken. Op het digibord prijkt een actueel bijgehouden lijst, waarop te zien is wie de meeste zegels heeft verkocht. De komende week wordt het bord elke ochtend gecheckt.
Om de klas nog wat extra te motiveren, benadrukt juf Emilie dat de scholen die meeste zegels verkopen kans maken op een bezoek aan een pretpark. Het enthousiasme voor de actie lijkt aanzienlijk te groeien. Even lijkt de klas het échte doel van de actie vergeten.
Maar de juf helpt ze snel uit de waan. ‘Als je écht heel aardig bent, geef je je pretparkkaartje weg aan een kind dat het minder goed heeft’, zegt ze, terwijl ze de klas indringend aankijkt. Het blijft angstvallig stil. ‘Ik ga gewoon mega veel zegels verkopen’, mompelt een van de leerlingen. ‘Dan kunnen die kinderen zelf een kaartje kopen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant