Bijna 300 miljoen euro wil het kabinet per jaar besparen door de instroom van internationale studenten aan banden te leggen. Maar zelfs de eigen ambtenaren zijn kritisch over de haalbaarheid van dat plan. En de studenten zelf begrijpen het niet: ‘Wij dragen bij aan de economie.’
In de onderwijsbegroting die het kabinet-Schoof op Prinsjesdag presenteerde, staat het bedrag prominent genoemd: bijna 300 miljoen euro heeft het kabinet ingeboekt . Onderwijsminister Eppo Bruins (NSC) wil samen met de universiteiten en hbo-instellingen afspraken maken over het verminderen van het aantal internationale studenten. ‘Daarmee gaat een besparing gepaard van 293 miljoen per jaar’, aldus het kabinet.
Over de auteur
Mark Misérus is nieuwsverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over onderwijs en sport.
De maatregelen in het hoger onderwijs zaten er al langer aan te komen. De vorige Onderwijsminister, Robbert Dijkgraaf (D66), maakte zich op verzoek van de Tweede Kamer hard voor een nieuwe wet (‘Internationalisering in balans’) om gerichter te kunnen ‘sturen’ op internationale studentenstromen. En daarmee om ‘het Nederlands weer de norm te maken in het hoger onderwijs’, zoals de koning in de Troonrede opmerkte.
De hamvraag is waar het kabinet die 293 miljoen euro vandaan denkt te halen. De besparing duikt voor het eerst op in de financiële paragraaf van het hoofdlijnenakkoord dat de dan nog formerende partijen PVV, VVD, NSC en BBB in het voorjaar opstellen. Daaruit blijkt dat de bezuiniging stapsgewijs wordt opgebouwd.
Voor 2025 is bijvoorbeeld nog geen besparing voorzien, maar in 2026 moet de vermindering van het aantal internationale studenten 29 miljoen euro opleveren. Zo loopt dat via 2027 (118 miljoen) en 2028 (209) op tot 2029: vanaf dan moet er jaarlijks 293 miljoen euro extra in de schatkist blijven liggen.
Het kabinet zet daarbij in op het verminderen van het aantal studenten uit Europa dat een bacheloropleiding volgt aan een universiteit, en in mindere mate het hbo. Omdat studenten van buiten Europa niet worden gesubsidieerd door de Nederlandse overheid, heeft het geen zin om aan die knop te draaien. ‘De EER-studenten zijn dus de enige groep waarop je kunt besparen’, zegt woordvoerder Ruben Puylaert van Universiteiten van Nederland.
Studenten uit deze Europese Economische Ruimte – de EU plus Liechtenstein, Noorwegen en IJsland – vormden vorig jaar de grootste groep (72 procent) buitenlandse studenten in Nederland. Deze 92 duizend studenten hoeven, net als Nederlandse studenten, slechts het collegegeld à 2.500 euro te betalen en kosten de staat daarmee 8.700 euro per persoon (net als elke Nederlandse student). Ook kunnen ze onder bepaalde voorwaarden studiefinanciering aanvragen.
Om het besparingsdoel van 293 miljoen euro te bereiken, zouden er dus 33.678 een opleiding in een ander land moeten volgen. Dat is iets minder dan de helft van alle EER-studenten.
Er bestaan echter grote vraagtekens over de effectiviteit van zo’n plan. Zo twijfelt ook de eigen ambtelijke dienst van het kabinet – in een analyse over de onderwijsplannen – over de haalbaarheid van de maatregelen. Ze kennen ‘juridische dilemma’s in de uitvoering’, schrijven de ambtenaren. Mede daardoor is een realistisch besparingspotentieel ‘moeilijk in te schatten’.
Sara Sheryl (22)
Komt uit Zwitserland, is Peruviaans-Italiaans
Studeert business administration aan de Universiteit van Amsterdam
‘Mijn zus en ik wisten altijd al dat we buiten Zwitserland wilden studeren. Thuis hebben we onze eigen cultuur, beïnvloed door de Peruaanse en Italiaanse cultuur, waarin warmte en samenzijn centraal staan. Dat gevoel kreeg ik ook in Amsterdam, door de mengelmoes van mensen die er wonen. Dus zijn mijn zus en ik samen hierheen verhuisd. Maar door de jaren heen zie ik steeds duidelijker dat Nederland eigenlijk van ons af wil. Mensen zeggen bijvoorbeeld wel eens tegen mij: Amsterdam is echt niet meer wat het was, er zijn overal buitenlanders. Geen idee wat ik daar dan mee moet.
‘We hebben het vaak over de plannen om internationale studenten te gaan weren. Ik vind het heel verdrietig. Zelf heb ik het geluk dat mijn ouders mij financieel steunen, waardoor ik dit misschien ook wel zou kunnen doen zonder steun van de Nederlandse overheid. Een vriendin uit Cyprus zou dat niet kunnen. Voor haar ouders was studeren daar al een hele prestatie, nu kan de jongste generatie in het buitenland studeren. Dat doet ze deels om haar kansen te vergroten. Het voelt alsof Nederland de klok terugdraait door mensen zoals zij straks te weren. Terwijl wij juist stappen vooruit willen zetten.’
Miluska van Rompu
Met andere woorden: wat het kabinet daadwerkelijk zou kunnen bezuinigen door de poort te sluiten voor buitenlandse studenten, is volgens de eigen ambtenaren niet te voorspellen. Bovendien wordt het kabinet, net als in het asieldossier, gedwarsboomd door Europese regels.
Die schrijven voor dat je als land helemaal niet mag ‘sturen’ op de instroom van EER-studenten, benadrukken de ambtenaren. Zoals Nederlanders in Europa mogen studeren waar ze willen, kunnen onderwijsinstellingen hier ook geen Duitsers, Roemenen of Italianen weren omdat ze van buiten de landsgrenzen komen.
Behalve geld besparen, wil het kabinet voor elkaar krijgen dat de collegezalen minder vol zitten en de druk op docenten wordt verlicht. De kwaliteit en toegankelijkheid van het hoger onderwijs staan op sommige plaatsen onder druk, schreef Dijkgraaf toen hij in mei zijn wetsvoorstel lanceerde. Ook de hoge kamernood speelt een rol bij de nieuwe wetgeving.
Het ministerie wil daarom dat onderwijsinstellingen kritischer kijken naar de opleidingen die ze niet in het Nederlands aanbieden. Deze ‘toets anderstalig onderwijs’ houdt er voortaan rekening mee of een opleiding bijvoorbeeld in een groei- of krimpregio wordt aangeboden, hoeveel vacatures er met afgestudeerden kunnen worden ingevuld en hoe uniek zo’n anderstalige opleiding binnen Nederland is.
Aleš Khol (21)
Komt uit Tsjechië
Studeert International relations and organisations aan de Universiteit Leiden
‘Over het algemeen voel ik me heel welkom in Nederland. Het afgelopen jaar heb ik veel van het land gezien, en dat waren meestal goede ervaringen. Ik ben één keer uitgescholden omdat ik geen Nederlands sprak. Iemand zei dat ik dan maar moest oprotten. Dat was niet fijn, maar ergens snap ik wel dat het frustrerend is als mensen de taal niet spreken. Als ik in Tsjechië ben, erger ik me daar ook weleens aan.
‘Dat ze minder studenten uit de Europese Unie willen toelaten vind ik eerlijk gezegd absurd. In mijn kring werken mensen, ze betalen belasting, leren de Nederlandse taal, doen goede opleidingen en willen na hun studie in Nederland blijven. Zo dragen ze bij aan de economie. Als ik het volledige collegegeld zou moeten betalen, zonder hulp van de Nederlandse overheid, zou ik hier, denk ik, niet kunnen studeren.
‘Zelf heb ik een baantje als flitsbezorger. Mijn vrienden werken in de horeca of in winkels. Vacatures voor dat soort banen blijven openstaan als er steeds minder internationale studenten komen. Maar politici in het kabinet boren emoties aan in plaats van feiten. Ze kunnen zich beter richten op tijdelijke expats, die amper belasting betalen en na een paar jaar weer vertrekken.’
Miluska van Rompu
Doelmatigheid is daarbij het belangrijkste criterium voor alle nieuwe én bestaande opleidingen die het ministerie onder de loep neemt. Het hoger onderwijs wacht in spanning af wat hoe de weging uitvalt. Puylaert: ‘Dat hangt echt af van de praktijk.’
Onder internationale studenten zijn de universitaire studierichtingen economie en gedrag en maatschappij het populairst, in het hbo lopen de economieopleidingen voorop. Maar de verschillen per instelling en per regio zijn groot. De Universiteit van Amsterdam telt als grootste universiteit van Nederland iets meer buitenlandse studenten (15 duizend) dan de Universiteit Maastricht (UM), maar die heeft weer de meest internationale populatie: 60 procent van de studenten en de helft van de medewerkers komt uit een ander land.
In NRC liet bestuursvoorzitter Rianne Letschert dan ook doorschemeren dat de levensvatbaarheid van de Universiteit Maastricht in het gedrang kan komen als het kabinet de bezuinigingen in het hoger onderwijs doorvoert. De universiteiten hebben altijd in Den Haag gepleit voor maatwerk, zodat bijvoorbeeld de onderwijsinstellingen in de grensstreek niet ineens de helft van hun studenten kwijtraken.
Petra Ivanova (21 jaar)
Komt uit Bulgarije
Studeert food technology aan Wageningen University & Research
‘Ik had eigenlijk geen idee wat ik wilde studeren, totdat ik de studie in Wageningen tegenkwam. Ik heb een paar vrienden die al in Nederland studeerden, wat me op het idee bracht om ook eens naar studies in andere landen te kijken. Het is de enige buitenlandse studie waarvoor ik me heb aangemeld. Het collegegeld was betaalbaar en het helpt dat de studie in het Engels is. Als ik niet was toegelaten was ik in Bulgarije gebleven, want verder waren er eigenlijk geen studies in het buitenland die me interessant leken.
‘Naast mijn studie werk ik parttime en ik leen elke maand wat geld bij DUO. Op die manier kan ik redelijk goed rondkomen. Ik begrijp dat de Nederlandse overheid meebetaalt aan mijn studie, maar hetzelfde geldt voor Nederlandse studenten die in het buitenland gaan studeren. Hun studie wordt ook deels betaald door de landen waar ze terechtkomen.
‘Ongeveer de helft van mijn klas bestaat uit internationale studenten. Het ontmoeten van studenten uit andere landen is wat mij betreft een belangrijk onderdeel van studeren. Het helpt om je blik te verbreden en te ontdekken hoe je met mensen uit andere culturen kunt samenleven. Het zou zonde zijn als dat verdwijnt.’
Bente Jaeger
Talloze rapporten voorspellen bovendien dat de staatskas erop achteruitgaat als tienduizenden internationale studenten straks niet meer welkom zijn. Het Centraal Planbureau rekende in 2019 al eens uit dat buitenlandse studenten geld opleveren, als ze hier maar lang genoeg blijven en aan het werk gaan. Datzelfde geldt voor Europese studenten, hoewel de niet-Europese lucratiever zijn omdat ze hier vaker blijven wonen en werken.
Het wegvallen van de EER-studenten op de opleidingen economie en bedrijfskunde zou de schatkist bijvoorbeeld 71 miljoen euro opleveren, berekende SEO Economisch Onderzoek in opdracht van deze twee faculteiten. Maar doordat deze studenten zich niet in Nederland zullen vestigen, geen belastingen en premies betalen en geen baan in Nederland zullen vinden, kost de maatregel meer dan het oplevert. Aan belastingen loopt de staat 71 tot 123 miljoen mis, schrijven de onderzoekers.
De Vereniging Hogescholen merkt in een reactie op de kabinetsplannen op dat de arbeidsmarkt onverminderd blijft vragen naar internationaal personeel. ‘Wij zien niet in hoe het kabinet deze bezuiniging gaat bereiken zonder daarmee een mismatch te creëren met de arbeidsmarkt.’
Bence Kis (21 jaar)
Komt uit Hongarije
Studeert liberal arts and sciences aan de Universiteit Utrecht (UCU)
‘Over het algemeen voel ik me erg welkom in Nederland. Ik studeer op een internationale campus, waar verschillende nationaliteiten samenkomen en er veel Engels wordt gesproken. Naast mijn studie werk ik in een restaurant.
‘Ik heb ervoor gekozen om in Nederland te studeren, omdat de studie die ik wilde volgen niet wordt aangeboden in andere landen. Ik heb bewust voor een Europees land gekozen, omdat het collegegeld betaalbaar is en ik niet te ver weg van huis wilde. Als de regering besluit om minder internationale studenten toe te laten, geeft dat wel een bittere nasmaak aan mijn tijd hier. Maar ik neem het niet te persoonlijk, het is iets politieks en niet iedereen in Nederland denkt er zo over.
‘Zelf merk ik er waarschijnlijk ook weinig van, want ik ben net afgestudeerd. Maar ik gun het andere internationale studenten ook om hier te kunnen studeren en hun horizon te verbreden.Daarnaast maak ik me er zorgen over dat het plan raakt aan de kernwaarden van de Europese Unie, omdat het gelijke kansen voor iedereen beperkt. Als groepen op een ‘wij’ versus ‘zij’-basis worden uitgesloten, kan dat zorgen voor polarisatie in de samenleving.’
Bente Jaeger
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant