Home

PSV-verdediger Olivier Boscagli: ‘Ik voetbal omdat ik de bal wil hebben’

Met zijn kleine postuur en bedachtzame uitstraling is Olivier Boscagli een atypische verdediger. Toch groeide hij, met zijn aanvallende en verzorgde spel, uit tot een van de vaste waardes van PSV, iets wat ook bij andere clubs niet onopgemerkt bleef.

Als Olivier Boscagli een duel aangaat, houdt de verdediger zichzelf altijd een ding voor: hij moet slimmer zijn dan zijn tegenstander. Dat kan op verschillende manieren. Door eerder te anticiperen, zich positioneel anders op te stellen of de aanvaller een licht duwtje te geven. ‘Ik probeer daar voortdurend mee te spelen.’

Als voorbeeld geeft hij een kopduel met een spits van 2 meter lang. ‘Als ik tegelijk met hem spring, dan is de kans klein dat ik het duel win’, zegt de ranke verdediger, zelf 1,81 meter lang, die qua uitstraling en postuur meer weg heeft van een Franse filosoof dan van een robuuste mandekker.

Boscagli (26) herkent zichzelf sowieso niet in de doorsnee moderne centrale verdediger, die groot en fysiek sterk is, graag duels aangaat en de opbouw liever aan een middenvelder overlaat. ‘Ik ben in alles het tegenovergestelde’, zegt de technisch fijnbesnaarde Monegask, met dito traptechniek. ‘Ik ben een atypische verdediger.’

Over de auteur
Guus Peters schrijft voor de Volkskrant over voetbal en tennis.

In de aanvallende en verzorgde manier van voetballen die trainer Peter Bosz voorstaat, is Boscagli uitgegroeid tot een van de belangrijkste spelers van PSV, al kon ook hij een afstraffing in de Champions League tegen Juventus (een 3-1-nederlaag) niet voorkomen afgelopen dinsdag. Met zijn opbouwende kwaliteiten zet de linkspoot de aanvalsgolven van de regerend landskampioen met enige regelmaat in gang. ‘Ik houd ervan om het ritme van het spel te bepalen.’

Dat Boscagli dat ook dit seizoen in het shirt van PSV zou doen, was lange tijd onzeker. Na een sterk jaar en het behalen van de landstitel had hij na vijf seizoenen in Eindhoven zijn zinnen gezet op een vertrek. Het Engelse Brighton wilde zijn eenjarig contract volgens het Eindhovens Dagblad voor 8 miljoen plus 2 miljoen euro aan bonussen afkopen, maar dat bedrag was te laag voor PSV.

Verder kijken

Tot teleurstelling van de verdediger zelf. ‘Het was een moeilijke periode’, blikt Boscagli een week voor het Champions League-duel met Juventus terug op de afgelopen maand. Achterover leunend in een bruine fauteuil op trainingscomplex De Herdgang zegt hij: ‘Ik had bij PSV aangegeven dat ik graag verder wilde kijken, maar dat ik mijn contract zou verlengen als er geen club zou komen waar ik naartoe wilde.’

Toen Brighton zich meldde, voelde het voor Boscagli als de juiste stap: hij kon zijn gedroomde transfer naar de Engelse Premier League maken en PSV kreeg een afkoopsom voor zijn eenjarig contract. ‘Ik wilde dat de club iets aan mij zou verdienen, omdat zij altijd heel goed voor mij is geweest.’

Maar tot verbazing van Boscagli wenste PSV niet mee te werken. Ook niet toen zijn zaakwaarnemer speciaal naar De Herdgang was gekomen om een overgang af te dwingen. ‘Het handelen van de club kwam voor mijn gevoel niet overeen met het gesprek dat ik daarvoor met ze had gehad. Dat was lastig, maar ook dat is voetbal.’

Hoewel de verdediger buiten het veld in een felle strijd verwikkeld was geraakt met de club, voetbalde hij ondertussen gewoon door. Alsof een ‘vertrekeis’, zoals door sommige media werd geschreven, helemaal niet speelde. ‘Ik heb meteen tegen de trainer gezegd: ‘Maak je over mij geen zorgen, ik zal altijd spelen.’’

Je bevond je in een vergelijkbare situatie als Jordan Teze. Hij wilde niet meer voor PSV spelen om een transfer te forceren, al kwam hij snel terug op die beslissing. Heeft het ook door jouw hoofd gespookt om niet te voetballen?

‘Jazeker, want ik weet dat het soms kan helpen in de voetballerij. Maar het past niet bij mijn karakter en ik vond dat ik het niet kon maken tegenover het team en de club. Door alle blessuregevallen en vertrokken spelers waren Ryan Flamingo en ik op een gegeven moment de enige echte overgebleven verdedigers.

‘Daarnaast heb ik nog een contract voor een jaar. Dat heb ik te respecteren, zo simpel is het. PSV is altijd goed voor mij geweest en heeft vertrouwen in mij gehouden, ook tijdens mijn moeilijke eerste seizoen, en toen ik ruim twee jaar geleden een zware kruisbandblessure opliep.’

Dat Boscagli zich zou ontwikkelen tot de speler die PSV koste wat kost aan boord zou willen houden, was in het begin van zijn periode in Eindhoven maar moeilijk voor te stellen. De destijds 19-jarige verdediger kwam voor 2 miljoen euro over van het Franse Nice, maar wist als linksback amper te overtuigen.

Waar de carrière van Kylian Mbappe en Ousmane Dembélé, zijn teamgenoten bij de Franse nationale jeugdelftallen, zich in sneltreinvaart ontrolde, stagneerde de ontwikkeling van Boscagli in Brabant. Onder Mark van Bommel begon hij in zijn eerste seizoen bij PSV slechts zes keer in de basis en viel zes keer in.

‘We hadden geen echte linksback, waardoor ik daar werd opgesteld, terwijl ik eigenlijk een centrale verdediger ben. Daarnaast hield Van Bommel meer van een verdediger die zijn tegenstander af en toe flink aanpakte. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik ook naar mezelf moest kijken: ik dacht het met mijn goede traptechniek wel te redden.’

Aan die verfijnde trap werkte hij al als kind in Monaco, waar hij opgroeide. Eindeloos schoot hij ballen tegen de muur. Of hij gebruikte de bloemen van zijn moeder als mikpunt. ‘Daar was zij niet altijd blij mee, maar het hielp mij mijn precisie te trainen’, aldus Boscagli, die ooit als rechtsbuiten begon, omdat hij doelpunten wilde maken.

Niet veel later werd hij een controlerende middenvelder. Voetballend deed de jonge Boscagli het prima, maar hij kwam loopvermogen tekort om zijn fysiek sterkere tegenstander bij te kunnen benen. ‘Ik had heel erg de neiging om de verdedigers te helpen en niet mee naar voren te rennen, dus zette mijn jeugdtrainer mij op een dag centraal achterin.’

Daar posteerde ook Roger Schmidt hem, toen hij vier jaar geleden trainer werd van PSV. ‘Schmidt vroeg aan mij wat mijn beste positie was en zei dat ik daar zou spelen als ik liet zien de beste te zijn. Het voelde meteen goed’, aldus de verdediger. Hij werd onder Schmidt een vaste waarde en kreeg met Bosz als trainer alleen maar een belangrijkere rol (Ruud van Nistelrooij was tussen Schmidt en Bosz een seizoen trainer van PSV, maar toen kampte Boscagli met een kruisbandblessure).

Waarom ligt het spel dat Bosz wil spelen jou zo goed?

‘Deze trainer wil aanvallend en verzorgd voetbal spelen. Dat wil ik ook. Het is een manier van voetbal waarbij je de bal zo veel mogelijk wilt hebben en de tegenstander kapot probeert te spelen. Dat begint vanuit achter, bij mij. Ik ben in de opbouw vaak de eerste speler die de bal van keeper krijgt.

‘Ik leg risico in mijn spel en durf de ballen tussen de linies door naar onze middenvelders of aanvallers te spelen. Soms mislukt het en moeten we verdedigen. Maar áls het lukt, dan ben je met één pass een paar spelers van de tegenstanders kwijt en ligt er veel ruimte om aan te vallen. Hier ligt mijn kwaliteit en de trainer verwacht van mij dat ik het doe, ook al gaat het soms fout.’

In de eredivisie kennen de tegenstanders jullie nu beter. Merk je dat zij zich anders instellen op PSV?

‘Ja, ze staan vaak met tien man achter de bal en wachten op een counter. Ze voetballen niet om een doelpunt te maken, maar om geen tegendoelpunt te krijgen. Ik snap dat zij over het algemeen minder kwaliteit hebben dan wij. Toch zou ik er zelf geen plezier uit halen om negentig minuten zo op het veld te staan. Ik voetbal omdat ik de bal wil hebben.’

Voor PSV vertonen de eerste weken van het huidige seizoen veel gelijkenissen met vorig seizoen. Met vijf overwinningen op een rij wandelt de ongenaakbare koploper, die zondag op bezoek gaat bij Fortuna, fluitend door de eredivisie, maar bij de start van de hernieuwde Champions League werd de ploeg deze week lelijk te kijk gezet door Juventus. De nederlaag deed denken aan de dikke verliespartij (4-0) in de eerste Champions League-wedstrijd tegen Arsenal, precies een jaar geleden.

Is het moeilijk om na de behaalde landstitel dit seizoen dezelfde motivatie en opofferingsgezindheid op te brengen?

‘We hebben vorig seizoen ervaren hoe bijzonder het is om kampioen te worden. Die ervaring en dat gevoel geven voldoende brandstof om dit jaar minimaal hetzelfde te willen bereiken.

‘Het grote verschil is dat de buitenwereld andere verwachtingen van ons heeft. Die gaat er vanuit dat we elke wedstrijd in de competitie wel even winnen en weer kampioen worden. Maar zo eenvoudig is dat niet. Zelf concentreren we ons op hoe we ons op detailniveau kunnen verbeteren: hoe zorgen we ervoor dat we meer doelpunten maken en minder doelpunten tegen krijgen?’

Heb jij de teleurstelling van de misgelopen transfer van je af kunnen zetten?

‘Ja, inmiddels wel. In de eerste wedstrijd nadat de transfer niet door was gegaan, speelde ik niet goed. Ik merkte dat ik er met mijn gedachten nog niet honderd procent bij was. Maar daarna heb ik de knop omgezet en tegen mezelf gezegd: Het heeft geen zin om stampij te maken of boos te zijn. Daar benadeel je zowel de club als jezelf mee.’

‘Ik wil opnieuw kampioen worden met PSV en goed presteren in de Champions League. Daarnaast wil ik dit seizoen gebruiken om mezelf te laten zien en ervoor te zorgen dat ik de beste ben. Nu ik komende zomer transfervrij ben, ben ik voor meer clubs interessant.’

Je bent dus niet van plan je contract alsnog te verlengen bij PSV?

‘Zeg nooit nooit, maar op dit moment niet, nee.’

Technisch beste speler

Peter Bosz zorgde aan het begin van het seizoen her en der voor gefronste wenkbrauwen door te zeggen dat Olivier Boscagli ‘technisch de beste speler’ is met wie hij ooit heeft gewerkt. ‘Dat zeg ik niet om hem te paaien, maar omdat ik dat echt vind’, aldus de PSV-trainer na de eerste competitiewedstrijd tegen RKC.

‘Techniek is de basis van het voetbal. Als bij een speler de ballen van de voet springen, kan je niet het positiespel spelen dat wij willen spelen.’ Juist in het positiespel dat Bosz met zijn ploeg voor ogen heeft, vervult Boscagli een belangrijke rol, blijkt ook uit de cijfers van databureau Opta.

Sinds de komst van Bosz naar PSV, in de zomer van 2023, is Boscagli in de eredivisie de speler met de meeste liniedoorbrekende passes (644). Dat zijn verticale passes waarmee hij een medespeler achter de aanval, het middenveld of de verdediging van de tegenstander vindt. Bosz: ‘Ik heb graag spelers in mijn elftal die de bal naar dezelfde kleur spelen. Dat doet hij als de beste.’

Daarnaast bewijst Boscagli ook zonder bal over spelinzicht te beschikken: sinds Bosz naar PSV kwam heeft hij de meeste intercepties (onderscheppen van een pass) van alle eredivisiespelers en alleen Peer Koopmeiners (Almere City/AZ) veroverde vaker balbezit dan hij.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next