Nog even een uurtje Stories kijken op Instagram of eindeloos scrollen op TikTok. Bedrijven achter de apps komen met maatregelen om gebruikers te laten minderen. Dat voelt tegenstrijdig, want verdienen bedrijven niet juist geld als je langer op de apps rondhangt?
Instagram deed deze week een grote aankondiging: de app gaat tieners flink wat beperkingen opleggen. Als ze een account aanmaken staat die standaard op privé. En na een uur Instagrammen op een dag worden ze gemotiveerd om iets anders te doen. Ouders krijgen juist meer controle, zij kunnen als enigen de instellingen aanpassen.
Ook andere techbedrijven doen meer om jonge gebruikers te beschermen tegen overmatig en onveilig gebruik. Begin deze maand kondigde YouTube aan dat ouders hun accounts aan die van hun kinderen kunnen koppelen voor beter toezicht. Daarnaast krijgen tieners minder video's aangeraden die mogelijk schadelijk zijn.
De appmakers komen regelmatig met dit soort maatregelen. YouTube heeft inmiddels een omvangrijke gids opgesteld waarin het beleid voor minderjarigen staat beschreven, zegt James Beser tegen NU.nl. Hij is bij YouTube verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de videodienst voor kinderen. De grens van wanneer video's schadelijk zijn voor jongeren, is volgens hem vaag.
"Bepaalde soorten video's worden problematisch als ze vaak bekeken worden", zegt hij. "Het is onschuldig om naar iemand te kijken die mascara opdoet, maar als kinderen vaak filmpjes voorgeschoteld krijgen waarin een meisje met make-up de grootte van haar neus maskeert, kan dat vervelende gevolgen hebben voor het zelfbeeld."
Dat twee grote techbedrijven binnen een maand maatregelen treffen om kinderen te beschermen, is opmerkelijk, vindt Justine Pardoen van Bureau Jeugd en Media. "Net nu over de hele wereld ouders beginnen te mokken omdat ze ontevreden zijn over de gevolgen van intensief mediagebruik van tieners."
De Amerikaanse toezichthouder FTC publiceerde deze week een rapport waaruit blijkt dat techbedrijven te weinig doen om kinderen en tieners te beschermen. En in verschillende Europese landen werden ouderinitiatieven opgezet die afspraken willen maken over smartphonegebruik onder jongeren. In Nederland bestaat sinds deze zomer bijvoorbeeld het initiatief Smartphonevrij Opgroeien, gebaseerd op een beweging uit het Verenigd Koninkrijk.
Socialemediaplatforms voelen de druk en weerstand vanuit de maatschappij, zegt Teun Siebers, die de impact van sociale media op het mentale welzijn van tieners onderzoekt aan de Universiteit van Amsterdam. "Ze moeten daar dus wat mee", zegt hij. "Nu moeten we zien of het werkt. Het is een kleine moeite om iemand na een uur scrollen daarvan op de hoogte te brengen. Dat zit het verdienmodel van Instagram niet in de weg en weerhoudt jongeren er niet van om langer door te gaan."
Zowel Siebers als Pardoen kijken met enige argwaan naar de achterliggende bedoelingen van de techbedrijven. Maar, zeggen ze, als het werkt om kinderen op een gezondere manier online te begeleiden is dat winst. "Met zo'n tijdsmelding waarin tieners te horen krijgen dat het tijd is voor iets anders, ondersteun je als bedrijf het verhaal van de ouders", zegt Pardoen. "Dat is belangrijk."
Pardoen vindt dan ook niet dat techbedrijven hiermee maatregelen treffen tegen zichzelf. "Ik zie het liever als je nek uitsteken voor het welzijn van jongeren", zegt ze. "Je laat zien niet alleen bezig te zijn met geld verdienen, maar ook met ethisch zakendoen. Dat neemt niet weg dat ze dit veel eerder hadden kunnen doen."
Er is niet één oplossing te bedenken die werkt voor iedereen, denken de experts. Sterker: lang niet iedereen vindt dat er een probleem is. Vanuit de wetenschap wordt vaak gezegd dat niet onomstotelijk is vastgesteld dat telefoon- en socialmediagebruik leiden tot problematiek onder jongeren.
Drie Nederlandse hoogleraren schreven bijvoorbeeld vorig jaar in NRC dat er een relatie bestaat tussen het gebruik van sociale media en mentale problemen, maar dat ze het te makkelijk vinden om platforms als zondebok aan te wijzen. Misschien zijn jongeren met mentale problemen sowieso meer geneigd hun toevlucht te zoeken tot sociale media, schrijven ze.
YouTube-topman Besser ziet al die verschillende meningen ook en zegt daarom te werken met een zo divers mogelijk panel aan mensen om richtlijnen voor de videodienst vast te stellen. "Als het om kinderen gaat, is nooit iedereen het met elkaar eens", zegt hij. "Als we niet tot overeenstemming komen, dan kunnen we bijvoorbeeld bepalen dat we het wel of niet inzetten van bepaalde maatregelen overlaten aan de ouders."
Adam Mosseri, directeur van Instagram, zal zich in die insteek kunnen vinden. "We luisteren naar ouders omdat zij beter dan techbedrijven of beleidsmakers weten wat hun kinderen nodig hebben", zei hij eerder deze week.
Op zich een mooie visie, zegt Siebers, maar volgens hem weten ouders lang niet altijd wat kinderen op het internet zien. "Kinderen praten vaak niet met hun ouders over de negatieve effecten van wat zich op hun telefoons afspeelt", zegt hij.
Volgens Pardoen kun je niet alles overlaten aan ouders. "Ze hebben niet altijd de technische kennis of kunnen de functies voor toezicht niet vinden", zegt ze. "De platforms kunnen het de ouders makkelijker maken om hen te laten bepalen wat goed is voor hun kinderen. Maar het moet wel overzichtelijk blijven. De standaardinstellingen van de apps moet passen bij wat kinderen nodig hebben."
Overigens moeten ouders ook zelf een account op de platforms hebben om in de gaten te houden waar kinderen mee bezig zijn. "Het voelt wel wat tegenstrijdig dat ouders een account moeten aanmaken om het gebruik van hun kinderen te minderen", besluit Siebers.
Source: Nu.nl economisch