De vraag of Dick Schoof nee durft te zeggen tegen Geert Wilders, zal hem vanaf nu achtervolgen totdat hij het een keer doet.
Voor een demonstratie van zelfkastijding kun je altijd terecht in de Tweede Kamer. De ene na de andere fractieleider liet donderdag weten hoe jammer het was dat de Algemene Politieke Beschouwingen nou alweer onvoldoende over de ‘inhoud’ gingen en steeds alleen maar over de noodrechtprocedure van minister Marjolein Faber.
Dat berouw was nergens voor nodig, want er staat veel op het spel. De regeringspartijen speelden de vermoorde onschuld met hun verzekering dat het parlement heus niet buitenspel wordt gezet: zodra het kabinet heeft besloten dat er toch echt sprake is van een dusdanige acute crisissituatie rond de asielmigratie dat noodwetgeving onvermijdelijk is, mag de Kamer er toch ‘onverwijld’ iets van vinden?
Maar dat is precies het probleem: als de Kamer dan nog iets wil, zal het met stoom en kokend water moeten gebeuren. Voor een rustige wetsbehandeling volgens de methode-Omtzigt – artikel voor artikel, voorafgegaan door gesprekken met deskundigen, voorzien van uitgebreid advies van de uitvoeringsorganisaties – is dan helemaal geen tijd meer. De ‘crisissituatie’ is immers al van kracht. Kennelijk gunt NSC het recht op een zorgvuldige wetsbehandeling alleen aan zichzelf.
De schade die een kabinet kan aanrichten als alles aan de kant gaat voor politiek opportunisme, diende zich deze week al aan. BBB-leider Caroline van der Plas had zowaar een punt dat het bedenkelijk is dat alle interne ambtelijke notities al door de Kamer werden opgevraagd vóórdat er überhaupt een officieel kabinetsbesluit is. Dat draagt niet bij aan het veiligheidsgevoel binnen de departementen, waar vrijuit meningen uitgewisseld moeten kunnen worden, zonder dat daar meteen politieke consequenties aan verbonden zijn.
Van der Plas vertelde er echter niet bij dat de oppositie alleen voor deze weg koos omdat de regeringspartijen normale wetsbehandeling willen vermijden. Zo ziet een hellend vlak er dus uit.
Bovenal viel op dat drie van de vier regeringspartijen geen enkele aarzeling toonden over Fabers sluiproute. Die aantijging treft ook premier Dick Schoof met zijn verdedigingslinie: het staat nou eenmaal in het hoofdlijnenakkoord en dus voert hij het uit. Hij kreeg het verwijt dat hij zich daarmee opstelt als een ambtenaar, maar dat is nog te lovend, want we hadden net gezien dat die ambtenaren juist wél kritiek durfden te uiten. De vraag of Schoof nee durft te zeggen tegen Geert Wilders, zal hem vanaf nu achtervolgen totdat hij het een keer doet.
Dat lot deelt hij met NSC-fractieleider Nicolien van Vroonhoven. Ook zij bleef weg bij elk inhoudelijk oordeel over de Faber-strategie. Dat heeft ze gedelegeerd aan de Raad van State, kennelijk in de overtuiging dat die er gehakt van gaat maken. Maar daarmee maakt ze van de Raad opeens een politiek instrument.
In de woorden van staatsrechtgeleerde Joop van den Berg vrijdag: ‘NSC duwt de Raad in de rol van scheidsrechter die beslist wie er gelijk heeft, het kabinet of NSC, dat er eigenlijk niets in ziet maar dat niet hardop durft te zeggen. Daar is de Raad van State niet voor opgericht. Zulk afschuiven moet derhalve worden beschouwd als misbruik van de Raad.’
Pieter Omtzigt had het gezegd kunnen hebben.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant