Home

De premier zal zichzelf wat groter moeten maken, en niet alleen omdat de oppositie dat zo graag wil

De onervaren minister-president zal nu al zijn tact nodig hebben om te voorkomen dat de asielnoodwetgeving zijn kabinet in brand zet. Maar na deze week is de vraag: heeft hij daarvoor genoeg gezag?

‘Ik mag mij niet irriteren aan uw Kamer. Dat past mij niet. Maar deze opmerking raakt mij wel buitengewoon.’ Vrijdagochtend, bij het krieken van de dag, kijkt Dick Schoof met woedende ogen de nationale vergaderzaal in nadat Rob Jetten hem heeft aangesproken op de wijze waarop hij het premierschap invult.

De D66-leider – die dan al twaalf uur lang verbolgen is over het kabinetsplan om een asielnoodwet in te voeren – suggereert dat Schoof zijn taakopvatting kennelijk wil inperken tot ‘antwoorden voorlezen van voorbereide briefjes’ – lees: door PVV-leider Geert Wilders.

Over de auteur
Natalie Righton is politiek verslaggever van de Volkskrant.

Alles over politiek vindt u hier.

‘Ik ben hier niet bezig papiertjes voor te lezen!’, kaatst Schoof geërgerd terug. ‘Ik ben niet bezig met alleen maar de raad voor te zitten! Ik ben bezig om te zorgen dat we met het regeerprogramma in de hand Nederland beter maken!’ De spanning is even duidelijk voelbaar, maar Jetten haalt ’m weer uit de lucht met de vaststelling dat Schoof ‘eindelijk’ echte begeestering toont.

Geroffel

Intussen gebeurt in de bankjes achter Schoofs iets uitzonderlijks: aanhoudend geroffel op de bankjes van de ministers en staatssecretarissen voor hun premier – een eer die zelfs Mark Rutte nooit ten deel viel. Twee maanden na zijn aantreden en na twee lange dagen debatteren, weet Schoof zijn ploeg voor heel eventjes te verenigen, met de oppositie in de Tweede Kamer als gezamenlijke vijand.

Het is voor Schoof een welkome afwisseling van de onderlinge ruzies in de coalitie die de rest van de dag juist pijnlijk zichtbaarder zijn geworden. Zo blijkt PVV-minister Marjolein Faber (Asiel) op ramkoers te liggen met onder anderen de NSC-ministers Judith Uitermark (Wetgeving) en Caspar Veldkamp (Buitenlandse Zaken), zo wordt helder uit de ambtelijke stukken die Schoof donderdag openbaarde aan de Kamer.

Volgens de NSC-bewindspersonen kan het allemaal niet, die noodwetgeving die Faber wil invoeren om de asielinstroom te perken. Van uitzonderlijke omstandigheden is volgens hun adviseurs momenteel geen sprake. Ook in de coalitie in de Kamer woedt deze strijd. PVV-leider Wilders reageert furieus als NSC-fractievoorzitter Nicolien van Vroonhoven steun geeft aan het vrijgeven van vertrouwelijke stukken over de asielaanpak. Hij slaat hard op het Kamerbankje voor hem. In de wandelgangen spreken coalitiegenoten over ‘vuil spel’ door NSC.

Binnenbrandje blussen

Schoof ziet hem om hem heen gebeuren en lijkt vooralsnog niet in staat er veel aan te doen. In plaats van het dreigende binnenbrandje over de asielaanpak snel vakkundig te blussen, heeft de premier de ruzie nu slechts uitgesteld en verplaatst naar de ministerraad. ‘Irritatie moet kunnen’, zei hij er vrijdagmiddag over, na een nachtje slapen. Maar met die recensie is de onenigheid niet weg.

Het conflict dendert ergens in de komende weken weer in volle hevigheid op hem af zodra minister Faber haar plan doorzet om per koninklijk besluit de noodsituatie uit te roepen over asiel. Vrijdag voor aanvang van de ministerraad benadrukte zij wie de baas is: ‘Ambtenaren adviseren, wij besturen.’ NSC zal vroeg of laat kleur moeten bekennen: gaan ze hierin mee of niet?

Het wordt Schoofs grootste uitdaging in de komende maand: voorkomen dat minister Faber enerzijds en de ministers Uitermark en Veldkamp anderzijds in het Catshuis lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. Hij zal een compromis moeten verzinnen, want elke premier weet dat forse ruzies in de ministerraad eindigen in malaise. Het meest beruchte voorbeeld is Balkenende I, het kabinet dat na 87 dagen ten onder ging vanwege aanhoudende gevechten in de Trêveszaal. In de wandelgangen werd er deze week volop aan gerefereerd, en niet alleen in oppositiekringen.

Premier zonder mening

De onervaren Balkenende bleek destijds niet opgewassen tegen de destructieve krachten in zijn coalitie. De vraag of Schoof er beter voor staat, zal hem de komende weken achtervolgen, zeker nadat hij zich deze week in het belangrijkste politieke debat van het jaar toch vooral manifesteerde als een premier zonder mening.

‘Toon wie u bent en waar u voor staat’, moedigden de oppositieleden Frans Timmermans (GroenLinks-PvdA), Rob Jetten (D66) en Laurens Dassen (Volt) hem meermaals aan. Zij willen weten wat zijn ‘visie en mensbeeld’ is: ‘Daar snakken mensen naar.’

Maar zoveel ruimte voelt Schoof nog niet. ‘Wat ik hoor van mensen is dat ze verwachten dat ik stappen zet om resultaten te boeken. Ze vragen niet wat mijn levensvisie is.’ Het is een echo van de opvatting van Rutte, die vond dat je voor visie naar de oogarts moest en voor de rest gewoon je mouwen moest opstropen om aan het werk te gaan.

Uitvoerder

Een belangrijk verschil tussen Rutte en Schoof is dat de vorige premier dit soort dingen zei om stemmen te winnen, en de nieuwe niet. Als het echt nodig was, viel Rutte terug op zijn enorme electorale mandaat. Daar bouwde hij zijn gezag op. Schoof wil niet eens meedoen aan de volgende verkiezingen. Hij beschouwt zichzelf slechts als ‘de uitvoerder’ van de plannen van de vier coalitieleiders. Zijn eigen mening doet er niet zoveel toe.

Maar ook zonder mening kun je in de problemen komen, zeker als je je daardoor snel laat overtuigen door anderen. Zo hinkt Schoof donderdag bij aanvang van het debat eerst op de gedachte om de Kamer helemaal geen inzage te geven in de documenten waarin de juridische onderbouwing voor de asielnoodwet staat. Vervolgens geeft hij ze plotseling toch – ongelakt en wel. Vol ongeloof gooit justitieminister David van Weel (VVD) zijn handen in de lucht: wat is dit nou weer? Er breekt een paniekerige sfeer uit onder de andere bewindspersonen.

Knopen doorhakken

‘Ik zit een beetje klem’, biecht Schoof uiteindelijk op in het debat donderdag. De vier coalitieleiders Wilders (PVV), Yesilgöz (VVD), Omtzigt (NSC) en Van der Plas (BBB) hebben nou eenmaal met elkaar afgesproken dat ze een noodmaatregel willen voor asiel, dus hij heeft dat zo in het regeerakkoord overgenomen. Copy paste. Maar een besluit hierover heeft het kabinet zelf nog helemaal niet genomen. Aan nadenken over een inhoudelijke verdediging van het besluit blijkt de premier ook nog helemaal niet te zijn toegekomen.

Geert Wilders is dus eigenlijk ‘de schaduwpremier’ die bepaalt hoe dingen lopen, oordeelt Timmermans. Zolang Schoof zich buiten elk inhoudelijk debat blijft houden, blijft hij kwetsbaar voor dat frame. Zeker als het gaat om iets fundamenteels als de toepassing van het noodrecht, zal een groot deel van de Kamer het niet lang meer accepteren dat hij slechts verwijst naar politieke akkoorden en juridische adviezen.

Nog geen twee maanden na zijn aantreden dreigt zijn kabinetsploeg in een crisis in slow motion te belanden, en dat komt mede doordat de premier zelf geen knopen doorhakt. Het moment nadert dat hij zichzelf wat groter zal moeten maken, als het al niet voor de oppositie is dan toch voor het redden van zijn kabinet.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next