Home

Kabinet-Schoof rekent zich rijk in zijn eerste begroting: het zoet zit in het begin, het zuur aan het eind

‘Met deze Miljoenennota maken we een belangrijke slag in het herstellen van de begrotingsdiscipline’, schrijft minister van Financiën Eelco Heinen in het voorwoord van zijn eerste begroting. Heinen profileert zichzelf als begrotingshavik die met ijzeren vuist over de schatkist regeert, maar maakt dit niet echt waar.

Prinsjesdag zou Prinsjesdag niet zijn zonder hoedjesparade en Troonrede, maar ook de publicatie van de Miljoenennota voltrekt zich elk jaar volgens een vast patroon. De minister van Financiën wekt tijdens zijn toespraak in de Tweede Kamer de indruk dat het land nog nooit met zo’n fantastische begroting is verblijd.

Terwijl de minister zichzelf en het kabinet lof toezwaait, zetten zijn ambtenaren de slechte recensies van het Centraal Planbureau (CPB) en de Raad van State (RvS) online. De begrotingsadviseurs concluderen eigenlijk altijd dat het kabinet te weinig begrotingsdiscipline betracht en problemen doorschuift naar de toekomst.

Dit jaar klinkt weer hetzelfde refrein en dat is pijnlijk voor Heinen. De VVD ziet zichzelf immers als een partij die belang hecht aan financiële degelijkheid. De fractie heeft haar voormalig financieel woordvoerder naar het kabinet gepromoveerd met de specifieke opdracht de ongedisciplineerde coalitiegenoten BBB en PVV van potverteren te weerhouden.

Over de auteur
Yvonne Hofs is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën, economische zaken en landbouw, natuur en visserij.

Volg alles over de kabinetsformatie hier.

Heinen verkondigt vanaf dag één van zijn ministerschap dat hij korte metten wil maken met de slappe begrotingsmoraal van voorgaande kabinetten, maar CPB en RvS lezen dat niet terug in zijn eerste begroting. ‘Het expansieve beleid van het vorige kabinet wordt in het hoofdlijnenakkoord slechts beperkt bijgebogen’, schreef het CPB in augustus al. Uitgaand van het hoofdlijnenakkoord geeft het kabinet-Schoof in 2028 per saldo 4,7 miljard euro minder uit dan het vorige kabinet, berekent het CPB. Dat is een besparing van minder dan 1 procent op de totale begroting.

Kabinet rekent zich rijk

Problematischer is dat het kabinet zich mogelijk rijk rekent door aan het eind van de kabinetsperiode bezuinigingen in te boeken die hoogst onzeker zijn. Zo moet een afname van het aantal asielzoekers een besparing van 1 miljard euro per jaar opleveren, maar of er vanaf 2027 echt substantieel minder vluchtelingen naar Nederland zullen komen is hoogst onzeker.

Ook de bezuiniging van 1,6 miljard op de jaarlijkse EU-afdrachten (ingeboekt vanaf 2028) is op drijfzand gebaseerd, stelt het CPB. Nederland kan die verlaging immers niet afdwingen. Het CPB kwalificeert de voorgenomen bezuiniging op het ambtenarenapparaat van 1,5 miljard euro eveneens als onrealistisch.

Het valt op dat dit kabinet de komende twee jaar veel extra uitgaven en belastingverlagingen inplant (zoals de verlaging van het eigen risico in de zorgverzekering), terwijl veel grote bezuinigingen pas aan het eind van de kabinetsperiode vallen. Dit brengt het risico met zich mee dat er van die bezuinigingen niets terechtkomt als het kabinet voortijdig valt, terwijl de uitgaven dan al gedaan zijn.

Het CPB merkt bijvoorbeeld op dat Heinen geen financiële dekking heeft geregeld voor de Hoge Raad-uitspraken over de vermogensrendementsheffing en Duitse beleggingsfondsen. Die twee vonnissen leiden tot een belastingderving van bijna 11 miljard euro, waarvan bijna 7,5 miljard euro in 2024. Het grootste deel van deze tegenvaller wordt pas op de langere termijn opgevangen door de voorgenomen verlaging van de vermogensrendementsheffing terug te draaien, en via een lichte verhoging van de arbeidsongeschiktheidspremie die werkgevers betalen.

Giftenaftrek: zoenoffer voor de christelijke partijen

Een saillant detail is dat het kabinet afziet van de in het hoofdlijnenakkoord aangekondigde versobering van de giftenaftrek. Waarschijnlijk is dit een zoenoffer voor de christelijke oppositiepartijen, die voor de zomer luid protesteerden tegen deze maatregel.

De voorgenomen beperking van de giftenaftrek zou namelijk nadelig uitpakken voor kerkgenootschappen, die veel periodieke schenkingen ontvangen. Het kabinet heeft de steun van de SGP, ChristenUnie en het CDA hard nodig om de begroting door de Eerste Kamer te loodsen en het schrappen van de aanslag op kerkelijke giften kan daarbij helpen.

Het kabinet heeft op Prinsjesdag ook bekendgemaakt dat het netwerkbeheerder Tennet een nieuwe miljardenlening verstrekt. Het bedrijf moet de komende jaren fors investeren in het Nederlandse en Duitse stroomnet, maar heeft daarvoor onvoldoende kapitaal. Het kabinet had Tennet hiervoor al 25 miljard euro geleend, en daar komt nu een lening van nog eens 19 miljard euro bij.

Onderscheid ‘hoge’ en ‘lage’ cultuur

De RvS laat zijn advies bij het Belastingplan weinig heel van de btw-verhoging die het kabinet wil invoeren voor logies en ‘hogere cultuur’. Het kabinet presenteert deze maatregel in zijn toelichting bij het wetsvoorstel als een ‘vereenvoudiging van het belastingstelsel’, maar de RvS vindt dat een vreemd argument. Er blijven immers twee btw-tarieven naast elkaar bestaan, net als nu.

Het btw-stelsel wordt eerder ingewikkelder, omdat het kabinet een onduidelijk (dus moeilijk handhaafbaar) verschil maakt tussen ‘hoge’ en ‘lage’ cultuur. De RvS merkt op dat er geen logische reden is om ‘kamperen met een eigen tent’ onder een lager btw-tarief te laten vallen dan ‘kamperen in een gehuurde tent’, zoals het kabinet voorstelt. Hetzelfde geldt voor het onderscheid tussen theaters (hoge btw) en bioscopen (lage btw).

Het adviesorgaan vraagt zich zelfs openlijk af of dit onderscheid juridisch houdbaar is, omdat EU-wetgeving bepaalt dat ‘goederen en diensten die vanuit het oogpunt van de modale consument met elkaar concurreren niet aan verschillende btw-tarieven onderworpen mogen worden’. Het kabinet is zich blijkbaar bewust van dit risico, want het erkent in de wetstoelichting dat ‘het definitieve oordeel daarover aan de rechter is’.

RvD: kabinet gebruikt foute aannames

De RvS is daarnaast zeer kritisch over de manier waarop het kabinet de verlaging van het belastingtarief voor eigenaren van familiebedrijven (box 2) verdedigt. Het kabinet rechtvaardigt die belastingverlaging met de bewering dat zulke ondernemers en aandeelhouders nu relatief meer inkomstenbelasting betalen dan werknemers en zzp’ers.

Maar het kabinet gebruikt foutieve aannames om die redenering te onderbouwen, aldus de RvS. In de praktijk betalen deze bedrijfseigenaren namelijk veel minder dan het ‘officiële’ belastingtarief in box 2, omdat ze veel ontwijkingsmogelijkheden hebben.

Het meest kritisch zijn RvS en CPB echter over de nieuwe begrotingsnorm, die bepaalt dat het kabinet pas moet bezuinigen als het begrotingstekort meerdere jaren boven de 2,8 procent uitstijgt. Die norm is veel te slap, vinden beide begrotingsadviseurs, omdat Nederland dan bij de minste of geringste tegenvaller door de 3 procent heen schiet.

De economie staat er nu nog goed voor en dan moeten kabinetten financiële buffers opbouwen, doceren CPB en RvS. Het kabinet-Schoof laat dat na en laat de staatsschuld na 2030 tot boven de 70 procent oplopen (en dat is nog zonder grote economische crises). Voor de Tweede Kamerverkiezingen bracht een gezaghebbende groep ambtenaren advies uit aan het volgende kabinet: neem een gemiddeld begrotingstekort van 2 procent als leidraad. Financiële ijzervreter Eelco Heinen heeft daar net als zijn voorgangers geen boodschap aan.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next