Home

Deze barones deelt haar enorme collectie fotografie met het grote publiek: ‘Ik ben tevoorschijn gekomen’

De Belgische barones Astrid Ullens bouwde niet alleen een indrukwekkende fotocollectie op, ze gooide ook op haar 70ste het roer om. Een grote expositie in Arles met werk uit haar verzameling draagt eindelijk haar naam. ‘Ik heb 46 jaar in een kast geleefd.’

Op foto’s van openbare optredens heeft ze iets weg van Peggy Guggenheim (1898-1979), de beroemde Amerikaanse kunstverzamelaar. Net als Guggenheim is ze een collectioneur en draagt ze markante brillen en hippe kleding. Maar als de Belgische Astrid Ullens voor een interview op het computerscherm verschijnt, valt er niets extravagants aan haar te ontdekken. Ze is aan het uitrusten in Zwitserland, waar ze een deel van het jaar woont. ‘Ik hield ontzettend van skiën’, legt ze uit. ‘Maar nu: vergeet het maar.’ Ze is 85 jaar.

Ullens heeft een drukke tijd achter de rug. Ze bezit een bijzondere collectie documentaire fotografie, die tot eind deze maand is te zien op Les Rencontres d’Arles, het toonaangevende fotofestival dat elk jaar plaatsvindt in Zuid-Frankrijk. De 650 foto’s uit haar verzameling worden door velen als een hoogtepunt van deze editie beschouwd. Ook is er een boek verschenen over haar collectie. Dat wordt deze week gevierd in haar eigen expositieruimte in Brussel.

Ze woonde in juli de opening van Les Rencontres bij. Is de expositie in Arles de kroon op haar werk? ‘Zal ik eerlijk zijn? Ik voel geen erkenning. Ik was er een week, maar had geen tijd om van de tentoonstelling te genieten. Het was te druk. Ik ga nog terug, om in mijn eentje te kijken en me te realiseren wat ik heb gedaan.’ Ze giechelt, iets wat ze na haar opvallend levendige antwoorden meermaals zal doen.

Over de auteur
Michiel Kruijt is kunstredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft voornamelijk over fotografie en de zakelijke kant van de kunstwereld.

Barones Astrid Ullens De Schooten Whettnall is 37 als ze zich in kunst gaat verdiepen. Ze maakt deel uit van een bekende aristocratische familie in Brussel, die eigenaar is van de Tiense Suikerraffinaderij. Die zal ruim een decennium later voor een fortuin worden verkocht. Haar oudere broer Guy is een verzamelaar. Hij zal een museum met hedendaagse Chinese kunst oprichten in Beijing.

Keerpunt

Ze is vooral dol op arte povera, minimalisme en conceptuele kunst. In 1986 koopt ze haar eerste werk. De reactie van haar toen 80-jarige moeder: ‘Ik vind het afschuwelijk, maar laat dat je niet tegenhouden.’ Ullens droomt ervan om sculpturen van Constantin Brâncuși (1876-1957) te bezitten, maar die zijn zelfs voor haar te duur. Ze verwerft vlak voor de eeuwwisseling een foto van een van zijn beelden. Die heeft de Roemeens-Franse kunstenaar zelf genomen in zijn atelier.

Dat is een keerpunt. Ze stapt over op de fotografie – de beeldende kunst is volgens haar te veel ‘business’ geworden. In 25 jaar tijd bouwt ze een collectie van 5.500 afdrukken op, van in totaal honderd fotografen. Wat de verzameling extra bijzonder maakt: die bestaat niet uit losse foto’s, maar vooral uit series die fotografen zelf hebben samengesteld.

In 2009 gooit ze haar leven om. Ze is 70, heeft vier kinderen opgevoed en ‘46 jaar in een kast geleefd’. Ze scheidt van haar man. Daarna maakt ze een reis naar Afghanistan die grote indruk op haar maakt. De armoede en de onrechtvaardigheid van het Taliban-bewind doen haar nog eens extra beseffen dat ze is geboren aan de ‘goede kant van het hek‘. Ullens besluit haar collectie met de Brusselse jeugd te delen. ‘Ik begon met een school samen te werken. Het is een van de beste herinneringen die ik heb. Want het is verbazingwekkend hoe je met foto’s de aandacht van kinderen kunt vangen en vasthouden. Ze hebben zo veel fantasie.’

De voordelen van anonimiteit

Haar collectie is in 2010 voor het eerst door de buitenwereld te bekijken, in het Fomu, het fotomuseum in Antwerpen. Onvermeld blijft van wie de verzameling is. ‘Ik wilde niet bekend worden. Voor mij was het een kleine collectie. Als je hoort dat musea tachtigduizend foto’s hebben, dan was ik niets. Dus hield ik het heel discreet.’ Haar anonimiteit heeft ook voordelen. ‘Niemand wist wie ik was als ik foto’s kocht in galeries. Het was toen veel makkelijker.’

In 2012 opent ze in het zuiden van Brussel een bescheiden expositieruimte. In Fondation A – de A staat voor Astrid – etaleert ze drie keer per jaar werk uit haar eigen collectie, al dan niet in samenwerking met andere instellingen. Ze toont giganten – Lewis Baltz, Bernd en Hilla Becher, Walker Evans, Robert Adams – maar durft het ook aan om fotografen te brengen die veel minder bekendheid genieten: Judith Joy Ross, Jo Ractliffe, Guido Guidi. In kringen van fotoliefhebbers wordt de stichting van Ullens al snel beschouwd als een verborgen parel.

Ook experts beseffen dat ze iets bijzonders in huis heeft. Christoph Wiesner, de directeur van Paris Photo, de belangrijkste fotobeurs van de wereld, weet haar te verleiden tot een tentoonstelling. Die is in 2019 te zien. Op een bovenverdieping. Haar naam wordt niet in de titel genoemd.

U lijkt zich na uw scheiding bevrijd te hebben. Het viel mensen op dat u zich uitbundiger ging kleden. U opende op uw 73ste een expositieruimte.

‘Precies. Ik besloot mijn leven te wijzigen. Om van het leven te genieten. Om trots op mezelf te zijn, op wie ik ben. Ik denk dat het een voorbeeld is voor mijn vijftien kleinkinderen. Je hebt niet veel geld nodig om iets te doen als je er echt in gelooft. Het is een kwestie van betrokkenheid. Van passie.’

Heeft u een opleiding gevolgd over fotografie?

‘Nee. Maar ik had verbazingwekkende kunstenaars leren kennen en veel van hen geleerd. Het was makkelijk voor mij om van conceptuele kunst en minimal art over te gaan naar de fotografie van bijvoorbeeld Lewis Baltz, die met zijn werk commentaar leverde op de Amerikaanse droom.’

Ze had een goede adviseur in de persoon van Jean-Paul Deridder, zelf een fotograaf. Hij was vanaf het begin de directeur van Fondation A. ‘Hij liet me kennismaken met het werk van Baltz. Ik heb veel aan hem te danken.’ Eind 2019 komt het tot een breuk tussen hen. ‘We hebben een grote ineenstorting gehad. Ik ging alleen door. In het begin dacht ik dat ik nooit in staat zou zijn om zelf te kopen. Maar ik kan zelf kopen. Dat weet ik nu.’

Veel geld verloren

Een paar maanden later breekt de coronapandemie uit. Fondation A krijgt geen subsidie en dus ook geen overheidssteun. ‘Ik moest stoppen. Ik verloor mijn team en ook veel geld.’ Een jaar hangt er niets in de expositieruimte. Ze bouwt aan een nieuw, ‘piepklein’ team – drie jonge mensen die drie dagen per week werken voor haar stichting. De eerste tentoonstelling na covid geeft een overzicht van het vele werk dat Ullens heeft gekocht van fotografen uit Latijns-Amerika. Ze heeft haar focus naar dat continent verlegd. De Amerikaanse fotografie uit de vorige eeuw, het zwaartepunt van haar verzameling, is inmiddels heel duur geworden, zegt ze.

Ze heeft vooral series gekocht, zo verklaart ze, omdat die meer zeggen over het onderwerp dat een fotograaf heeft willen vastleggen. ‘En ik denk niet dat je het werk van een kunstenaar kan beoordelen aan de hand van twee of drie foto’s.’

Dit jaar krijgt haar collectie de grootste blijk van waardering tot nu toe. Christoph Wiesner, die haar als directeur van Paris Photo een tentoonstelling gaf, staat sinds 2020 aan het hoofd van Les Rencontres d’Arles. Hij stelt voor haar verzameling ook op het Zuid-Franse fotofestival te laten zien. De nu lopende expositie, samengesteld door een Zwitserse curator, is veel groter dan in Parijs en staat in een prominente hal. In de titel is nu wel haar naam opgenomen: When images learn to speak - Conceptualized documentary photography from Astrid Ullens De Schooten Whettnall’s Collection. ‘Dit keer is het echt heel publiek. Ik ben tevoorschijn gekomen. Vanuit het donker.’ Ze lacht.

‘Baby’ van drie kilo

Ter gelegenheid van de tentoonstelling is er een fotoboek gemaakt over haar collectie. Ze vergelijkt de verschijning van Saga - A photographic journey from Lewis Baltz to Tarrah Krajnak met het krijgen van een baby. Eentje van drie kilo, want zoveel weegt het vuistdikke overzicht. Daarin staan niet minder dan tweeduizend foto’s afgedrukt uit haar verzameling. Om de publicatie te vieren, wordt er deze week een tentoonstelling aan gewijd in haar expositieruimte in Brussel. Daar vallen ook zeventig foto’s uit haar collectie te bewonderen.

Die groeit niet meer, onthult ze opeens. ‘Voorlopig koop ik niets meer. Omdat we moeten beslissen wat we gaan doen, vanwege mijn leeftijd. Ik word in november 86. Ik kan het nog een of twee jaar volhouden, maar we moeten weten waar we naartoe gaan. Dus voorlopig wil ik eerlijk zijn tegenover de kunstenaars en wil ik niet kopen tot ik kan bevestigen dat er iets volgt.’

U moet met uw kinderen beslissen over de toekomst van uw stichting?

‘Ja. We praten er nu over. We moeten snel een oplossing vinden. Ik wil ook eerlijk zijn naar mijn team.’

Heeft u kinderen of kleinkinderen die geïnteresseerd zijn in fotografie?

‘Op het moment zijn ze niet erg betrokken, omdat ze niet weten hoe we verder gaan.’

U wilt dat uw stichting blijft bestaan, met de exposities en de collectie?

‘Natuurlijk. Maar je weet nooit wat er uit gaat komen. De collectie is al eigendom van mijn kinderen. Dus zij moeten een beslissing nemen. En ik moet ze daarmee helpen. Voor het einde van het jaar moet er duidelijkheid zijn.’

Hoeveel bezoekers ontvangt Fondation A jaarlijks?

‘Dat weet ik niet eens. Een paar duizend? Niet veel.’ De Franstalige Ullens noemt de documentaire fotografie ‘le parent pauvre’ – er valt niet veel mee te verdienen. ‘Maar we hebben er met het nieuwe team hard aan gewerkt om meer publiciteit te krijgen.’

Met het laatste wapenfeit, de publicatie van het collectieboek, is het ‘allemaal officieel geworden’, stelt ze vast. ‘Het was lang hemels, want om gelukkig te zijn, moet je je bescheidenheid behouden.’ Toch heeft ze besloten om het overzicht uit te brengen. ‘Voor mij is het meer een getuigenis voor mijn kleinkinderen en achterkleinkinderen. Dat ze kunnen zien hoeveel werk er is verzet. En dat je op elke leeftijd alles kunt aanpakken.’

Saga – A photographic journey from Lewis Baltz to Tarrah Krajnak, uitgeverij Ludion, € 75.
Saga Days – Lancering van het collectieboek
, 19 t/m 22/9, Fondation A in Brussel.
When Images Learn To Speak, Les Rencontres d’Arles, t/m 29/9.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next