Het aantal zieke en dode merels in Nederland is de afgelopen weken toegenomen. De oorzaak ligt in de opleving van het dodelijke Usutu-virus, meldt Sovon Vogelonderzoek.
De afgelopen maand kregen Sovon en het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC) ongeveer 250 meldingen van zieke of dode merels. Een maand eerder waren dat er zo'n vijftig. De meldingen kwamen vooral uit het oosten van het land, schrijft het DWHC.
De Vogelbescherming wijt de stijging aan het Usutu-virus. "Dat virus veroorzaakte al eerder hoge sterfte onder vogels, met name onder merels. Na de uitbraken in 2016 en 2018 en droge voorjaren kwam de populatie in een vrije val", vertelt een woordvoerder van de Vogelbescherming aan NU.nl.
Het aantal zieke vogels zal naar verwachting nog verder stijgen. "Eerdere jaren hebben we gezien dat er ook in september nog veel vogels besmet raken", zegt de woordvoerder.
"De resultaten geven aan dat het Usutuvirus nog steeds rondgaat en nu opnieuw voor problemen onder merels zorgt." Het DWHC test de gevonden dode vogels op het virus. Inmiddels is een aantal merels onderzocht, 75 procent testte positief.
Het onderzoekscentrum meldt ook dat er minder levende merels worden gespot dan normaal. Dat past in de trend die sinds 2005 is ingezet. Sindsdien stagneert de groei van de merelpopulatie of neemt die in aantallen af. "Dit zou een gevolg kunnen zijn van enkele droge voorjaren, die ongunstig zijn voor regenwormen en dus ook voor de merel, die daarvan leeft", legt de woordvoerder uit.
Overigens zijn er behoorlijk wat merels in Nederland. Volgens de laatste cijfers van de Vogelbescherming van 2018 tot 2020 zijn er 500.000 tot 900.000 broedparen in ons land. "De merel is de meest algemene en een van de bekendste en talrijkste broedvogels van ons land."
Source: Nu.nl algemeen