In de Amsterdamse stadsschouwburg zijn zondagavond tijdens het slotgala van het Nederlands Theater Festival de Theo d’Ors uitgereikt. Wie zijn dit jaar de winnaars van de belangrijkste Nederlandse toneelprijzen?
Zondagavond werden tijdens het Gala van het Nederlands Theater in de Amsterdamse schouwburg de Theo d’Ors ‘nieuwe stijl’ uitgereikt. De jaarlijkse toneelprijzen zijn dit jaar voor het eerst genderneutraal én verdeeld over drie categorieën: indrukwekkendste hoofdrol, bijrol en grensverleggende podiumprestatie.
De gelauwerde actrice Maria Kraakman (49) won de Theo d’Or voor haar dragende rol in het rechtbankdrama Prima facie van Internationaal Theater Amsterdam. Opvallend was dat de andere twee Theo d’Ors door relatief onbekende, beginnende acteurs werden gewonnen: twintigers Sharlee Daantje en Princess Isatu Hassan Bangura gingen ook allebei met de prestigieuze acteursprijs naar huis.
Over de auteurs
Ela Çolak en Sander Janssens schrijven voor de Volkskrant over theater.
‘Hoe kan hij dit niet doorhebben?’ Halverwege de monoloog Prima facie beschrijft actrice Maria Kraakman hoe haar personage wordt verkracht door een collega. Kraakman kijkt met lege ogen de theaterzaal in, praat afgemeten als ze de bewuste nacht herbeleeft. Het is een ijzingwekkende scène. ‘Ik voel hoe ik uit mijn lichaam treed’, zegt ze. ‘Ik ben er, maar ik ben er niet.’
Voor haar uitzonderlijke acteerprestatie in het rechtbankdrama Prima facie won Maria Kraakman zondagavond haar tweede Theo d’Or, de belangrijke toneelprijs voor indrukwekkendste hoofdrol van het seizoen. In 2010 mocht ze de prestigieuze onderscheiding al eens in ontvangst nemen voor haar rol in Orlando van Toneelgroep Oostpool. In haar prijzenkast staan inmiddels ook al twee Gouden Kalveren, voor Guernsey (2005) en In Blue (2018).
In de internationale theaterhit Prima facie, in 2019 geschreven door de Australisch-Britse Suzie Miller en afgelopen seizoen geregisseerd door Eline Arbo, vertolkt Kraakman de succesvolle strafrechtadvocaat Tessa, die vermeende zedendeliquenten bijstaat, maar dan zelf slachtoffer wordt van seksueel misbruik. Kraakman speelt haar met ongelooflijk veel nuance, steeds schakelend tussen andere tonen; altijd voorstelbaar, nooit voorspelbaar.
Tessa is sterk, aanvankelijk: eigengereid, geraffineerd, een tikkeltje vilein ook wel. Kraakman windt het publiek in de zaal met vlot en daadkrachtig spel om haar vinger, zoals Tessa de toehoorders in de rechtszaak trefzeker bespeelt. Net als Tessa geniet ze zichtbaar. Als een intieme relatie zich in Tessa’s leven aandient, laat ze haar pantser voorzichtig zakken en laat Kraakman meer zachtheid, twijfel en spanning in haar spel toe: ze breekt prachtig open.
Na de verkrachting verandert Kraakman op alle fronten: haar lichaam is gebogen, haar stem is gezakt in toon en volume, haar daarvoor zo vurige blik is nu dof en grauw. Zo neemt ze het publiek mee in een peilloze diepte.
Kraakman begeeft zich met haar secure, aardse spel – dat vaak ook opvallend humoristisch is – al jaren aan de top van het theater. Sinds 2015 zit ze in het vaste ensemble van Internationaal Theater Amsterdam, waar ze zichzelf onder meer in de kijker speelde met haar afwisselend zinnelijke en prettig nuchtere spel in Het jaar van de kreeft.
Maar in Prima facie boort ze een heel nieuwe, nog kwetsbaardere laag aan in haar acteurschap – waarin de grens tussen personage en actrice soms wel lijkt te vervagen. Kraakman wankelt, raakt gedesoriënteerd en valt. Maar ze herpakt zich en vuurt terug in een betoog waarin ze onomwonden aantoont hoe zij als vrouw in het door mannen opgetuigde rechtssysteem bij voorbaat op achterstand staat.
Op genereuze wijze laat Kraakman zien hoe opgehoopte pijn, verdriet en onrecht ook voeding kunnen zijn voor strijdlust en nieuw herwonnen kracht. Vanuit de diepste desillusie transformeert ze – opnieuw. Die ontwikkeling maakt Kraakman met gul, broos en rijkgeschakeerd spel invoelbaar.
De Volkskrant vergeleek Kraakmans spel vorig jaar in de vijfsterrenrecensie van Prima facie met kamermuziek: ‘Een wonder van precisie, timing en subtiele schakering.’ Dat zag ook de Nederlandse Toneeljury: ‘Op een uiterst subtiele manier schakelt ze tussen stadia van ongeloof, zelftwijfel en strijdlust en bevestigt zich andermaal als een van Nederlands indrukwekkendste acteurs van haar generatie.’
Sharlee Daantje staat nog maar aan het begin van diens carrière, maar blinkt al sinds diens afstuderen in 2020 uit door energieke en zelfverzekerde performances. Een jaar geleden won Daantje nog de Zilveren Krekel voor diens fluïde en verleidelijke rol in de feestelijke Shakespeare-adaptatie Twelfth Night van Theatergroep Aluin. Dit theaterseizoen schitterde die volop in een andere literaire adaptatie, namelijk Het achtste leven (voor Brilka) van Theater Oostpool, naar de bestseller van Nino Haratischwili.
In de maar liefst vijf uur durende theaterbewerking van het Georgische familie-epos, die zes generaties en een eeuw omspant, wekt Daantje wederom de indruk dat het podium diens veilige haven is. Een plek waar die zich volkomen thuis voelt, getuige diens ontspannen doch beheerste vertelstijl. Maar volgens de jury gaat achter deze ogenschijnlijke moeiteloosheid ‘een groot ambacht schuil’.
Daantje speelt de rol van verteller Nitsa, een van de jongste leden van de Georgische familie, die hun indrukwekkende familieverhaal recht wil doen. Vanaf het eerste moment neemt Daantje je mee in een woelige verhaal over intergenerationele trauma’s, waarin die feilloos laveert tussen alle verschillende tijden en personages. En dat maakt volgens de jury Daantje zelf ook ‘een grote verbinder’.
Met haar eerste solo Great Apes of the West Coast heeft de relatief onbekende Princess Isatu Hassan Bangura (28) een blijvende indruk gemaakt op de jury, die haar prijst om haar gave ‘om een compleet universum te bouwen’. Dat universum wordt gevoed door haar wortels in Sierra Leone, waar Bangura in 1996 is geboren. Ze migreerde op haar 13de naar Nederland en rekent in Great Apes of the West Coast onder meer af met de tergende vraag ‘waar kom je nou écht vandaan?’. Haar krachtige respons: ‘Fuck identity!’
De solo bevat wat donkere momenten, maar het is vooral een impressionistische liefdesbrief aan haar West-Afrikaanse afkomst, die Bangura door middel van een fysieke, muzikale en lyrische performance herontdekt.
Bangura studeerde in 2022 af aan de Toneelacademie in Maastricht en wist na een jaar al hoge ogen te gooien met haar solo, waarvoor ze in België genomineerd werd voor de Acteursgilde Theaterprijzen. De Theo d’Or voor meest grensverleggende podiumprestatie wordt toegekend aan iemand die als maker én performer het Nederlandse podium verrijkt – iets waar Bangura volgens de jury met verve in slaagt door te breken met de westerse speltraditie en ‘een mythisch soort spreken’ ten tonele te brengen.
Sinds dit jaar zijn de belangrijkste toneelprijzen genderinclusief: waar voorheen mannelijke en vrouwelijke acteurs een aparte onderscheiding kregen (respectievelijk de Louis d’Or voor de mannen en de Theo d’Or voor de vrouwen), reikt de Nederlandse Toneeljury vanaf nu alleen Theo d’Ors uit. Er zijn ook nog andere categorieën: zo ontving choreograaf en performer Courtney May Robertson de Mime/Performance Prijs voor haar grensverleggende voorstelling Hunter. Willemijn Zevenhuijzen kreeg voor haar rol in Diarree is mijn lievelingskleur (8+) de Gouden Krekel voor de indrukwekkendste podiumprestatie in het jeugdtheater. En de Gouden Krekel voor de indrukwekkendste jeugdtheaterproductie ging naar Supertramp (12+) van Theater Sonnevanck en Theater Oostpool.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant