Home

Muizenvanger Larry moet in ambtswoning Britse premier plotseling twee rivalen naast zich dulden

Al honderd jaar wonen er katten op 10 Downing Street, de ambtswoning van de Britse premier. De 17-jarige Larry is de populairste, maar heeft sinds kort concurrentie van een ‘troonopvolger’. Voor zijn overlijden ligt een draaiboek klaar.

Het was een komen en gaan, de afgelopen acht jaar op het bekendste adres van Londen: 10 Downing Street. Maar tussen alle premierswisselingen door bleef er één constante factor: de 17-jarige kat Larry. Die moet in de ambtswoning nu concurrentie dulden van de katten van de nieuwe premier, Keir Starmer.

Naar goed gebruik namen Starmer en zijn familie afgelopen juli hun kat Jojo mee, toen ze hun intrek namen in Downing Street. Daar bleef het niet bij. In een radio-interview met de BBC onthulde Starmer recent dat Larry er nog een concurrent bij had gekregen: een kitten. Zijn kinderen hadden aanvankelijk ingezet op een Duitse herder, wanneer hun vader het tot Downing Street zou schoppen, legde Starmer in het interview uit. Na lang onderhandelen werd het een langharige, statige Siberische kat.

Via ‘zijn’ Twitter-account, dat bijna een miljoen volgers heeft, reageerde Larry: ‘Starmers nieuwe kat heet Prince – een troonopvolger?’

Over de auteur
Maartje Geels is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.

Patrick van IJzendoorn is correspondent Groot-Brittannië en Ierland voor de Volkskrant.

Larry zal er niet echt van schrikken. Zoals hij premiers zag komen en gaan, zo zag hij ook hun huisdieren hun intrek nemen en weer vertrekken. Hij werd zelf in 2011 door toenmalig Tory-premier David Cameron vanuit een Londens asiel naar de ambtswoning gehaald en deelde het pand sindsdien met nog vijf regeringsleiders en hun eigen huisdieren, onder wie Boris Johnsons hond Dilyn.

Larry was nooit eigendom van een premier: hij hoort bij de ambtswoning en het personeel verzorgt hem. Na zijn adoptie schopte Larry het meermaals tot de (internationale) media: bijvoorbeeld toen hij in afwachting van een bezoek van de Amerikaanse leider Joe Biden van de stoep werd weggehaald door de beveiliging.

De kattentraditie op Downing Street gaat precies honderd jaar terug. In 1924 haalde Ramsay MacDonald, de eerste socialistische premier, voor het eerst een kat naar 10 Downing Street: een roodharige rattenvanger genaamd Rufus of England.

Voor zijn opvolger Peter werd zelfs een officieel budget van een penny per dag voor voeding geregeld, met als onbedoeld gevolg dat hij te lui werd om achter ongedierte aan te gaan. Nog steeds is Peter met 17 jaar de langst dienende Chief Mouser to the Cabinet Office (Hoofd Muizenjacht), een record dat in de jaren zestig werd geëvenaard door Peter III.

Blik sardientjes

Omdat sommige premiers zelf katten meenemen kan Downing Street veranderen in een kattenkabinet. Zo kreeg Peter eerst gezelschap van Neville Chamberlains Munich Mouser en daarna van Winston Churchill’s Nelson. Laatstgenoemde kat deed dienst als kruik voor de oorlogspremier, wat prettig was in tijd van brandstofschaarste.

De kat als bezuigingsmaatregel (het scheelt bestrijdingskosten voor ongedierte) was een van de redenen dat Margaret Thatcher zeer gesteld was op Wilberforce, die diende tussen 1970 tot 1988. Volgens haar perssecretaris Sir Bernard Ingham was Thatcher zelfs zo gek op de kat dat ze tijdens een bezoek aan Moskou een blik sardientjes voor hem kocht.

De enige katloze jaren waren die van New Labour, omdat de echtgenote van premier Tony Blair katten niet kon uitstaan. Het leidde in 1997 tot het vertrek van Humphrey. Rondom het dier ontstond zelfs een rel, nadat de Conservatieve ex-bewindsman en poezenmens Alan Clark had gesuggereerd dat de kat gedood was. Er werd uiteindelijk een fotosessie geregeld waarin de premiersvrouw Humphrey levend toonde.

Larry Bridges

Geen van de katten werd bij benadering zo bekend als Larry. Hij is de eerste kat die de titel Chief Mouser officieel draagt en sinds zijn ‘aantreden’ lopen de Britse media met hem weg. De pers pakte dan ook uit toen dagblad The Times eind vorige maand onthulde dat de autoriteiten een plan de campagne voor zijn overlijden klaar hebben liggen, compleet met officiële codenaam: ‘Larry Bridges’.

De Britten zouden immers de Britten niet zijn zonder een knipoog: ‘Bridges’ verwijst naar Operation London Bridge, de codenaam van het draaiboek gemaakt voor het overlijden van wijlen koningin Elizabeth. Volgens de Britse krant ligt er een persbericht over de kater klaar, compleet met fotoselectie van dertien jaar Larry in Downing Street.

In aanloop naar de algemene verkiezingen afgelopen juli ontdekte het bekende peilingsbureau Ipsos zelfs de populariteit van het dier: Larry kwam beter uit de bus dan vertrekkend premier Sunak én diens opvolger Starmer. Zijn populariteit steeg alleen maar toen Larry onder het oog van de verveelde media een duif ving, al wist de prooi net te ontkomen. Wil nieuwkomer Prince de echte troonopvolger van Larry worden, dan zal hij dus flink aan de bak moeten.

Drie bekende huisdieren van wereldleiders:

De meest bekende presidentiële kat in Washington is zonder meer Socks, de zwart-witte kater van Bill en Hillary Clinton. Net als Larry werd hij als zwervertje van straat gehaald en uit het asiel geadopteerd.

Een foto van de hond van de Finse president Sauli Niinistö genaamd Lennu ging in 2017 viraal. Het beest, een Boston terriër, leek tot hilariteit van veel Twitter-gebruikers te grijnzen in de armen van zijn baasje.

Toen Barack Obama het Witte Huis nog bestierde, verschenen op de Instagrampagina van de president regelmatig beelden van Bo, een speelse Portugese waterhond. Van het dier werd zelfs een officieel regeringsportret geschoten.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next