Voer duizenden modderwormpjes dronken en ze finishen later op een hindernisbaan. Dat zegt iets over hoe zwermen bewegen, ontdekte een Amsterdams onderzoeksteam. De studie sleepte donderdag een van de Ig Nobelprijzen in de wacht, de ludieke versie van de Nobelprijs.
‘Dit hadden we niet verwacht’, zegt onderzoeksleider Daniel Bonn van de Universiteit van Amsterdam (UvA) over de Ig Nobelprijs voor de Scheikunde die zijn team won. ‘Het is serieus onderzoek, maar ook het leukste vrijdagmiddagexperiment dat we ooit deden.’
Het typeert de Ig Nobelprijzen. In de regel belonen die wetenschappelijk onderzoek dat waardevolle inzichten oplevert, maar vooral op de lachspieren werkt. Bij het wormenonderzoek begon dat met een hersenbreker: er bestond geen systeem om duizenden bewegende sliertjes tegelijk te bestuderen, terwijl deze zogeheten ‘actieve polymeren’ wel degelijk van wetenschappelijk belang zijn.
Over de auteur
Ronald Veldhuizen schrijft voor de Volkskrant over medisch onderzoek, psychologie en (neuro-)biologie.
Omdat de moleculen friemelend bewegen en zich zo tot nieuwe samenstellingen ophopen of juist uiteenvallen, willen de onderzoekers ervan leren hoe scholen vissen, zwermen vogels, maar ook processen in het menselijk lichaam zichzelf organiseren, zoals de wisselwerking tussen vetten en cholesterol in onze celmembranen.
‘Toen kwam opeens mijn collega Sander Woutersen met een zak met duizenden wormen van de dierenwinkel.’ Die krioelen net als de moleculen die de onderzoekers zochten. ‘Dus ineens hadden we wél onze duizenden actieve polymeren.’ De keuze om de wormen (Tubifex tubifex) dronken te voeren, was vervolgens snel gemaakt: ze worden er traag van, en zo konden de onderzoekers bestuderen wat er gebeurt als de sliertjes snel of langzaam bewegen.
Omdat het laboratorium dicht was tijdens de coronapandemie, nam toenmalig bachelorstudent Tess Heeremans de duizenden wormen soms mee naar haar studentenhuis. ‘Haar huisgenoten vonden ze nogal stinken’, lacht Bonn. De resultaten waren in elk geval de moeite waard, vond Heeremans’ dagelijkse begeleider Antoine Deblais.
De pandemie trof ook de Ig Nobelprijzen, vertelt medeorganisator en bioloog Kees Moeliker. De uitreikingen waren de afgelopen vier keer online. ‘Nu is de ceremonie voor het eerst weer fysiek met publiek erbij’, zegt hij. De Harvard-universiteit was jarenlang de gastheer, nu is dat weer het Massachusetts Institute of Technology (MIT), waar de Ig Nobels in 1991 begonnen.
Tien winnende onderzoeksteams kregen er een Ig Nobelprijs en een biljet van 10 biljoen Zimbabwaanse dollar – op de kop getikt voor grofweg 5 euro. De winnende teams komen onder andere uit Frankrijk, Chili, Brazilië, de VS, Hongarije en tweemaal uit Nederland.
De andere Nederlandse Ig Nobel is toegekend aan een verrassende kop-of-muntstudie. Een muntworp zou fiftyfifty moeten zijn, maar na ruim 350 duizend worpen (door 48 verschillende mensen) ontdekte de onderzoeksgroep van Eric-Jan Wagenmakers, overigens ook aan de UvA, dat van elke 100 worpen er bijna 51 op dezelfde kant eindigen als waarop ze startten, iets meer dan je op basis van toeval zou verwachten. Waarschijnlijk zitten er worpen tussen waarbij een muntje geen omwentelingen maakt en alleen maar wiebelt zonder van zijde te keren.
‘De vondst spreekt tot de verbeelding en iedereen heeft er een mening over’, zegt Wagenmakers, die vindt dat een groot deel van de eer moet gaan naar methodoloog František Bartoš, die de studie opzette en uitvoerde.
Bartoš heeft sinds het verrassende resultaat ook weer iets nieuws gevonden: de muntworpafwijking verdwijnt als mensen vaak genoeg muntjes werpen. Ze gooien dan tóch vrijwel evenzo vaak kop als munt. ‘De afwijking is het grootst in de eerste worpen. Daarna verwatert die. En na tienduizend worpen zie je er eigenlijk niks meer van.’
Juist die kritische blik op wetenschappelijke gegevens maakt dat Ig Nobel-winnende onderzoeken grappig zijn én verrassende inzichten opleveren, benadrukt comitélid Moeliker. ‘Het blijven serieuze wetenschappers. Ze hebben niet voor niets tijd, energie en geld gestoken om dat ene probleem uit te knobbelen.’
Planten die de bladvorm van andere planten imiteren, doen zelfs plastic plantjes na. Voor die vondst ontvangen Duitse, Braziliaanse en Amerikaanse onderzoekers de Ig Nobelprijs voor de Botanie. ‘Hun onderzoek is zó inventief’, zegt Ig Nobel-comitélid Kees Moeliker. ‘Vroeger dachten biologen dat planten die andere planten imiteren daarvoor geurstoffen benutten, maar op deze manier tonen ze aan dat deze planten hun buren kunnen zien. Je moet er maar op komen om bij de Action plastic planten te kopen om mee te experimenteren, en dan ontdekken ze ook nog iets belangwekkends.’
De Ig Nobelprijs voor de Geneeskunde ging naar het team van Lieven Schenk, een Belgische onderzoeker in Duitsland, omdat hij proefpersonen na een korte pijnprikkel een neusspray toediende zonder enige medicatie – een placebo dus – maar in de helft van de sprays hete peper had gestopt en dat als ‘bijwerking’ vermeldde. Hoewel de placebo’s bij iedereen pijndempend werkten, deed de neusspray met hete peper dat het best. Vermoedelijke oorzaak: juist vanwege de heftige bijwerking dachten proefpersonen met een krachtig medicijn te maken te hebben.
Opvallend: mensen die het langst leven, komen bijzonder vaak uit regio’s van de wereld waar geen geboortecertificaten bestaan en waar de meeste mensen kort leven. Voor dat ‘detectivewerk’ ontving Saul Justin Newman van University College London de Ig Nobelprijs voor de Demografie.
Er zaten ook dit jaar weer enkele historische onderzoeken tussen de Ig Nobels. Wetenschappers plaatsten in 1939 een kat op de rug van een koe, en lieten vervolgens elke tien seconden een papieren zak gevuld met lucht ‘exploderen’ om te kijken of ze de koe ermee konden laten schrikken, zodat ze meer melk gaf. ‘Van de kat werd afgezien toen bleek dat deze geen effect bewerkstelligde’, aldus Fordyce Ely, wiens dochter de Ig Nobelprijs voor de Biologie in ontvangst nam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant