Home

Noord-Ierland maakt zich het Iers eigen: ‘Een land zonder eigen taal is een land zonder ziel’

De Ierse taal beleeft een wedergeboorte. Die krijgt ook vorm in Noord-Ierland, waar dat gevoelig ligt. Er zijn gratis cursussen, meer Ierstalige scholen, nieuwe straatnamen – en er is hiphopgroep Kneecap. ‘Elk woord Iers is een kogel voor Ierse vrijheid.’

Zo’n dertig cursisten zitten op een donderdagavond in The Points, een pub in het centrum van Belfast, de hoofdstad van Noord-Ierland. Naast de schuimende pints met Guinness en notitieboekjes ligt monopolygeld op de donkerbruine tafels. Op een podium staat de jonge taaldocent Aoife Nic Giolla Cheara. Wanneer ze ‘deich’ zegt, houden sommige cursisten een briefje van 10 pond omhoog. ‘Maith thú’ is de reactie, ‘goed gedaan’ in Ulster Iers, de taal die hier wordt onderwezen aan beginners.

‘Het is geweldig om op deze wijze kennis te maken met ons erfgoed’, zegt sociologiestudent Rosie Machugh (22), die met haar oude schoolvriendinnen Rachel en Niamh voor het eerst is aangeschoven bij deze gratis cursus Iers. ‘Op school raden docenten aan dat we Frans of Spaans als tweede taal nemen, maar Iers betekent meer voor me. Het is gaaf om de taal te leren die van ons eiland is, maar lang is onderdrukt. Vroeger kregen de Ierse scholieren zelfs lijfstraffen als ze hun eigen taal spraken.’

Over de auteur
Patrick van IJzendoorn is correspondent Groot-Brittannië en Ierland voor de Volkskrant.

The Points is een van de kroegen waar cursussen Iers worden gegeven, om precies te zijn Ulster Iers, het Noord-Ierse dialect. In heel Noord-Ierland is het de voertaal op 43 kleuterscholen, 35 basisscholen en twee middelbare scholen. Dat is een groot verschil met 45 jaar geleden, toen er maar één ‘Ierse’ school was met negen leerlingen, Bunscoil Phobal Feirste. Deze Ierse basisschool werd tijdens de burgeroorlog door ouders opgezet en zou pas in 1984 worden erkend.

Voor zo’n tienduizend Noord-Ieren is Iers de eerste taal, terwijl 228.600 bewoners het een beetje spreken, op een bevolking van 1,9 miljoen. Zodra een bus een Iers-nationalistische wijk binnenrijdt, worden haltes naast Engels ook in het Iers omgeroepen, net zoals straatnaamborden daar tweetalig zijn. Ook binnen de overheid is de Keltische taal, die twee jaar geleden na een felle strijd een officiële status kreeg, in opmars. Begin dit jaar klonk het Iers voor het eerst in drie eeuwen tijdens zittingen bij het gerechtshof.

De drie studentes zijn fans van Kneecap, de Ierstalige hiphopgroep die de vaandeldrager is geworden van de taalstrijd en de strijd voor Ierse hereniging. Vanwege een net verschenen bioscoopfilm over de groep prijken de gezichten van de bandleden op stadsbussen en billboards. In de pers wordt Kneecap omschreven als ‘de toekomst van Noord-Ierland’, of zoals de katholieken zeggen: ‘het Noorden van Ierland’. De bandnaam verwijst naar de oude gewoonte van de IRA om knieschijven van verraders kapot te schieten.

Zeven jaar geleden werd de band na een incident opgericht. Aan de vooravond van een demonstratie voor de Ierse taal hadden Móglaí Bap, een van de zangers, en een vriend ‘Cearta’ (‘rechten’) op een muur geschreven. Er volgde een politieachtervolging. ‘Ik ontkwam maar mijn vriend werd opgepakt’, vertelt Móglaí, ‘en weigerde bij het politieverhoor Engels te spreken.’ Door die weigering moest er een tolk komen van een Ierse school. Dat was DJ Próvaí, die het muzikale brein zou worden.

De beginnerscursus in The Points maakt deel uit van een bredere wedergeboorte van het Iers en van de Ierse identiteit. In de Ierse republiek is Iers een verplichte taal in het onderwijs. Steeds meer leden van de Ierse diaspora volgens cursussen Iers. Twee jaar geleden was An Cailín Ciúin (Het Stille Meisje) de eerste Ierstalige speelfilm met een Oscar-nominatie. ‘Wil een taal overleven’, zei regisseur Colm Bairéad destijds, ‘moet deze aanwezig zijn op cultureel gebied.’

‘Engels is symbool van overheersing’

Andere Keltische talen herleven ook. In het Britse parlement legden afgelopen zomer alle zes afgevaardigden uit Cornwall hun eed af in het Cornish, een taal die nagenoeg uitgestorven is. De vertegenwoordiger van de Westelijke Eilanden in Schotland zwoer in het Schotse Gaelic op een Bijbel in die taal. De leden van Sinn Fein, de pro-Ierse partij in Noord-Ierland, zouden in het Iers hebben gezworen, ware het niet dat ze principieel het Lagerhuis boycotten.

In Noord-Ierland ligt de Ierse taal gevoeliger dan elders, omdat de ene helft van de bevolking pro-Iers is en de andere helft pro-Brits. ‘Voor de nationalisten is Engels het symbool van de Britse overheersing op het Ierse eiland’, zegt Siobhra Aiken, verbonden aan de afdeling Ierse en Keltische studies van Queen’s University Belfast. ‘Engels werd door de eeuwen de officiële taal, terwijl Latijn de voertaal bleef in de rooms-katholieke kerk. Het Iers, de volkstaal, verdween langzamerhand.’

Voor inwoners van een emigratieland was Engels bovendien een ‘paspoort’ om in landen als Amerika en Engeland een nieuw leven op te bouwen. Aiken wijst erop dat de eerste opleving van het Iers in Amerika was, waar Ierse immigranten in Brooklyn een tweetalige krant opzetten, net zoals Polen en Russen dat hadden gedaan. De tweede opleving kwam na de Ierse onafhankelijkheid van 1921. In Noord-Ierland echter, dat onder Brits bestuur bleef, werd Iers de taal van het nationalistische verzet.

Dat blijkt tijdens het gesprek met Aiken in een café van het buurtcentrum Glór na Móna (‘de stem van het veenmoeras’), gelegen in de Gaeltacht, de Ierstalige wijk. De koffie wordt opgediend door een vrouw wier voornaam Léann (voluit Leigheann) ‘leren’ of ‘studeren’ betekent. ‘Die naam is me gegeven door mijn vader, die tijdens The Troubles gevangen zat. Ierse gevangenen gebruikten hun tijd in de cel onder meer om Iers te leren en spraken Iers met elkaar zodat de cipiers niet konden meeluisteren.’

Hierdoor kreeg het Iers de bijnaam Jailtacht, gevangenistaal. Dat thema duikt op in de film Kneecap over de hiphopband, waarin Michael Fassbender de vader van Móglaí Bap speelt, een voortvluchtige IRA-dissident. Hij is de enige van de drie bandleden die van huis uit Iers heeft meegekregen. Een boodschap van zijn vader is het credo van de band geworden: Elk woord Iers is een kogel voor Ierse vrijheid.’ ‘Het Iers is cruciaal bij de dekolonisatie’, zegt Moglai Bap, wiens echte naam Naoise verwijst naar een Keltische koning.

Het trio behoort tot de ‘vredesgeneratie’ die is opgegroeid na het Goede Vrijdagakkoord van 1998. De opkomst van Kneecap is onlosmakelijk verbonden met de strijd voor de Ierse taal. In 2017 nam Sinn Fein-leider Martin McGuinness ontslag als vicepremier nadat de pro-Britse DUP had besloten geen subsidie meer te verstrekken aan excursies voor scholieren naar taalcursussen in Donegal, het graafschap in het noordwesten van Ierland waar veel Iers klinkt.

Zeven jaar later is de politieke situatie veranderd, nu Sinn Fein met Michelle O’Neil als premier voor het eerst de baas is in Noord-Ierland. Volgens Kneecap-zanger Mo Chara is het niet de vraag of maar wanneer er een Ierse hereniging komt. De taal speelt daarbij een cruciale rol. ‘Een land zonder eigen taal is een land zonder ziel. Neem de naam Belfast, in het Engels betekent dat niets. Het komt van het Ierse Beal Feirste, de mond van de Farset-rivier. Dat zegt ons wel iets.’

Na spraakmakende incidenten – het scanderen van Get the Brits Out bij het bezoek van de Britse prins William – is de band vergeleken met Sex Pistols. ‘Onze muziek is provocatie, maar houdt de samenleving een spiegel voor’, zegt DJ Próvaí, die vanwege het lidmaatschap van deze omstreden band zijn baan als docent moest opgeven. Hij wijst erop dat Kneecap een breed thema onder de aandacht brengt. ‘Elke veertig dagen sterft een inheemse taal. Onze taalstrijd is universeel.’

Strijd tegen ‘ver-iersing’ straatnamen

Deze strijd wekt weerstand in het andere deel van Belfast. DUP-prominent Ian Paisley, zoon van de bekende dominee, was woedend toen hij hoorde dat de Kneecap-film mede was gefinancierd door de belastingbetaler. Ondertussen strijden DUP-raadsleden tegen de ‘ver-iersing’ van straatnamen. In het welvarende zuiden van Belfast werd deze zomer het tweetalige straatnaambord voor Cranmore Gardens beklad. Bij een stemming over de benaming was het aantal voor- en tegenstanders in de straat precies even groot.

‘Ik zie het probleem niet’, zegt Thomas Hughes, een van de taaladviseurs van de gemeente. ‘Cranmore komt van Crann Mór, wat ‘grote boom’ betekent. Niet bepaald een politieke stellingname.’ Wanneer 15 procent van de bewoners van een straat een Ierstalige toevoeging wenst, gaat de gemeente aan het werk. Zodoende is de 25-jarige Hughes dagelijks op zoek naar betekenissen en vertalingen. Dat werk zal toenemen nu de gemeente van plan is om, vanwege de kosten, niet per straat maar per wijk te gaan kijken.

Over dit voorstel zullen komende maanden inspraakavonden plaatsvinden. Het kan een interessante situatie opleveren op Lanark Way, een verbindingsweg tussen de nationalistische Falls-wijk en de oer-unionistische Shankill, een wijk waarvan de naam is afgeleid van het Ierse Seanchille, oftewel ‘oude kerk’. De straat wordt gespleten door de Vredesmuur, waarvan de poorten elke avond dichtgaan. Plan is om de straat aan de katholieke kant tweetalig aan te duiden, terwijl het aan de protestantse kant louter Engels blijft.

Niet iedereen in protestantse kringen staat vijandig tegen het Iers. ‘Er is niets om bang voor te zijn,’ zegt taalactivist Linda Ervine. ‘Vroeger werd het Iers gesproken door mensen uit beide gemeenschappen.’ In de East Belfast Mission, een buurtcentrum in het unionistische oosten van de stad, vertelt Ervine dat ze de schoonzus is van een oud-leider van de Progressive Unionist Party, David Ervine. Diens gezicht is vereeuwigd op een van de vele muurschilderingen in de Shankill.

Ervine vertelt dat er komische misverstanden bestaan over de taal. ‘Sommige unionisten denken ten onrechte dat ‘Belfast’ een verwijzing is naar het ‘mooie’ en ‘snelle’ paard van koning William III of Orange. ‘Deze Britse koning (‘King Billy’) en katholiekenvreter geniet al eeuwen een goddelijke status bij de pro-Britse unionisten, wat ook geldt voor zijn witte paard.

Als manager van het Turas-taalproject is Ervine het brein achter de eerste Iers-talige kleuter- en basisschool in het protestantse oosten van de stad, de Scoil na Seolta (‘school van de zeilen’). ‘Mensen in de unionistische gemeenschap beginnen te beseffen dat interesse in de taal niet politiek hoeft te zijn’, zegt Aodán Mac Séafraidh, de schooldirecteur die als katholiek opgroeide in het unionistische bolwerk Carrickfergus. ‘De taal verrijkt de band die mensen hebben met hun omgeving.’

Het neemt niet weg dat er weerstand is tegen de komst van een nieuw schoolgebouw, op de plek waar vroeger de school van de zanger Van Morrison stond. De unionistische actiegroep Let’s Talk Loyalism protesteert tegen de bouwplannen. ‘In dit deel van de stad is Iers voor 0,02 procent van de bewoners de eerste taal, en het is zelfs 0 procent in Orangefield waar de school moet komen. Er is geen vraag naar’, beweert de groep.

Tekort aan docenten dreigt

Voorlopig zijn er 28 aanmeldingen voor de school die dit najaar van start gaat. De kleuterklas is al begonnen en huist tijdelijk in een presbyteriaanse kerk. ‘Fáilte’, welkom, zegt Ciara Moore (26), die met twee collega’s zeven kinderen begeleidt. Op de uniformpjes prijken de gele hijskranen van de werf waar de Titanic is gemaakt. ‘Ik doceerde in een katholieke wijk’, zegt de juf, ‘en toen ik collega’s vertelde dat ik naar een ‘gemengde’ school in het oosten ging, klonk er ongeloof. Ze vroegen zich af waar ik aan begon.’

In de klas spreekt Moore, een Ierse wier partner uit een protestants milieu komt, alleen Iers, in de hoop en verwachting dat de kinderen dat spelenderwijs vanzelf zullen oppikken. Tijdens de pauze – ‘am sosa’ – spreekt alleen een 4-jarig meisje (wier naam om veiligheidsredenen niet kan worden vermeld) de taal. Ze heeft, zo vertelt Moore, een katholieke vader en een protestantse moeder.

Op Noord-Ierse scholen is Iers opgeklommen naar de tweede plek van vreemde talen, achter Spaans, maar voor Frans en Duits. Volgens taaldeskundige Siobhra Aiken zijn er, naast vijandigheid binnen unionistische kringen, twee hindernissen voor verdere popularisering. ‘De Britse regering heeft bepaald dat middelbare scholieren geen vreemde taal meer hoeven te kiezen, wat rampzalig is voor de toch al geringe talenkennis op de eilanden. En er is een tekort van docenten Iers aan het ontstaan.’

Dat laatste wordt in de pub beaamd door taaldocent Cheara. ‘Door de populariteit van het Iers onder de diaspora is er een exodus van docenten naar het buitenland, waar het inkomen vaak hoger is.’ Ze vertelt dat haar moeder, die vroeger les heeft gegeven aan twee van de drie leden van Kneecap, Iers heeft gedoceerd in het Nabije Oosten. Zelf heeft ze die ambities niet. ‘Het is spannend om in Noord-Ierland deze wedergeboorte van de taal mee te maken. Hoe meer talen mensen leren, hoe beter ze elkaar begrijpen. Zeker hier.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next