Donderdag begon het proces tegen Martijn N., die terechtstaat voor tien zedenfeiten en een poging tot zware mishandeling. In de rechtbank erkent de oud-directeur van modeplatform Moam dat hij hardhandig was tijdens dates, maar ontkent hij ‘elke vorm van dwang’.
Voor Martijn N. (36) volgde alles altijd logisch op elkaar: het eerste online contact, de wandeling door Amsterdam, eten, een film kijken, zoenen en ja, ook hardhandige seks. De jonge mannen die hem beschuldigen van verkrachting hebben een andere lezing. Zij werden totaal overrompeld door de verbaal en fysiek dominante Amsterdammer.
In de rechtbank moet hij zich nu verantwoorden voor zes verkrachtingen, twee pogingen tot verkrachting en ontucht met twee minderjarigen. Ook wordt hij verdacht van een poging tot zware mishandeling in 2015, een kwestie die volgens de verdachte niet meer is dan een ‘dronkemansworsteling’ tussen twee vrienden.
Over de auteur
Loes Reijmer is verslaggever van de Volkskrant. Ze schrijft onder meer over migratie, asiel en polarisatie
Er was een tijd dat Martijn N. nog wel met zijn achternaam in de krant stond. Als de jonge, charismatische oprichter van modecollectief Moam werd hij gevierd in de media. Hij koppelde net afgestudeerd modetalent aan gevestigde namen, organiseerde modeshows in onder meer het Rijksmuseum, werkte samen met bedrijven als Hema, KLM en Zalando. Het Amerikaanse zakenblad Forbes plaatste hem in 2018 op een lijst met succesvolle, jonge ondernemers.
Er gingen al verhalen over hem rond in Amsterdam. Jonge, homoseksuele mannen waarschuwden elkaar voor hem. Die verhalen werden in 2021 wereldkundig na de publicatie van een gezamenlijk onderzoek door NRC en Het Parool, waarin twintig mannen hem van gewelddadig en grensoverschrijdend seksueel gedrag beschuldigden. Dat verhaal leidde tot aangiften en meldingen bij de politie.
De verdachte doet er niet besmuikt over: hij had een druk seksleven. De afgelopen maanden reconstrueerde hij met hoeveel mannen hij het bed heeft gedeeld. ‘Ik kwam uit op 1.912, met een onzekerheidsmarge van 5 procent’, vertelt hij de rechters. Onbeschroomd beantwoordt hij hun vragen over seks. Al om half tien in de ochtend gaat het in de rechtbank Amsterdam over ‘quick fucks’ en droogneuken.
Over zijn voorkeuren was hij ook altijd duidelijk, zegt de Amsterdammer. In zijn profiel op homodatingapp Grindr had hij bijvoorbeeld staan dat hij van choken hield, kortstondig wurgen, en dat hij dominant in bed was. Zijn dates hadden kunnen weten dat het er ruw aan toe zou gaan, suggereerde hij.
De jonge mannen die aangifte deden, vertelden aan de politie vaak hetzelfde verhaal. Dat het zoenen op de bank al snel hardhandig werd. Dat N. ze vervolgens oppakte en in de slaapkamer op bed gooide. Vaak kwam het vrijwel direct tot anale seks, voordat ze er klaar voor waren of mee instemden. Ze bevroren, wisten zich niet goed te verzetten.
Voor N. was er gewoon sprake van ‘een opbouw’. Neem de jonge man met wie hij eerst urenlang door Antwerpen liep, zoende buiten bij het café en daarna meenam naar zijn hotelkamer. ‘Dat was voorspel van 4,5 uur’, zegt hij.
Hij geeft toe dat hij hardhandig was, dat hij snel handelde. Nu weet hij, na gesprekken met zijn psychiater, dat hij te weinig pauzes inbouwde en dat zijn dates misschien te weinig de ruimte voelden om te stoppen – ook al was die er volgens hem wel. ‘Ik heb grenzen opgezocht, maar ben er niet bewust overheen gegaan’, zegt hij. En: ‘Ik ontken elke vorm van dwang. Dat is het grijze gebied waarover we hier vier dagen spreken.’
‘O’, reageert de voorzitter van de rechtbank, ‘u heeft het al geanalyseerd.’
Twee jongens waren 15 jaar oud ten tijde van de eerste date, waarbij de verdachte aantekent dat ze aanvankelijk hadden beweerd ouder te zijn. Ze keken tegen hem op, vonden hem interessant en knap. ‘Ik snap dat ik met mijn rug tegen de muur sta en dat het er slecht uitziet’, zegt de verdachte. ‘Maar deze jongens wilden ook met míj afspreken.’
De rechters en officier van justitie vragen hem of hij op minderjarigen valt. Nee, antwoordt hij, maar hij heeft wel een specifieke voorkeur: jongensachtig, ‘type intellectuele kluns’. Die kunnen 18 jaar zijn, maar ook ouder. ‘Ik vind Mark Rutte ook superknap en geil.’
N. reageert donderdag open, scherp en geregeld stekelig op vragen. Als de officier van justitie, zelf met snor, doorvraagt over de voorkeuren van de verdachte, antwoordt die: ‘Ik val nog steeds niet op mannen met snor.’
Hij wordt emotioneel als het gaat over een appje dat hij onlangs terugvond van een van de jonge mannen die aangifte deed. ‘Ik vond het superleuk en wil je graag snel weer zien’, had die geappt na afloop van de date. ‘Het is heftig’, zegt N. huilend. ‘Mijn ouders zitten hier en moeten alles aanhoren. Ik weet donders goed dat ik dominant en geen Heilige Maagd Maria ben geweest, maar dit appje laat zien dat ik gelijk heb.’
Volgens N. is het veelzeggend dat veel aangiften en meldingen pas zijn gedaan na de publicaties in NRC en Het Parool. In zijn ogen zou het gaan om mannen die zich afgewezen voelden. Hun herinneringen zouden door de berichtgeving gekleurd zijn. De rechter houdt hem daarop voor dat slachtoffers van seksueel geweld weten dat een aangifte niet niets is en dat ze vaak pas iets durven te ondernemen als blijkt dat ze niet alleen zijn.
De zaak zal volgende week nog twee of drie dagen in beslag nemen. Dan krijgen de vermeende slachtoffers spreekrecht en komt de psyche van N. aan de orde, die borderline zou hebben. ‘Voor mij was het coping’, zegt hij donderdag al over zijn persoonlijke omstandigheden. ‘Waar andere mensen gaan snuiven, gokken of kantklossen, had ik mijn seksuele avonturen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant