De twee prominente Pakistanen die opriepen tot het ophangen of onthoofden van Geert Wilders zijn maandag door de rechtbank veroordeeld tot 4 en 14 jaar gevangenisstraf.
Al twee keer eerder werden Pakistanen veroordeeld voor het bedreigen van Wilders. In 2019 kreeg Junaid I. 10 jaar celstraf voor het voorbereiden van een aanslag op de PVV-leider. Vorig jaar werd Khalid Latif, een oud-cricketspeler, veroordeeld tot 12 jaar cel.
Maandag ging het om de politicus en moellah Muhammed Ashraf Asif Jalali (56) en Saad Hussain Rizvi (29), leider van de islamitische partij Tehreek-e-Labbaik. Beiden zijn door de rechtbank schuldig bevonden aan ‘opruiing tot en bedreiging met moord op Wilders’. Het Openbaar Ministerie had respectievelijk 14 en 6 jaar geëist.
De twee Pakistanen waren niet aanwezig bij de uitspraak, die plaatsvond in het zwaarbeveiligde Justitieel Complex Schiphol. Nederland heeft geen uitleveringsverdrag met Pakistan, maar probeert het land zover te krijgen de twee uit te leveren. Die pogingen hiertoe zijn tot nu toe mislukt, maar het kabinet zegt zich daar niet bij neer te leggen.
De straf voor Jalali is hoger, onder meer omdat de religieuze leider, met honderdduizenden volgers op YouTube, een grotere impact heeft met zijn uitspraken dan Rizvi. Met name de fatwa (een bindend juridisch advies binnen de islam) die Jalali over Wilders heeft uitgesproken, had volgens de PVV-leider grote gevolgen.
Tijdens de zitting vorige week vertelde Wilders over de effecten van de doodsbedreigingen waarmee hij al ruim twintig jaar dagelijks te maken heeft. Zo woont hij in een safehouse en wordt hij 24 uur per dag beveiligd.
De eerder veroordeelde Latif deelde in 2018 op Facebook een video waarin hij 21 duizend euro op Wilders’ hoofd zette. Aanleiding was een cartoonwedstrijd over de islamitische profeet Mohammed die de PVV-leider had bedacht.
De wedstrijd ging niet door, maar veroorzaakte veel ophef in de islamitische wereld. In Pakistan, en ook in andere islamitische landen, waren demonstraties tegen het evenement.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant