De provincies kunnen voorlopig stoppen met hun stikstofbeleid en de gemeenten met hun bed-bad-broodopvang. Maar hoe het dan verder moet met de boeren en de uitgeprocedeerden kon het kabinet deze week niet vertellen.
is chef van de politieke redactie van de Volkskrant.
Bed. Bad. Brood. Drie verkiezingen geleden brachten die woorden het kabinet Rutte II aan de rand van de afgrond. Aanwezigen getuigden in april 2015 van ‘geschreeuw en getier’ in de keuken van het Torentje, waar premier Mark Rutte en PvdA-leider Diederik Samsom met verhitte hoofden tegenover elkaar stonden. Het was de climax van een gevecht dat al dagen woedde over de opvang van afgewezen asielzoekers. De VVD had zojuist voorgesteld om voortaan iedereen die uitgeprocedeerde mensen hielp – kerken, vrijwilligers, maatschappelijke organisaties – financieel te straffen. Samsom wist genoeg: als de VVD wilde breken, had Rutte dat ook op een andere manier duidelijk kunnen maken.
Er kwam een compromis, zoals altijd. De opvang mocht blijven, maar alleen in de grote steden en Ter Apel. En lekker zat het de VVD nooit. In verkiezingsprogramma’s keerden de liberalen steeds terug naar hun standpunt: de financiering van opvang voor uitgeprocedeerde asielzoekers wordt afgeschaft. Maar altijd was er een coalitiepartner die roet in het eten gooide. Na de PvdA kwamen D66 en de ChristenUnie.
Over de auteur
Raoul du Pré is chef van de politieke redactie van de Volkskrant.
Alles over politiek vindt u hier.
Op het partijkantoor van de liberalen zal deze week dan ook even zijn teruggedacht aan vorig jaar, toen de VVD het vierde kabinet Rutte opblies. Daar zijn allerlei redenen voor aangevoerd, maar de onderliggende motivatie was strategisch van aard: de VVD zag eindelijk kansen op een rechts kabinet zónder partijen die direct gebukt gaan onder scrupules zodra het om aanscherpingen van het asielbeleid gaat.
Dat tenminste dát deel van de gok goed is uitgepakt, bleek deze week: PVV-minister Faber deelde via X op een achternamiddag zonder veel omhaal mee dat het over vier maanden afgelopen is met de rijksfinanciering van de bed-bad-broodopvang. ‘Ik zet in op terugkeer.’
En dat was dat. Niemand die protesteerde dit keer. Althans niet binnen de regeringscoalitie. Wethouders van de grote steden lieten meteen weten dat het zonder opvang niet zal gaan. Er zullen altijd uitgeprocedeerden zijn die om wat voor reden dan ook niet terug kunnen naar hun land van herkomst. Mensen gaan op straat belanden, met alle problemen van dien. De protestantse kerken zien Nederland ‘door een morele ondergrens zakken’.
De gemeentebestuurders die zich door Faber overvallen voelden, hadden één troost: ze konden hun smart delen met hun collega’s in de provinciehuizen. Die kregen pardoes van minister Wiersma van Landbouw (BBB) te horen dat ze voorlopig mogen stoppen met hun plannen om de stikstofneerslag op de natuurgebieden te verminderen. Helemaal verrast waren ze niet over dat bericht – het budget was ook al met 80 procent verlaagd – maar wel over de timing: jaren werk kan in de prullenbak, terwijl Wiersma woensdag desgevraagd nog geen begin van een alternatief bleek te hebben om het land van het ‘stikstofslot’ te halen.
‘Eén maatregel die gaat meewerken aan een oplossing? Ja poeh…’, stamelde ze, uitgedaagd door de oppositie. Waarna ze ‘stalinnovatie’ noemde en ‘voermaatregelen’, opties die al uitgebreid zijn onderzocht en niet meer bleken dan druppels op de gloeiende plaat. ‘We moeten niet gaan doen alsof we niets weten’, merkte VVD-Kamerlid Thom van Campen droogjes op.
En daar bleef het niet bij. Anders dan Fabers bed-bad-broodmededeling leidde Wiersma’s optreden wél tot zichtbaar ongemak in de coalitie. De VVD, met haar langjarige bestuurstraditie, en NSC, die ‘goed bestuur’ zo’n beetje tot haar bestaansreden heeft verheven, wisten zich duidelijk geen raad met de situatie en protesteerden niet toen de oppositie de minister beschuldigde van ‘je reinste pyromanenpolitiek’ en ‘bestuurlijk vandalisme’.
Wel legde Van Campen uit dat hij liever trouw was gebleven aan de aanpak van het vorige kabinet. ‘Maar ik constateer ook dat we verkiezingen hebben gehad en dat er partijen zijn die denken dat het anders kan.’ Waarna hij Wiersma waarschuwde dat ze snel met een geloofwaardig alternatief moet komen om het doel, veel minder stikstofemissie, alsnog in zicht te krijgen. ‘Want rechters zullen ons daaraan houden.’
Nog voordat het Kamerdebat was afgelopen kwam uit de provinciehuizen het bericht dat de regionale stikstofdoelen ‘gewoon blijven staan’. Want ‘we moeten vooruit met woningbouw, verduurzaming en infrastructuur’. Bijna gelijktijdig lieten de grote steden weten dat hun bed-bad-broodopvang open blijft, ook zonder rijksbijdrage. Want ze moeten toch wat, zolang ook Faber geen oplossing heeft voor de uitgeprocedeerden.
En zo kon minister-president Schoof na een turbulente week vaststellen dat zijn team bij de herstart van het parlementaire jaar op twee van de meest prominente dossiers wel veel onrust veroorzaakte met uitdragen wat het niet wil, maar daar weinig eigen inspiratie tegenover zette.
Ook kon de coalitie niet verhullen dat het landbouwdossier nog tot grote interne spanningen gaat leiden. Dat de NSC-fractie de BBB-minister woensdag in haar tweede Kamerdebat ‘geen goed bestuur’ verweet, zal voorlopig worden geschaard onder de extraparlementaire vrijheid die de partijen elkaar nou eenmaal gunnen, maar helemaal gerust op de afloop kan de premier toch nauwelijks zijn.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant