De vader van een 14-jarige jongen die verdacht wordt van een schietpartij op school, is vrijdag aangeklaagd wegens doodslag. Dat is de zwaarste aanklacht die in de Verenigde Staten ooit is ingediend tegen een ouder van een vermeende schoolschutter.
Volgens de aanklagers stond Colin Gray (54) toe dat zijn zoon een semi-automatisch wapen had (hij had het hem anderhalf jaar geleden zelf gegeven als kerstcadeau, red.) terwijl hij wist dat de jongen een bedreiging voor zichzelf en anderen was.
Afgelopen woensdag werden er twee leerlingen en twee leraren neergeschoten op de Apalachee-school in het stadje Winder, ten oosten van de stad Atlanta. De politie was snel ter plaatse en de jonge schutter heeft zich direct overgegeven. Vrijdag, twee dagen na het drama, verschenen vader en zoon voor het eerst kort in de rechtszaal voor een korte zitting rondom de procedures.
Over de auteur Sacha Kester is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over België, Israël en de Palestijnse gebieden, en het Midden-Oosten.
Omdat hij minderjarig is, vertelde de rechter, loopt de 14-jarige Colt Gray niet het risico te worden veroordeeld tot de doodstraf. Zijn vader kreeg te horen dat de maximale straf die hem boven het hoofd hangt (waaronder doodslag en wreedheid jegens kinderen) zou kunnen oplopen tot 180 jaar cel.
Het gebeurt bijna nooit dat een van de ouders van een verdachte van een schietpartij wordt aangeklaagd, maar de laatste tijd groeit de bereidheid om hen verantwoordelijk te stellen in spraakmakende zaken. Dit jaar werden de ouders van een tiener die op een school in Michigan vier mensen doodschoot, veroordeeld voor doodslag. Ook zij hadden het pistool als kerstcadeautje aan hun kind gegeven - een jongen die op dat moment 15 jaar oud was. Zij reageerden bovendien niet op waarschuwingen van school, en weigerden de psychische hulp die werd aangeboden.
‘De feiten van beide zaken lijken zoveel op elkaar’, zei Karen McDonald, officier van justitie van Oakland county, vrijdag. ‘Het is moeilijk om te zien dat dergelijke feiten zichzelf herhalen. Mijn oprechte hoop was dat er nooit meer een reden zou zijn om ouders aan te klagen voor een schietpartij op school.’
Een jaar geleden werden Colin Gray en zijn zoon verhoord door de lokale politie omdat de jongen online zou hebben gedreigd met een schietpartij op school. Het kind ontkende dat hij achter die bedreigingen zat, en omdat de politie de zaak niet hard kon maken, werd het onderzoek uiteindelijk gesloten. Enkele maanden later gaf zijn vader hem een semi-automatisch wapen cadeau.
De tante van de jongen vertelde Amerikaanse media dat het kind de afgelopen maanden ‘gesmeekt had’ om mentale gezondheidsondersteuning, en dat dit werd genegeerd. Een van de opa’s, Charles Polhamus, zei eerder deze week al te hopen dat ook de vader werd aangeklaagd. ‘Als het kind geen geweer had gehad, had hij ook niemand kunnen vermoorden.’
Sinds twee leerlingen in 1999 in het stadje Columbine vijftien mensen dood schoten op hun eigen school, zijn er in de VS zeker 195 schietpartijen op scholen geweest. Volgens de Washington Post werd hiervoor in 80 procent van de gevallen een wapen gebruikt dat kinderen uit hun eigen huis, of dat van familieleden of vrienden hadden meegenomen. In slechts elf gevallen werden de volwassen eigenaars aangeklaagd omdat zij hun wapens niet goed hadden opgeborgen.
School shootings zijn onlosmakelijk verbonden met de discussie over de Amerikaanse wapenwetgeving. Democraten, doorgaans voorstanders van strengere wapenwetgeving, wijzen erop dat scholieren en studenten in hun ogen te makkelijk aan wapens kunnen komen. Republikeinen richten zich over het algemeen op de mentale staat van daders, in plaats van op de wapens die zij gebruiken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant