Het jonge Eindhovense bedrijf Carbyon gaat met nieuw opgehaalde miljoenen kooldioxide uit de lucht vissen. Volvo gaat tegen de belofte in toch nog even door met benzine-auto’s.
Als Nederland de klimaatdoelen wil halen, moet het ook werk maken van de verwijdering van CO2 uit de lucht. Zo adviseerde de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR) het nieuwe kabinet onlangs snel beleid te ontwikkelen voor zogenoemde direct air capture. Alleen bestaan CO2-stofzuigers nog nauwelijks. De techniek is kostbaar en energie-onzuinig.
In deze rubriek beoordeelt de economieredactie personen uit het bedrijfsleven die de afgelopen week een succes boekten of tegenslag te verduren kregen.
Carbyon, een jong Eindhovens bedrijf, denkt de sleutel in handen te hebben om kooldioxide makkelijker uit de lucht te vissen. Het werkt aan een technologie die eerder is ontwikkeld door innovator TNO, waarbij op een film een extreem dun laagje materiaal wordt aangebracht dat reageert met CO2. De minieme hoeveelheid kooldioxide in de lucht (422 deeltjes op een miljoen) stroomt langs de dunne film en ‘hecht’ zich aan het materiaal, waarna de lucht gezuiverd is.
Volgens Carbyon vergt zijn methode honderd keer minder tijd en veel minder energie, waardoor het financieel haalbaar moet worden. Eerder stak Elon Musk (Tesla, SpaceX) al een miljoen in Carbyon en deze week maakte ceo Hans de Neve bekend dat het in een nieuwe investeringsronde 15,3 miljoen euro heeft opgehaald, met Siemens als belangrijkste investeerder. In totaal is er nu 25 miljoen binnen.
Een prototype is er nog niet, toch denkt De Neve rond 2030 jaarlijks ongeveer 5 megaton CO2 te kunnen afvangen en moet dit rond 2050 zijn opgelopen tot honderden miljoenen tonnen. Partners als Siemens hebben volgens de ceo mogelijkheden het bedrijf te helpen opschalen bij de producties van zijn CO2-stofzuigers. ‘Nog niemand is erin geslaagd om op een kosteneffectieve manier CO2 terug uit de atmosfeer te halen’, zegt De Neve in het Financieele Dagblad. ‘Wij denken dat dat wel kan.’ Mocht hij slagen, dan is hij nu alvast de winnaar van de week.
Drie jaar geleden wist voormalig Volvobaas Håkan Samuelsson het nog zeker: ‘Tegen 2030 wil geen enkele automobilist nog vasthouden aan de benzinemotor’, zei hij. Dus zou de Zweedse autofabrikant vanaf dat jaar alleen nog maar volledig elektrische auto’s bouwen. Volvo was destijds niet de enige: diverse andere fabrikanten hadden aangekondigd de verbrandingsmotor snel vaarwel te zeggen.
Deze week moest Samuelssons opvolger op zijn schreden terugkeren. ‘De helft van onze afzetmarkten hebben veel meer tijd nodig om emissievrij te worden’, verklaarde Jim Rowan. Het concern zal na 2030 ook nog hybride auto’s verkopen, die dus ook nog een benzinemotor aan boord hebben. Sterker nog, maximaal een op de tien Volvo’s hebben in 2030 niet eens een stekker en zullen dus nog volledig op benzine rijden (diesel is al wel door de Zweden in de ban gedaan).
Rowan wijst op ‘veranderde marktomstandigheden’ en een lagere vraag naar e-auto’s. Ook de door Brussel ingestelde heffingen op e-auto’s uit China spelen een rol: Volvo produceert veel van zijn e-auto’s in China en moet een hogere prijs betalen om ze naar Europa te halen.
De verpoverde ambitie is Volvo volgens Rowan niet aan te rekenen: het zijn de invoerheffingen, een tekort aan laadpalen en wegvallende subsidies die hem tot dit besluit dwongen. Een nieuwe deadline heeft Rowan zichzelf niet opgelegd.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant