Nederlandse chipbedrijven als ASML moeten met het oog op "onze veiligheid" voortaan ook een vergunning aanvragen als ze oudere chipmachines willen verkopen buiten de Europese Unie. Dat heeft minister Reinette Klever (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp) aangekondigd.
Eerder gold er alleen een vergunningsplicht voor nieuwere machines. Maar omdat het nu ook mogelijk is om de modernste chips te maken met oudere apparatuur, breidt Klever de vergunningsplicht uit.
Voor ASML verandert er niet veel, aangezien het chipbedrijf deze vergunning eerder al moest aanvragen in de Verenigde Staten. Door het besluit van de minister wordt deze controle op de export nu in Nederland zelf uitgevoerd.
De technologie van halfgeleiders kan onder meer nuttig zijn voor militaire doeleinden. Zo zit de techniek in navigatie- en communicatiesystemen.
"Ik neem deze beslissing voor onze veiligheid", schrijft Klever. Volgens de minister zijn er meer veiligheidsrisico's door de export van deze apparatuur. "Zeker in de huidige geopolitieke context."
Door de uitbreiding van de handelsbeperking houdt het kabinet zicht op de ontvangers van de technologie. Bij de beoordeling van zo'n vergunningsaanvraag beoordeelt de overheid in wiens handen de machines komen.
AMSL spreekt van een "technische wijziging". Het bedrijf verwacht niet dat het aangepaste beleid invloed heeft op de financiële vooruitzichten voor dit jaar of voor de langetermijnscenario's.
Eerder uitte ASML-topman Christophe Fouquet zich kritisch over de handelsbeperkingen vanuit de VS voor chipmachines. Hij vroeg zich af of het gaat om veiligheidsbelang of economisch belang. De VS en China zitten namelijk in een technologische strijd met elkaar. Minder geavanceerde chips voor China zou in het voordeel zijn van de VS.
Source: Nu.nl economisch