Libellen kunnen beter zien als de temperatuur stijgt. Volgens wetenschappers worden neuronen in hun hersenen tot negen keer gevoeliger voor bewegingen.
Libellen zijn uitstekende jagers. Ze kunnen hun prooi succesvol achtervolgen als de zon schijnt, maar ook als het bewolkt is en ook in rommelige omgevingen. Dat komt volgens het onderzoek door speciale neuronen in de hersenen van libellen: de small target motion detector (STMD).
Deze zijn gevoelig voor doelcontrast, dat wil zeggen gevoelig voor grootte en snelheid van datgeen waar ze heen vliegen. Die STMD's worden nog veel gevoeliger als het buiten warmer wordt, blijkt uit onderzoek dat is gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Current Biology.
Onderzoekers gebruikten hersenopnames van libellen om computermodellen te maken die exact hetzelfde doen als de insecten. Die modellen konden kleine, snel bewegende drones detecteren en dat vermogen verbeterde bij hogere temperaturen. De hersenen van libellen regeren dus heel snel op de omgeving, in dit geval een stijging van de buitentemperatuur.
Wetenschappers kunnen hier inspiratie uit opdoen als ze technische problemen moeten oplossen, schrijven de onderzoekers. Dieren en planten veranderen snel als reactie op externe factoren, zoals temperatuur. "Daar moeten we in andere facetten van de wetenschap ook rekening mee houden."
Er bestaan zo'n zesduizend soorten libellen. In Nederland leven ongeveer zeventig verschillende soorten. Ze worden 2 tot 11 centimeter lang en leven vaak rondom het water. Libellen zijn koudbloedig en kunnen hun temperatuur ook niet goed regelen. Daarom verschilt de temperatuur in hun lichaam en hersenen gedurende de hele dag door.
Source: Nu.nl algemeen